127: Baas over je eigen infrastructuur en je eigen data. Belangeloos fotograferen voor Against Cancer. Reviewstrategie: positief en negatief.

Play

Reputatie Coaching PodcastOp het moment dat deze podcast uitkomt zit ik in de bus richting Duitsland om een paar dagen lang foto’s te maken. Daarover zo meer. Positieve reviews ontvangen is leuk! En reageren op zowel negatieve als positieve reviews loont! Meer over reviews: ik heb een voorbeeld van een succesvolle reviewstrategie en een voorbeeld van een minder succesvolle methode om reviews te verzamelen. De podcast van vandaag sluit ik af met een omvangrijk topic over het belang van “eigen baas zijn” over je infrastructuur en je data om daarmee schade in geval van calamiteiten te minimaliseren.

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Ik ben Eduard de Boer, ReputatieCoach. Dit is dé podcast die jou helpt om meer business te genereren, doordat jouw website beter gevonden wordt, zowel lokaal als landelijk en doordat ik je uitleg hoe je je online reputatie kunt verbeteren. Dit alles helpt je om je bedrijf en jezelf beter op de online kaart te plaatsen.

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/127. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes, op Stitcher en ook op TuneIn Radio. Ik raad je aan om je op één van die drie kanalen te abonneren op de podcast, zodat je geen aflevering hoeft te missen!

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

Against Cancer busreis: belangeloos fotograferen

Vanmorgen ben ik iets voor zessen vertrokken naar Barneveld om daar om 06:30 uur aanwezig te zijn. Want om 07:00 uur vertrok één van de vier bussen voor de Against Cancer familiereis om gezinnen in Nederland op te pikken.

De stichting Against Cancer organiseert tweemaal per jaar een vierdaagse trip naar twee pretparken in Duitsland voor gezinnen waarvan één of meerdere kinderen kanker hebben. Op die manier wil de stichting een glimlach geven aan kinderen die bezig zijn met hun race tegen kanker.

Vorig jaar oktober ben ik ook meegeweest; toen waren er 25 gezinnen mee. Ik heb gehoord dat deze reis maar liefst 40 gezinnen meegaan. Mijn taak is het maken van foto’s. En dan geen tranentrekkende dramafoto’s, maar inderdaad kinderen met kanker, samen met hun ouders, broertjes en zusjes die allemaal met een smile van oor tot oor een paar dagen zorgeloos kunnen genieten.

Vorige trip heb ik samen met fotograaf Martin Stevens (die nu ook weer mee is) meer dan 1.200 foto’s gemaakt, nabewerkt en via de stichting aan de gezinnen doen toekomen. Een aantal kinderen dat ik toen heb gefotografeerd, is inmiddels al overleden. En al hun ouders zijn reuzeblij met de foto’s die wij toen hebben mogen maken, want het zijn hoogstwaarschijnlijk de meest recente (positieve) herinneringen aan de zware tijd die het gezin heeft doorgemaakt.

Vanzelfsprekend maken Martin en ik de foto’s geheel belangeloos. De feedback en dankbaarheid die we krijgen van de gezinnen is namelijk onbetaalbaar.

Waarom ik je dit alles vertel? Nou, maar al te vaak zijn we als ondernemer continu gefocussed op geld… geld… en meer geld. Maar dat is niet alles…

Als je de verhalen hoort van de gezinnen waar ik het zojuist over had, dan wordt je opeens geconfronteerd met een wereld waarvan je het bestaan niet wist… Een wereld van ziekenhuisbezoeken, ziekte, zorgen, spanning, onzekerheid en tenslotte het overlijden van je kind. Dat wens je niemand toe.

En als je dan wordt gevraagd of je foto’s wilt maken, dan zeg je natuurlijk meteen volmondig “Ja!”. Want geld is niet alles. Dus mijn advies is: doe binnenkort ook eens iets geheel belangeloos voor je medemens… Je krijgt er meer voor terug dan geld goed kan maken!

Reageren op negatieve en positieve reviews loont!

Maar al te vaak nemen we dingen als vanzelfsprekend aan en leggen ze vervolgens meteen naast ons neer en gaan door in de waan van de dag. Zojuist had ik het over Martin Stevens, de fotograaf uit Rotterdam. Hij postte het volgende 5-sterren review op de Google+ pagina van Foto Romp in Utrecht:

Ik heb inmiddels 3 bestellingen gedaan bij Foto Romp. Deze zijn allemaal vlekkeloos en snel geleverd. Ook een fabrieksdefect aan een camera werd razendsnel zonder gezeur opgelost door omruilen naar een fonkelnieuw exemplaar.

De contacten, via mail of telefoon, verlopen zonder uitzondering snel, correct en tot volle tevredenheid. Ik ben nog nooit in hun zaak geweest, maar de Google Business View laat prima zien dat ook hun zaak er keurig uitziet.

Ik ben gewoon zeer tevreden en dit soort service is toch exact de reden waarom ik nog graag in contact kom met een echte winkelier. Een pluim!

En het leuke is dat Martin vrijwel meteen feedback kreeg van de fotohandel. De winkelier schreef hem terug:

Goedemiddag meneer Stevens,

Zag net uw review voorbijkomen. Leuk te lezen dat u zo tevreden bent.

Kan mijn dag niet meer stuk!!

Met vriendelijke groet,

Joris Romp

Dat antwoord ontving Martin per e-mail. Grappig genoeg houdt deze ondernemer dus wel de reviews in de gaten en reageert hij erop met een persoonlijke mail. Op zich heel goed! Daarmee is deze ondernemer al beter bezig dan 95% van de ondernemers, die wel reviews ontvangen, maar er niets mee doen.

Weet je hoe Foto Romp het nog iets beter zou kunnen doen? Door niet alleen de persoonlijke mail te sturen, maar Martin ook nog eens online op de Google+ pagina te bedanken! Want op die manier laat je naar de buitenwereld zien dat je actief bent met je bedrijf en dat je om de tevredenheid van je klanten geeft. Dat zou deze reviewmanagementstrategie dus helemaal compleet maken. Maar op zich een goede actie van Foto Romp!

Wat kun je hier verder nog uit leren? Om Martin te citeren:

Reviews ontvangen is leuk. Om die reden: post ook eens een review voor een ander. Die ‘ander’ is daar namelijk ook erg blij mee.

En sommige bedrijven begrijpen ook heel goed, hoe je moet omgaan met negatieve reviews. Zo vertelde ik je ondere andere in podcast 67 en podcast 79 hoe je moet omgaan met negatieve reviews. Martin deelde nog een leuke ervaring met me, dit keer nadat hij een minder positieve review had geplaatst:

Ik schreef zojuist dat reviews ontvangen leuk is en het effect dat dus ook heeft als anderen een review ontvangen.

Zojuist heeft Drukwerkdeal bewezen hoe goed je met een minder goede review kan omgaan. Binnen 5 minuten na het posten van mijn kritische review werd ik gebeld door Karlijn van Drukwerkdeal. De zeer vriendelijke dame had een luisterend oor, was duidelijk niet bezig met ontkenning maar wilde graag weten wat er verbeterd kon worden. Ze beloofde ook zeker aan de slag te gaan met mijn kritieken.

Het effect is dat mijn review per direct “outdated” is. Natuurlijk, de ervaringen blijven, maar Karlijn maakte duidelijk dat Drukwerkdeal wel degelijk ook goed kan communiceren. Dat was namelijk precies het punt van mijn kritiek.

Zoals je ziet dienen reviews niet om een bedrijf de grond in te boren. Je hoop dat men er iets van leert, van jouw feedback. Als ondernemer moet je dus eigenlijk ontzettend blij zijn met elke feedback, omdat je dat kunt gebruiken voor het verbeteren van de kwaliteit van je producten en/of je dienstverlening.

Tja, herinner je je nog mijn video en verhaal over onze ervaringen met de “Vision” zonnebrandcrème? Ik vertelde het eerst over deze ervaring in podcast 88. Later kwam het ook weer even aan bod in respectievelijk podcast 96 en podcast 121. Toen zegde men mij toe twee flacons op te sturen. Die ontving ik vlak daarna al per post met daarbij een kaartje met daarop de volgende handgeschreven tekst:

Kaartje Vision zonnebrandcrème

Dus ook de importeur van Vision zonnecrème heeft het goed begrepen. Zij hebben mij aangehoord en nu twee nieuwe flacons met een zonnecrème van een andere samenstelling opgestuurd om die te testen. En dat gaan we doen!

Want van het zomer gaan we wederom naar Spanje en als dan blijkt dat alle negatieve ervaringen van vorig jaar zijn verdwenen, dan zal ik dat zeker in een videoreview laten weten!

Succesvolle vs. minder succesvolle reviewstrategie

Naast actief te reageren op reviews. moet je ook continu actief blijven met het verzamelen van reviews voor je bedrijf. Het ene bedrijf doet dat beter, dan het andere bedrijf. Dat is zo leuk om te zien.

Een aantal weken geleden was ik in Hotel de Lange Man in Monschau, alwaar de eigenaar van het hotel ontzettend goed begreep hoe je reviews moest verzamelen. Want om te beginnen ontving ik bij vertrek meteen een kaartje met een rechtstreekse URL waar ik een review kon posten en na mijn verblijf ontving ik een gepersonaliseerde mail, of ik een recensie wilde posten met een link naar de exacte pagina.

Afgelopen weekend zaten we met vrienden in een park in Zeeland. Daar lagen kaartjes op de toonbank te wachten tot iemand ze alsjeblieft zou willen meenemen. Natuurlijk nam ik er eentje mee. En dit kaartje was een schoolvoorbeeld van hoe het niet moet. Ik heb de afbeelding van de voor- en achterkant van het kaartje opgenomen in de show notes:

Engelstalig kaartje van Zoover

Het probleem met dit standaardkaartje van Zoover is dat het mensen alleen maar vraagt om naar zoover.com/reviews te gaan, om vervolgens daar eerst de accommodatie op te moeten zoeken om dan eindelijk een review achter te kunnen laten.

Zoover reviews van de OesterbaaiDe clou van het verzamelen van reviews is dat het zo laagdrempelig mogelijk moet zijn. Het is dat ik een doorzetter ben, als het gaat om reviews te plaatsen, maar de meeste mensen haken in een dergelijk geval echt af.

En dat bepaalt nu net het verschil tussen 52 recensies en 402 recensies!

Hotel de Lange Man in Monschau: Zoover reviews

Leer hiervan dat je het je klanten, gasten of patiënten zo gemakkelijk mogelijk maakt om een recensie te posten. Vraag dus bijvoorbeeld alleen mensen met een Gmailadres een recensie te posten op Google+ en niet mensen met een Hotmail-account. Want de kans is groot dat die niet eens een Gmailadres hebben! Controleer ook of mensen actief zijn op Yelp vooraleer je ze uitnodigt een recensie te posten op Yelp. Anders is het zinloos!

En als je het niet weet, verzamel dan reviews op branchespecifieke sites, gratis generieke sites of in het uiterste geval op Facebook. Maar ga reviews verzamelen! Want reviews worden steeds belangrijker voor het voortbestaan van een bedrijf, praktijk of organisatie.

Apple Maps Connect officieel in Nederland

Vorige week vertelde ik je in podcast 126 dat Apple Maps Connect inmiddels ook actief was in Nederland en dat ik er nog geen officiële bevestigingsmail van had ontvangen. Hoewel de dienst al enige tijd operationeel was in Nederland, ontving ik drie dagen geleden een mail van Apple met daarin onder andere de tekst: “Goed nieuws! Apple Maps Connect voor het midden- en kleinbedrijf (mkb) is nu in meer landen beschikbaar”:

Mail van Apple Maps Connect

Ik vond het wel een beetje slordig dat Apple dit nu pas liet weten. Maar goed, nu is het in elk geval officieel… Je kunt je bedrijfsprofiel op Apple Kaarten beheren in België, Denemarken, Oostenrijk, Zweden en dus ook Nederland.

Ik ontving overigens van een paar ondernemers die trouwe luisteraars van de podcast zijn, de mededeling dat zij ook al hun bedrijf hebben geclaimd op Apple Maps Connect.

Eigen Baas

Als ondernemer ben je zogezegd “eigen baas”, dat is bekend. Maar ben je ook baas over je eigen content, je eigen data? En ben je baas over je eigen infrastructuur en alles wat daarbij komt kijken, zoals:

  • Domeinnaam
  • Mailsysteem
  • Webserver
  • Backups
  • Cloudopslag
  • Google Webmaster Tools account
  • Google Analytics account
  • Sociale media accounts
  • Google+ Mijn Bedrijf pagina(’s)
  • Content Management Systeem
  • Software licenties
  • Fotorechten

Mogelijk heb jij wel toegang tot alle gegevens, maar weet je precies WIE er allemaal NOG MEER toegang hebben tot die gegevens?

Over dit soort zaken wil ik het eens met je hebben. Reden hiervoor is, dat ik recentelijk drie mensen heb geholpen, die in de problemen zaten.

De eerste persoon werd door haar domeinnaamprovider verplicht de website daar ook te hosten, terwijl ze niet tevreden was over de kwaliteit van de dienstverlening.

De tweede ondernemer was helemaal geen eigenaar van zijn eigen domeinnaam en kon dus niets meer toen zijn domeinnaamprovider failliet ging, terwijl de derde na verhuizing naar een andere webhosting provider problemen kreeg met softwarelicenties, omdat de rechten op de software berustten bij de originele webontwikkelaar / hosting provider.

Zoals je hoort: allemaal problemen die stuk voor stuk veel aandacht kunnen eisen en ook nog flinke kosten met zich mee kunnen brengen. Tijd dus om alles helder en inzichtelijk te maken en je ertoe te bewegen een inventarisatie te maken van alles waarvan jij denkt, dat het van jou is, of anders van jou zou moeten zijn.

Baas over je eigen infra

Alles begint bij de infrastructuur, kortweg “infra”. Zonder DNS geen domeinnaam, zonder webserver geen website, zonder mailserver geen mail etc. Het is dus van belang dat je je infrastructuur goed op orde hebt en dat je ook een goed inzicht hebt in alle onderdelen, die ik zojuist opsomde. Verder moet je voorbereid zijn op calamiteiten, zodat je online business geen gevaar loopt.

Heb je een groter bedrijf, dan zou ik deze gegevens documenteren en centraal archiveren, zodat ook andere stakeholders erbij kunnen, als dat nodig is.

Domeinnaam

Een domeinnaam koop je niet, want die kan niet jouw eigendom zijn. Een domeinnaam huur je, meestal voor de periode van een jaar. Daarvoor betaal je een gering bedrag aan administratiekosten. En na een jaar verloopt je gebruiksrecht en moet je opnieuw betalen voor een jaar gebruik.

Sommige ondernemers vergeten dit of hebben helemaal geen zicht op wanneer ze de domeinnaam moeten verlengen. Soms zit het ook in het pakket van dienstverlening dat je bij een hosting provider afneemt, inbegrepen. Desalniettemin moet een domeinnaam op jouw bedrijf of op jouw naam staan, met jouw contactgegevens erbij. Anders kan degene op wiens naam de domeinnaam staat, jou in een lastig parket brengen en mogelijk zelfs chanteren.

Daarom is het belangrijk dat je ten aanzien van je domeinnaam de volgende gegevens in kaart brengt:

  • Bij welke partij is de domeinnaam geregistreerd? Wie is de zogenaamde “registrar”?
  • Wat is de gebruikersnaam en het wachtwoord om de gegevens eventueel te veranderen?
  • Op welke bedrijfsnaam is de domeinnaam geregistreerd?
  • Wie is de contactpersoon? Is die nog wel werkzaam bij je bedrijf?
  • Wat zijn de contactgegevens, zoals e-mail, postadres en telefoonnummer?

Ik heb je al eens eerder verteld: ik registreer graag mijn domeinnamen apart van de hosting. Zodoende kan er nooit een impliciet vereiste koppeling komen tussen de domeinnaam en de hosting van de website of het mailsysteem. Op die manier heb je maximale vrijheid ten aanzien van waar je je website en e-mail onderbrengt en blijf je maximaal baas over je eigen DNS (domain name serving).

Mailsysteem

E-mail is een vereiste voor communicatie met de rest van de wereld. Daarvoor heb je een mailsysteem nodig. Je kunt vaak kiezen uit verschillende mailsystemen. Meestal krijg je die bij je website hosting, maar niemand verplicht je dat. Zolang jij maar controle hebt over je eigen domeinnaam, kun je alle soorten en smaken mail in de wereld kiezen.

In het verleden gebruikte ik de gratis versie van Google Apps for Work en toen die niet meer gratis was, gebruikte ik de e-maildienst van Outlook.com van Microsoft. Op een gegeven moment was die ook niet meer gratis te gebruiken en besloot ik over te stappen op Zoho mail. Die is nog steeds gratis en belooft ook gratis te blijven voor tien gebruikers of minder. Andere ondernemers gebruiken Office 365 van Microsoft en hebben dan ook het bijbehorende mailsysteem.

Het maakt niet uit welk mailsysteem je gebruikt, zolang je hier ook maar toegang hebt tot alle essentiële gegevens. Denk hierbij aan:

  • Wie is je mail hosting provider?
  • Wat zijn de contactgegevens?
  • Wat is de administrator gebruikersnaam en wat is het bijbehorende wachtwoord?
  • Wat is het primaire e-mailadres dat wordt gebruikt als er een probleem is met de mail?
  • Wat is het recovery e-mailadres dat wordt gebruikt als het primaire mailadres niet toegankelijk is?
  • Welke e-mailadressen zijn er allemaal in gebruik?
  • Heb je een procedure voor het overdragen of opschonen van de mail van werknemers die uit dienst gaan?

Er zijn veel verschillende maildiensten en bedrijven switchen nog wel eens van provider en vergeten dan de eerste mailprovider op te zeggen. Daardoor kan het voorkomen dat je zonder het te weten tweemaal of soms zelfs wel driemaal betaalt voor mailhosting, terwijl je maar bij één partij de dienst afneemt. Kijk eens goed naar je periodiek terugkerende IT-kosten om te zien of dit mogelijk het geval is.

Webserver

Als je de domeinnaam hosting van alles hebt losgekoppeld, ben je tenminste vrij om je website overal ter wereld onder te brengen. Het enige waar je voor moet zorgen is dat je de DNS goed instelt. Maar wat als er een probleem is met je webserver? Of je wilt verhuizen? Weet je dan waar je terechtkunt?

Breng voor je website het volgende in kaart en documenteer dat ook:

  • Wie is de hosting provider van je website?
  • Op wiens naam staat de registratie bij de hosting provider?
  • Wie ontvangt mails van de hosting provider?
  • Wat is de gebruikersnaam en het wachtwoord om in te loggen in de server (indien van toepassing)?
  • Wat is de gebruikersnaam en het wachtwoord voor FTP (File Transfer Protocol)?
  • Wie beheert de certificaten en wie heeft er allemaal een certificaat als er gebruik wordt gemaakt van SSH?
  • Wat zijn de contactgegevens van degene die je kunt bellen in geval van een calamiteit?

Let op bij kleine hosting partijen, die dikwijls een soort van “reseller”-account ergens hebben. Want als zij hun rekening niet of niet op tijd betalen, dan kan het gebeuren dat jouw website als gevolg daarvan ook op zwart gaat en dus niet meer voor de wereld toegankelijk is.

Backups

Daarmee kom ik dan ook meteen op het fenomeen “backups”, één van mijn stokpaardjes. Want maar al teveel ondernemers denken niet na over een backupstrategie in welke vorm dan ook. Je mag er nooit ofte nimmer vanuit gaan dat er “vast wel ergens een backup wordt gemaakt”. Dat is dodelijk in geval van een calamiteit!

Zorg er daarom voor dat je ook de baas wordt van je backups. Regel je eigen backups in (of laat het voor je inregelen) en zorg ervoor dat die op een plaats komen te staan waar je er altijd bij kunt… Dag en nacht… Ook in het weekend. En als het niet voor jou is, zorg er dan voor dat degene die voor jou de website en alle overige IT beheert, erbij kan.

Wat ik vaak doe met WordPress sites, is het instellen van een automatisch regelmatig terugkerende backup op een apart Dropbox account, waarvan ik de ondernemer de toegangsrechten geef bij de overdracht van de site.

Daarvoor gebruik ik altijd de gratis versie van de plugin BackWPup. Deze kan niet alleen backups opslaan op Dropbox, maar ook:

  • in een folder op je server, alleen raad ik af om alleen daarop te vertrouwen
  • versturen via e-mail, maar dat gaat al snel fout omdat backups vaak groter zijn dan de maximale bestandsgrootte die per mail kan of mag worden verstuurd
  • op een externe FTP-server
  • op Amazon S3
  • op Microsoft Azure
  • op Rackspace
  • op Sugarsync

De gratis versie kan alleen totale backups maken, wat voor de meeste websites prima is. De commerciële versie kan ook incrementele backups maken, waarbij alleen nieuwe of gewijzigde bestanden worden veiliggesteld.

Zorg er ook voor dat de procedure om de backup terug te zetten (de zogenaamde “restore”) is gedocumenteerd en altijd en overal toegankelijk is voor de personen die ervoor verantwoordelijk zijn. Test ook eens of je een backup wel kunt terugzetten, met behoud van alle data. Ik heb namelijk wel eens gezien dat er trouw elke nacht een database backup werd gemaakt, maar dat alle afbeeldingen en overige bestanden op de webserver niet werden veiliggesteld. Als je dan een ernstig probleem krijgt, zoals een gecrashte harddisk, ben je echt al je afbeeldingen kwijt!

Als we het dan hebben over het documenteren van alle gegevens om zo de controle over je eigen infrastructuur terug te krijgen, dan moet je met betrekking tot backups het volgende administreren:

  • Hoe wordt er een backup gemaakt van je site(s) of server(s)?
  • Welke data wordt er in de backup meegenomen?
  • Waar wordt de data opgeslagen? On-site? Off-site?
  • Hoevaak wordt er een backup gemaakt? Wat is het backup-schema?
  • Hoelang worden backups bewaard?
  • Wie moet er allemaal de backup terug kunnen zetten?
  • Hoe moet de backup worden teruggezet?

Ik weet het, het klinkt allemaal nogal overdreven… Maar gebrek aan controle en te weinig inzicht in de “Wie, Wat, Waar, Wanneer en Hoe?” is vrijwel een garantie dat je ooit eens in een crisis verzeild raakt, die relatief eenvoudig voorkomen had kunnen worden.

Baas over je eigen data

Als je eenmaal alle componenten van je infrastructuur in kaart hebt gebracht, die ik zojuist heb behandeld, dan wordt het tijd om eens naar je data te gaan kijken.

Cloud opslag

Als je gebruik maakt van opslag in de cloud, dan moet je weten op wiens naam c.q. met welke gegevens het account bij de cloud hosting provider is aangevraagd, wie je in geval van calamiteit kunt benaderen enzovoorts. Ook moet je nadenken over hoe je omgaat met de data van medewerkers die uit dienst gaan. Wijs je die data aan iemand anders toe? Verwijder je het account?

Google Webmaster Tools en Google Analytics account(s)

Als je iemand of een bedrijf in de arm neemt om je te helpen met het verbeteren van je online business is de kans groot dat er wordt gevraagd naar je Google Webmaster Tools en Google Analytics accounts. Zorg ervoor dat je de logingegevens van de eigenaar van deze accounts hebt.

Maak vervolgens andere mensen manager om ze toegang te geven, maar zorg ervoor dat jij de eigenaar blijft. Controleer ook periodiek of er mogelijk mensen toegang tot de gegevens hebben, die geen toegang meer nodig hebben. Verwijder die dan.

En maak ook een overzicht van alle domeinen en websites die onder die accounts worden beheerd.

Sociale media accounts

Documenteer ook centraal de logingegevens voor alle social media accounts. Wellicht ten overvloede, maar gebruik complexe wachtwoorden en doe geen concessies hierin.

Google+ Mijn Bedrijf pagina(’s)

Documenteer het account dat eigenaar is van de Google+ Mijn Bedrijf pagina of pagina’s. Beschrijf ook alle managers en/of contentbeheerders. Verwijder hier ook mensen die geen toegang meer nodig hebben.

Content Management Systeem

Het CMS heeft vaak een administrator-account dat bij installatie is ingevoerd door iemand. Documenteer de gebruikersnaam met bijbehorend wachtwoord van de administrator of superuser van het systeem. Beschrijf ook alle andere accounts die toegang hebben met de bijbehorende rollen.

Maak een overzicht van alle plugins, services en andere software die wordt gebruikt. Leg de contactgegevens van de makers vast, zodat je die niet hoeft op te zoeken in geval van een probleem.

Software licenties

Licenties zijn minstens zo belangrijk. Want vaak heb je licentiecodes nodig bij installatie. En dat is vaak net wat er moet gebeuren bij een calamiteit: herinstallatie van bepaalde software. Als je dan niet de licentiecodes hebt, dan kun je dus niet verder op zo’n moment.

Fotorechten

Soms koopt een webontwikkelaar stockfoto’s of andere afbeeldingen en gebruikt die in de site van een opdrachtgever. Bij de koop van foto’s wordt ook het gebruiksrecht bepaald en de media waarin de foto’s kunnen en mogen worden gebruikt.

Breng voor alle commerciële foto’s in kaart wat de rechten zijn, wat ervoor betaald is, door wie en wanneer. Zo voorkom je de extreem hoge fees die zonder pardon van je worden opgeëist, zodra een partij er lucht van krijgt, dat je foto’s buiten de overeengekomen licentierechten gebruikt.

Ik kan me goed voorstellen dat je vindt dat ik overdrijf. Maar geloof me, je zult me dankbaar zijn als jouw infrastructuur of jouw data eens iets overkomt en je kunt gewoon een fysieke of virtuele map van het schap pakken, de juiste gegevens erbij halen en aan de slag gaan met het beperken van de schade of het oplossen van het probleem.

Dit laatste topic was nogal groot, dat weet ik. Daarom ben ik al begonnen met het maken van een document, waarin je alle gegevens kunt opslaan. Dit document verstuur ik naar de abonnees van de mailinglist, zodra ik het gereed heb. Mocht jij je nog niet hebben geabonneerd, dan is nu een mooi moment!

En met dit onderwerp over het minimaliseren van de impact van verstoringen kom ik dan weer aan het einde van deze podcast van vandaag.

Als je de podcast leuk vindt en je wilt nog meer op de hoogte blijven, volg me dan ook op Twitter, via @reputatiecoach1.

Heb je inderdaad wat aan alle informatie die ik met je deel, help mij dan met het verder verbeteren en promoten van deze podcast. Abonneer je op de podcast, zodat je altijd meteen de nieuwste uitzending krijgt voorgeschoteld.

Zoek de podcast op, in iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en laat ook je reactie achter. Door de podcast te beoordelen op iTunes en/of Stitcher breng je de podcast onder de aandacht van een breder publiek.

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen, of door ’m te delen op Twitter, like’n en delen op Facebook of een “+1” te geven op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om je te helpen! Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie of de vindbaarheid van je website, kun je een mailtje sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, door op de tab aan de rechterkant van elke pagina te klikken, en je bericht in te spreken. Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 127 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

117: Rode waarschuwing in Google voor trage sites! NIEUW: Google+ Bedrijfsfoto’s! Online fraude en misleiding herkennen. Slim citations vinden!

Play

Reputatie Coaching PodcastAfgelopen weekend zat ik in een prachtig hotel in Monschau dat het belang van reviews echt begrijpt. Tijdens dat weekend heb ik gegeten in een restaurant in Spa, dat nog niet eens een website had. Over tegenstellingen gesproken! Het consistent houden van citations blijft lastig evenals het vinden van nieuwe bestemmingen, waar je citations voor je bedrijf kunt creëren.

Vorige week was ik nog een Google Lokale Gids niveau 2 en inmiddels heb ik niveau 3 bereikt. Zo meer daarover. Vanmiddag zit ik in Amsterdam voor het bijwonen van een sessie over reputatiemanagement. Verder heb ik in de uitzending van vandaag twee topics over online misleiding en potentiële fraude voor je, inclusief een paar praktische en simpele tips hoe je dit zelf snel kunt herkennen. Google lanceert Google Bedrijfsfoto’s en gaat mobiele gebruikers met rode teksten waarschuwen voor trage websites. Dit alles en meer in deze podcast!

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Ik ben Eduard de Boer, ReputatieCoach. Dit is dé podcast die jou helpt om meer business te genereren, doordat jouw website beter gevonden wordt, zowel lokaal als landelijk en doordat ik je uitleg hoe je je online reputatie kunt verbeteren. Dit alles helpt je om je bedrijf en jezelf beter op de online kaart te plaatsen.

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/117. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes, op Stitcher en ook op TuneIn Radio. Ik raad je aan om je op één van die drie kanalen te abonneren op de podcast, zodat je geen aflevering hoeft te missen!

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

Prachtig hotel in Monschau

Afgelopen weekend was ik met mijn schoonvader een weekendje weg. Ik had via Travelbird twee overnachtingen geboekt bij Hotel de Lange Man net buiten Monschau. Dit hotel overtrof in alle opzichten mijn verwachtingen. Het was duidelijk dat zowel de eigenaar als zijn personeel de ultieme perfectie nastreefden.

Dat dat niet alleen onze mening was, bleek wel uit de posters aan de muur. Hier prijkten allemaal oorkonden en gemiddelde jaarbeoordelingen van TripAdvisor, Zoover en Booking.com van 8,0 en hoger, jaar in, jaar uit:

Posterwand (Wall of Fame) in Hotel de Lange Man in Monschau (Eifel, Duitsland)

De eigenaar en al het personeel deed ook haar uiterste best om het volledig naar het zin te maken. Ik had een leuk gesprek met de eigenaar, Robert Hoevenaars. Hij begreep goed hoe Internet marketing werkt en hij zag ook het belang van reviews. Hij gaf bij het uitchecken ook een kaartje mee met daarop een link en het verzoek om via die link een review te posten. Dat doet hij bij alle gasten!

Natuurlijk heb ik bij thuiskomst het hotel een goede beoordeling gegeven. Voor mij was dat review nummer 55. Ik wil de tekst van de review hier even met je delen:

Google+ review voor Hotel de Lange Man in Monschau

Dit was voor mij dus zo’n hotel, waar ik met alle plezier nog eens een keertje naar terug zou willen om nog eens lekker te wandelen in de heuvelen rondom Monschau.

Restaurant zonder website!?

Tja, het kan ook heel anders. Waar de ene ondernemer volledig het nut en de noodzaak van Internet en reviews inziet, heeft de andere ondernemer er totaal geen sjoege van. Tijdens diezelfde trip naar de Eifel hebben mijn schoonvader en ik tijdens een rondrit in Spa geluncht in een klein restaurantje, genaamd “Le Relais”:

Hotel Le Relais in Spa, België

Zo op het eerste gezicht zag het er netjes uit en uiteindelijk selecteerden we het restaurant voornamelijk op basis van de prijzen op de menukaart. Die lagen lager dan de omringende restaurants. Desalniettemin betaalden we iets meer dan EUR 35 voor twee kleine voorgerechtjes en drie biertjes. Dus als je het dan hebt over prijs-/kwaliteitverhouding, dan was die volgens mij in dit geval uit balans…

Maar wat ik helemaal onbegrijpelijk vond, was dat we na afloop een visitekaartje meekregen met daarop de naam van het restaurant, het adres en het telefoonnummer. Het restaurant bleek geen eigen website te hebben en het e-mailadres dat op het kaartje stond, was gewoon een Gmail-adres!

Hoe schril zijn dan de tegenstellingen, als je dit vergelijkt Hotel de Lange Man, waar ik het zojuist over had?! Ongelofelijk dat een restaurant in deze tijd totaal nog niet aan Internet marketing doet, geen reviews verzamelt en geen eigen website heeft om potentiële gasten te interesseren en te stimuleren om een keertje te komen eten.

Consistent houden van citations en nieuwe citations creëren

Het consistent houden van citations blijft lastig. Je moet echt zo’n goede administratie hebben, waarin je alle sites waar jij met je bedrijf vermeld staat, bijhoudt. Want ik kreeg een paar weken geleden van een tandarts het verzoek de nieuwe openingstijden van de tandartspraktijk te vermelden op “alle” sites.

Gelukkig heb een spreadsheet met daarop gegevens van alle voor mij bekende sites. Dus de grote sites, zoals Google+, Facebook, Yelp en dergelijke waren snel aangepast, evenals de andere sites van de spreadsheet.

Op een gegeven moment dacht ik dat ik alle sites had aangepast. En prompt liep ik eerder deze week alsnog tegen een site, waar de oude openingstijden nog stonden vermeld. Wat bleek nu? Daar heeft de tandarts zelf de praktijk ooit aangemeld, maar hij was vergeten de gegevens in de spreadsheet te zetten!

Hiermee wil ik maar aangeven hoe snel je inconsistente gegevens kunt creëren: als iemand met de beste bedoelingen ergens een citation creëert zonder de gegevens te registeren, loop je het risico dat je bij een verandering van bedrijfsgegevens dus die site per ongeluk overslaat.

Tot zover over het consistent houden van citations. Maar hoe vind je nu steeds nieuwe bestemmingen voor citations? Je kunt natuurlijk maandelijks al je concurrenten onderzoeken met behulp van de Chrome extensie “NAP Hunter Lite”, waar ik het de vorige keer ook over had. Maar als je die een maand of twee tot drie hebt gebruikt en je concurrenten zijn niet echt actief in het aanmelden van hun bedrijf op een aantal sites, dan droogt je voorraad sites langzaamaan op…

Als jij een continue stroom van bestemmingen voor citations wilt hebben, gebruik dan ook Google Alerts daarvoor! Ik vertelde je vorige week over Diana Albrink, die ik had aangeraden om haar eigen naam, alsmede de titel van haar boek te monitoren met behulp van Google Alerts. Maar je kunt Google Alerts nog veel creatiever gebruiken!!

Is het je opgevallen wat de meeste sites waar je citations kunt plaatsen als gemeenschappelijke tekst hebben? Nee? Laat ik je het verklappen… Het is: “bedrijf aanmelden”. Stel dus dat in als zoekterm op Google Alerts:

Google Alert voor bedrijf aanmelden

Google Lokale Gids niveau 3 bereikt

Vorige week vertelde ik je nog dat ik op niveau 2 zat van het Lokale Gidsen programma van Google. Toen had ik iets meer dan 20 reviews gepost. Inmiddels zit ik op 55 reviews en dus heb ik niveau 3 bereikt. Van Google ontving ik de onderstaande mail:

Google Lokale Gidsen Niveau 3

Ik zie op dit moment nog nergens de badge, die je als Lokale Gids niveau 3 bij je naam vermeld krijgt. Ik denk dat dat komt, doordat Google de badges nog aan het uitrollen is. Zo schijnt de Google Maps app voor Android bijvoorbeeld dus ook al wel de badges te vertonen, maar die voor iOS nog niet. Dus in Google Maps op mijn iPhone zie ik sowieso nog geen badges, ook niet bij mensen waarvan ik weet dat ze niveau 3 of 4 zijn.

Maar goed, voordat ik niveau 4 bereik, moet ik nog wel wat recensies posten. Nog zo’n 145 om precies te zijn.

Ik wil je trouwens laten weten dat dat beta-testen klopt. Ik mag niet in detail treden, maar ik ontving gisteravond voor het eerst een mailtje om een nieuw product, dat nog in beta-status is, uit te proberen.

F5-sessie over online reputatiemanagement

Vanmiddag zit ik in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam. Daar is een zogenaamde F5-sessie, die wordt georganiseerd door Lubbers en de Jong. Het onderwerp van deze sessie is “online reputatiemanagement”. Volgens de aankondiging op Internet komen de volgende sprekers een verhaal houden:

  • Guido Berens (assistant professor aan de Rotterdam School of Management van de Erasmus Universiteit) – Guido plaatst online reputatiemanagement in een wetenschappelijk perspectief en geeft antwoord op de vraag: “Hoe open moet je als bedrijf zijn?”.
  • Joost Galema (Manager External Affairs van Vodafone) – Joost laat zien wat Vodafone’s visie op reputatiemanagement is.
  • Rob Wijnberg (oprichter en hoofdredacteur van De Correspondent) – Rob vertelt over de beweegredenen achter dit vernieuwende journalistieke platform. De Correspondent wil het begrip ‘actualiteit’ herdefiniëren.

Ik ben benieuwd wat ik kan verwachten. Als je de gastenlijst bekijkt, zie je een uiteenlopend publiek. Wat velen van hen wel gemeenschappelijk hebben, is de functie. In de meeste functieomschrijvingen zie je woorden als: “communicatie”, “PR” en “marketing”. Om wat namen te geven van bedrijven waar de gasten zoal vandaan komen… Ik zie bijvoorbeeld: Vodafone, Salesforce, AutomatiseringGids, Dell, KPN, Unicef, HP, BT en andere bekende bedrijfsnamen.

In de podcast van volgende week kom ik hierop terug.

Misleiding door onlinebedrijvenzoeker.nl

Eerder deze week ontving ik van twee bedrijven die ik help met het hogerop komen in de zoekresultaten een typisch gevalletje van misleiding en fraude. De eerste kwam van Joris Aben Fotografie uit Leiden. Hij stuurde mij de volgende mail:

Kreeg net een telefoontje van onlinebedrijvenzoeker.nl. Of ik mijn vermelding wilde verlengen à € 385,-. Stond blijkbaar al een jaar vermeld. Nooit contact gehad met deze mensen, geen bevestiging, geen post. Niks! Toch maar duidelijk gemaakt dat er serieus iets niet klopt in hun administratie!

Tjongejonge, ongelofelijk dat bedrijven dit nog steeds proberen. En zal ik je wat vertellen: ze komen er vaak ook nog mee weg! Er zijn altijd wel ondernemers die erin trappen en bereid zijn te betalen voor dit soort wildwest-praktijken.

Als je door dit soort bedrijven wordt gebeld is bijna steevast het verhaal dat het ontzettend helpt bij je ranking in Google, dat hun pagina’s goed scoren in de zoekresultaten, dat ze partner zijn van Google en dergelijke.

Maar ik heb eens een kijkje genomen op de site “onlinebedrijvenzoeker.nl” en gezocht op “fotograaf Leiden”. Toen zag ik onder andere het scherm, zoals ik dat in show notes op www.reputatiecoaching.nl/117 heb opgenomen:

Onlinebedrijvenzoeker.nl

Wat valt je als eerste op? Zie je die fout rechtsboven? Wat klungelig! Daar staat de tekst “Welk bedrijf u ook zoekt… Hier vind u hem gegarandeerd!”. En dan is “vind” geschreven zonder “t”. Ik vind het echt onvoorstelbaar dat bedrijven dit soort fouten maken op hun websites! Het is tevens een signaal voor de kwaliteit en professionaliteit van een dergelijke site… Dit moet je toch voldoende zeggen?

OK, vergeef de knullige spelfout. Als het bedrijf pretendeert dat je alle bedrijven die je zoekt, gegarandeerd op deze site kunt vinden… Hoe komt het dan dat het zoeken zo moeizaam gaat? Op zoekterm “fotograaf Leiden” vond ik slechts één fotograaf. Maar al die fotografen doen aan fotografie. Grappig genoeg geeft de zoekterm “fotografie Leiden” maar liefst 5 vermeldingen van fotografen in Leiden. En dat terwijl er toch echt veel meer fotografen in Leiden zijn. Maar waarschijnlijk worden alleen bedrijven die gegarandeerd € 385 per jaar betalen ook gegarandeerd vertoond… Als je er op zoekt met de juiste zoekterm…

Ik dacht handig te zijn en te gaan zoeken via de rubrieken op de site. Zo zag ik de rubriek “fotografie – algemeen”. Maar toen ik daarop klikte kreeg ik een lijst waarin onder andere een audiozaak, een juwelier, een restaurant, een legerdump, een lijstenmakerij en een antiquariaat in voorkwamen, maar weer geen fotografen.

Dus dat je gegarandeerd het bedrijf vindt, wat je zoekt… Dat maakt “onlinebedrijvenzoeker.nl” niet waar, ondanks de leus in hun banner die je dit wel belooft.

Mijn advies is bijna nooit geld te betalen voor je basis bedrijfsvermeldingen. Een gewone vermelding van je bedrijf met de bedrijfsnaam, het adres, de postcode, plaats en telefoonnummer moet gratis zijn, vind ik. Indien een website of directory je extra wil laten betalen als je méér wilt, vind ik dat vanzelfsprekend! Dat is ook het meest gehanteerde model van de betere directory- en reviewsites.

Spookfactuur van .NL Domein Host

Het tweede fraudegeval van deze week kwam van .NL Domein Host. De Jeugdtandarts in Beuningen ontving een factuur van .NL Domein Host voor een bedrag van EUR 98,80 inclusief BTW. Het bijzondere is, dat de Jeugdtandarts haar domeinen bij een heel ander bedrijf heeft geregistreerd. De factuur heb ik trouwens opgenomen in de show notes:

Spookfactuur .NL domein host

Op de factuur stond een 0900-nummer vermeld. Dat schrikt vaak mensen af, omdat men bang is dat het een erg duur nummer is. Maar ik liet me niet afschrikken. Ik had wel een paar vragen paraat, zoals:

  1. Ik ontving een factuur van EUR 98,80 voor domeinregistratie periode 2015 / 2016. Kunt u mij vertellen over welke domeinen het gaat? Want we hebben er zoveel…
  2. Oh en het viel mij op dat u wel BTW in rekening brengt, maar geen BTW-nummer heeft vermeld. Kunt u dat nog even geven voor mijn administratie?
  3. Dan heb ik nog een laatste vraag… U gaat over .NL domeinnamen en bent gevestigd in Amsterdam. Waarom heeft u een Spaans bankrekeningnummer?

Maar helaas was het vermelde 0900-nummer niet in gebruik…

Dat waren de eerste zaken die mij opvielen. Maar het grappigste vond ik, dat hoewel het een domeinhostingbedrijf pretendeert te zijn, op de factuur geen URL van een website staat vermeld. Wel staat er een e-mailadres op het domein nldomeinhost.nl vermeld.

Als ik de bijbehorende website zoek, krijg in Safari de foutmelding:

Safari melding: .NL domein host onvindbaar www.nldomeinhost.nl

Ik raad het mensen ook altijd aan om een domeinnaam even te controleren. Zo kun je .nl-domeinnamen controleren op de website van de SIDN, de Stichting Internet Domeinregistratie Nederland. Als je daar nldomeinhost.nl intoetst, dan kun je lezen dat de domeinnaam is geblokkeerd vanwege spam en abuse:

www.nldomeinhost.nl (.NL Domein Host) geblokkeerd

Deze paar simpele signalen zetten je toch wel aan het denken… Toch?

Mocht je dit allemaal niet hebben gedaan, maar je als alleen de footer van de factuur aandachtig leest, dan valt je wel iets anders op. Zo leest de footer moeilijk vanwege ontbrekende spaties en is het taalgebruik klungelig en gekunsteld om het officieel te laten lijken. Ik zal je de footer even voorlezen. In de show notes heb ik de tekst letterlijk gekopieerd en geplakt, inclusief de ontbrekende spaties. Kijk het maar eens na op www.reputatiecoaching.nl/117:

Gaarne willen wij u informeren dat u in de toekomst onze factuur uitsluitend digitaal gaat ontvangen. Zowel voor, als na ontvangst van uw betaling is het altijd nog mogelijk ombinnen enkele dagen onder vermelding van uw betalingskenmerk/factuurnr uw bedrijfsgegevens te wijzigen. Dit kan door de gewijzigde bedrijfsgegevens per mail aan ons teverstrekken.Op grond van de aan ons op basis van het bovenstaande verleende opdracht, welke alsfactureringsgrondslag dient leveren wij u de navolgende dienst, het registrerenvan de .mobi domein extentie gekoppeld aan uw huidige .nl domeinnaam. Indien u akkoord bent met het bovenstaande is uw domeinregistratie geldig van de termijn zoals hierbovenbeschreven.Let op. Dit is een aanbieding en geen factuur,betaling van deze aanbieding wordt beschouwd als opdrachtbevestiging . Mocht tijdige betaling uitblijven vervalt onzedienstverlening en verblijftdedomeinextentie opkoopbaar voor derden.

Daaruit blijkt dus wat het bedrijf biedt: het registreren van de .mobi domeinnaam en die doorlussen naar je eigen .nl-domein.

Och… is het je opgevallen?? In die kleine lettertjes? Ik zal het nog even aanhalen: “Dit is een aanbieding en geen factuur, betaling van deze aanbieding wordt beschouwd als opdrachtbevestiging.”. Het is dus helemaal geen factuur!

Ik hoop dat ik je hiermee een paar nuttige handvatten heb gegeven waarmee jij in de toekomst dit soort spookfacturen snel daadwerkelijk als zodanig kunt herkennen en je dus niet in dit soort frauduleuze praktijken trapt.

Google+ Mijn bedrijf laat je foto’s beheren!

Sinds een paar dagen biedt Google je in Google+ Mijn Bedrijf de mogelijkheid om foto’s te uploaden in diverse categorieën. Als je inlogt op je zakelijke Google+ pagina, zie je opeens een nieuwe button in de header staan. In de show notes op www.reputatiecoaching.nl/117 heb ik daar een afbeelding van opgenomen:

Nieuwe button in Google+ : Foto's beheren

Daar heb je nu zes categorieën, waaronder je foto’s kunt toevoegen. Deze categorieën zijn:

  1. Identiteitsfoto’s – profiel, logo en omslag
  2. Foto’s van interieur – voor het laten zien van de sfeer en inrichting van je bedrijf
  3. Foto’s van buitenkant – helpt klanten je bedrijf te herkennen wanneer ze uit verschillende richtingen naderen
  4. Foto’s van mensen aan het werk – helpt klanten snel een beeld te krijgen van het soort werk dat je doet
  5. Teamfoto’s – voor het tonen van de meer persoonlijke kant van je bedrijf
  6. Extra foto’s – voor het tonen van unieke en interessante aspecten van je bedrijf die niet in één van de andere fotocategorieën passen.

Ik moest er gisteravond natuurlijk meteen mee aan de slag en ben begonnen om voor Wijsman en Koster Tandartsen in Apeldoorn foto’s te uploaden en in te delen volgens de nieuwe categorieën.

Als je gaat kijken op de Google+ pagina vind je de foto’s vervolgens terug in het album “Plakboekfoto’s”. Zo heet het tenminste in het albumoverzicht. Maar als je erop klikt, dan zie je als titel verschijnen: “Business photos”. Daar vind je dus alle foto’s die je volgens de nieuwe indeling uploadt:

Google+ Bedrijfsfoto's

Het enige wat ik verder nog heb ontdekt, is dat als je op de drie puntjes rechts in het kader van de “Identiteitsfoto’s” klikt, je kunt kiezen welke afbeelding als eerste moet worden weergegeven op Google Maps en Google Zoeken. Daarbij kun je kiezen uit de profielfoto, het logo of het omslag. Voor Wijsman en Koster Tandartsen heb ik gekozen voor het logo.

Verder is het natuurlijk de vraag wat Google hiermee gaat doen; waarvoor ze de foto’s gaan gebruiken. Vooralsnog wordt er op dit moment door Google niets speciaals mee gedaan voor bezoekers van de Google+ pagina van een bedrijf. Ik houd het in de gaten en als ik in de nabije toekomst er iets opvallends mee zie gebeuren, dan laat ik je het meteen weten.

Google toont trage sites in het rood

Google waarschuwt al tijden niet voor niets dat je je websites moet optimaliseren voor gebruikerservaring. Het begon met het apart tonen van sites die Flash bevatten. Sinds een tijdje hebben we daar nu de extra aanduiding “Voor mobiel” bij… Deze grijze tekst geeft aan dat de getoonde website geschikt is voor mobiele apparaten.

Het zat er al een lange tijd aan te komen… Sinds 2010 maakt Google gebruik van PageSpeed voor het ranking algoritme. In welke mate, dat weet natuurlijk alleen Google.

Google gaat nu een stapje verder en waarschuwt je zelfs met een rode tekst als websites traag zijn. In de zoekresultaten in de VS zijn deze tests opgedoken. In de show notes op www.reputatiecoaching.nl/117 heb ik een screenshot hiervan opgenomen:

Google waarschuwt in mobiele SERPs voor trage sites

Al zou de weging van de laadtijd van een pagina nog op nul staan in het ranking algoritme, dan is dit duidelijk een signaal voor gebruikers om weg te blijven van de desbetreffende website, omdat die “traag” is.

Wauw! Dit zal duidelijk minder bezoekers opleveren, ook al sta je hoog in de zoekresultaten! Begin dus alvast met het meten en verbeteren van de laadtijd van je pagina’s. Toevallig heb ik daar een tijdje geleden in podcast 114 twee instructievideo’s voor gepubliceerd. Kijk die nog naar eens terug.

Ik heb een video van het meten van de laadtijd van je website met Pingdom en een video van het meten van de laadtijd van je website met Google PageSpeed Insights. Ik zou beginnen met de tweede en de adviezen gaan implementeren, die Google je geeft. De kans is echter groot dat je daar zelf niet uitkomt. In dat geval raad ik je aan contact op te nemen met je webbouwer.

En met dit nieuwtje hoe Google aan het testen is voor het weergeven van trage sites in de mobiele zoekresultaten, kom ik dan weer aan het einde van deze podcast.

Als je de podcast leuk vindt en je wilt nog meer op de hoogte blijven, volg me dan ook op Twitter, via @reputatiecoach1.

Heb je inderdaad wat aan alle informatie die ik met je deel, help mij dan met het verder verbeteren en promoten van deze podcast. Abonneer je op de podcast, zodat je altijd meteen de nieuwste uitzending krijgt voorgeschoteld.

Zoek de podcast op, in iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en laat ook je reactie achter. Door de podcast te beoordelen op iTunes en/of Stitcher breng je de podcast onder de aandacht van een breder publiek.

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen, of door ’m te delen op Twitter, like’n en delen op Facebook of een “+1” te geven op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om je te helpen! Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie of de vindbaarheid van je website, kun je een mailtje sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, door op de tab aan de rechterkant van elke pagina te klikken, en je bericht in te spreken. Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 117 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

Podcast Aflevering 17 (23-03-2013)

Play

ReputatieCoaching Podcast aflevering 17!

Reputatie Coaching Podcast Aflevering 17 (23-03-2013)De lente is begonnen en buiten giert nog steeds een ijzige wind om het kantoor. Ik ben weliswaar ook enigszins geveld door de griep, maar ik zit hier in ieder geval warm. Mocht dit de eerste keer zijn dat je naar de podcast luistert, dan laat ik je bij deze weten dat mijn stem normaal echt anders klinkt. Hoe mijn stem nu klinkt is het gevolg van het feit dat ik me niet optimaal voel.

De ReputatieCoaching Podcast brengt je het het nieuws uit de media van afgelopen week over een aantal uiteenlopende onderwerpen. Mijn doel is je te laten inzien dat in deze tijd een combinatie moet hebben van aan de ene kant content marketing, terwijl je aan de andere kant werkt aan je online reputatie. Hiermee onderscheid je je van je omgeving, waardoor je meer verkeer naar je website trekt, meer prospects converteert naar klanten en klanten naar ambassadeurs. En zo realiseer je meer omzet en dus meer winst.

Mijn naam is Eduard de Boer -ook wel bekend als de ReputatieCoach- en ik ben je host voor vandaag.

Ten eerste ben ik nog bezig met sprekers zoeken en benaderen, dus ook deze week heb ik nog geen interview voor je. Echter, het aantal mensen dat het leuk vindt om te worden geïnterviewd neemt toe. Nog een ogenblik geduld ten aanzien van de interviews, dus.

Tijdens mijn speurtochten, waarbij ik het Internet tot de grenzen afschuim op zoek naar leuk nieuws en leerzame blogposts ben ik weer op een groot aantal leuke topics gestuit.

Voordat ik doorga even een advies tussendoor. De kans is groot dat jij Google gebruikt voor zo goed als al je zoekpogingen op Internet. Maar controleer je wel eens of je website ook op de juiste zoektermen goed scoort in Bing, de zoekmachine van Microsoft? Reden dat ik je dit vraag is dat Facebook een partnership heeft met Microsoft. En ik heb al eens verteld over de nieuwe zoekmogelijkheden die binnenkort in Facebook zullen verschijnen, ook voor de Nederlandse markt. Het betreft hier de Facebook Graph Search. De URL hier naartoe kun je vinden in de show notes op: www.reputatiecoaching.nl/podcast-17.

Maar goed, het partnership met Microsoft houdt in, dat als Facebook je straks geen resultaten kan geven, zij de zoekresultaten van Bing zullen tonen. Begrijp je waar ik heen wil? Als jij met je website ook goed scoort in de zoekresultaten op Bing word je dan mogelijk ook getoond in Facebook. Hiermee is het dus opeens een stuk belangrijker geworden, dat jij met je website ook goed vindbaar bent in Bing.

Terug naar het nieuws en de berichten van vandaag. Vandaag begin ik met iets meer achtergrondinformatie over het geotaggen van foto’s: wat is het, hoe doe je het en waarom moet je het doen? Hiermee borduur ik voort op de paar berichten van afgelopen twee weken.

En afgelopen week heb ik een volwaardige website opgezet, die maar liefst € 9 per jaar kost, inclusief een eigen domeinnaam en maximaal 50 e-mailadressen! Daar wil ik je ook iets meer over vertellen.

BBC en Digg zijn tijdelijk uit de gratie gevallen bij Google, waarbij Digg tijdelijk helemaal niet meer was te vinden in de zoekresultaten!

Google Maps heeft haar voorwaarden weer iets aangescherpt. En als we het dan toch over lokale bedrijfsvermeldingen hebben, vertel ik je meteen iets over de meest voorkomende problemen met bedrijfsvermeldingen op Internet.

Heb je overigens al de laatste roddels gehoord over YahTube? Nee, geen YouTube, maar YahTube!

Als laatste onderwerp van deze podcast heb ik 5 manieren voor je om bestaande content nieuw leven in te blazen.

Geotaggen? Wat is geotaggen? Als je m’n weblog de laatste twee weken even niet hebt bezocht, is dit waarschijnlijk nog aan je voorbij gegaan. Dus daarom wil ik er hier in de podcast iets dieper op ingaan.

Op Wikipedia vind je de volgende betekenis voor het woord “geotagging”:

Geotagging (ook wel geschreven als GeoTagging) is het proces om media te voorzien van GPS-coördinaten. Onder media kan worden verstaan een foto, video, website, SMS of RSS feeds. Meestal wordt geotagging gebruikt voor foto’s. De GPS-coördinaten die worden toegevoegd bestaan meestal uit een lengte- en breedtegraad, maar ook hoogte, richting, nauwkeurigheid van de GPS-meting kan via deze techniek vastgelegd worden.

Dus je kunt foto’s voorzien van GPS-coördinaten. Maar waarom is dit nu zo belangrijk en wat kan het je opleveren als je beter wilt scoren in de lokale zoekresultaten? Eigenlijk is het heel logisch: als de foto door een zoekmachine wordt gevonden, met op dezelfde pagina de bedrijfsgegevens van een bedrijf (dus: naam, adres, postcode, plaats en telefoonnummer), terwijl de foto ook nog eens voorzien is van GPS-coördinaten die corresponderen met het adres in de bedrijsvermelding, dan wordt dit gezien als een extra sterk signaal dat het vermelde bedrijf daadwerkelijk op de aangegeven locatie gevestigd is.

Er zijn diverse fotocamera’s op de markt die een ingebouwde GPS-ontvanger hebben en deze camera’s voorzien foto’s dus al van de GPS-coördinaten waar de foto is genomen. En ook de meeste moderne smartphones voorzien foto’s van de coördinaten waar op aarde de foto is genomen.

Maar stel dat je geen fotocamera met ingebouwde GPS-ontvanger hebt en je wilt iets betere kwaliteit foto’s dan dat je met je smartphone kunt maken: Wat moet je dan doen? Er zijn verschillende mogelijkheden.

Zo kun je bijvoorbeeld tijdens een fotoreportage een zogenaamd track bijhouden op een smartphone app of met een GPS-tagger. Met specifieke software kun je dan later de gelogde coördinaten koppelen aan de foto’s. Dat is mogelijk nogal omslachtig, zeker als je gewoon een set foto’s wil koppelen aan je eigen bedrijfslocatie.

Hiervoor heb ik anderhalve week geleden een instructievideo gemaakt, hoe je dit kunt doen met het gratis programma “Picasa” van Google. Dan is het opeens ontzettend eenvoudig. Ook heb ik inmiddels twee instructievideo’s online geplaatst. In de eerste leg ik uit hoe je de geotagged foto’s kunt uploaden naar Panoramio en in de tweede video laat ik zien hoe je de geotagged foto’s upload naar Flickr. Ik raad je ook aan deze foto’s zoveel mogelijk op alle andere sites te plaatsen, waar je foto’s kunt uploaden. Het kan alleen maar in je voordeel werken, om zo je lokale vindbaarheid te vergroten.

Een tip ten aanzien van Google+ Local: er wordt ook gezegd dat het extra helpt als je de geotagged foto’s upload in de Google+ Local, als bedrijfsafbeeldingen. Nou ja, zoals ik al zei: het kan nooit kwaad om al je bedrijfsfoto’s te geotaggen, voordat je ze upload.

Professionele fotografen en videografen kunnen hier ook hun voordeel mee doen: door de foto’s te voorzien van de coördinaten waar ze zijn genomen, kunnen ze mogelijk beter ranken in de zoekmachines op de desbetreffende locatie. Een goed voorbeeld is het geotaggen van trouwfoto’s op diverse trouwlocaties. Als aanstaande bruidsparen dan zoeken op een trouwlocatie, vergroot je als trouwfotograaf de kans dat jouw foto’s dan ook worden getoond.

Let wel: ik hou hier overal een slag om de arm. Zoekmachines zijn continu aan veranderingen onderhevig en alles wat ik met je deel is absoluut GEEN garantie, dat het je positie in de zoekresultaten verbetert. Het enige is, dat je als je mijn tips opvolgt, je in ieder geval meer kans hebt om hoger in de zoekresultaten te verschijnen.

Iemand die jou de garantie geeft dat hij of zij jouw website naar de toppositie in Bing, DuckDuckGo of Google kan helpen op alle gewenste zoektermen is een potentiële oplichter, bedrieger, of iemand die niet weet waar hij of zij het over heeft.

Er is namelijk geen vaste methode om nummer 1 te scoren. Als dat zo zou zijn, dan zou iedereen die methode gebruiken, waardoor iedereen op nummer 1 zou staan en dat kan natuurlijk niet. Mijn advies is dat je bij mensen die je deze gouden bergen beloven, ver uit de buurt moet blijven!

Een website met professionele hosting, een eigen domeinnaam en 50 mailadressen voor slechts € 9 per jaar? Kan dat? Ja, dat kan. Afgelopen week kreeg ik het verzoek een weblog in te richten op een externe hosting omgeving, voor zo laag mogelijke kosten. Dus ik ben verschillende manieren gaan onderzoeken.

Op zich ben ik een enthousiaste fan van WordPress, zoals je weet. WordPress is niet alleen een Open Source software omgeving die je op een eigen server kunt installeren, maar op de site wordpress.com kun je ook een gratis WordPress blog aanmaken dat dan een adres krijgt in de trant van: mijnwebhoekje.wordpress.com . (Dit is natuurlijk een fictieve website). Zo’n weblog kost je dus niets en je hebt dan een fantastische weblog-omgeving met een wordpress.com hostnaam.

Als je meer wilt, dan moet je gaan betalen. Zo kost het bijvoorbeeld US$ 13 per jaar als je een eigen domainnaam aan je WordPress.com weblog wilt koppelen. Ook kun je meer opslagcapaciteit kopen, evenals commerciële themes om je weblog er nog mooier uit te laten zien.

Ook biedt WordPress.com een Pro-bundel, met een waarde van US$ 166, voor een jaarlijks bedrag van US$ 99. Je krijgt dan je eigen domeinnaam (dus zonder de wordpress.com extensie) en je kunt HD video’s direct uploaden naar je eigen website. Ook is je weblog dan vrij van advertenties, kun je het design aanpassen en krijg je 10 GB extra opslagcapaciteit voor afbeeldingen, audio en video. Maar je hebt dan dus nog geen e-mail onder je eigen domeinnaam!

Ik wilde dus een weblog met zoveel mogelijk functionaliteit voor zo min mogelijk geld op een zo betrouwbaar mogelijke webhosting omgeving. Als je me dit zo hoort zeggen, lijkt het alsof ik iets van een gratis schaap met vijf poten zoek, of de spreekwoordelijke speld in de hooiberg.

Kort gezegd heb ik de volgende stappen ondernomen:

 

  1. Domeinnaam geregistreerd bij www.mijndomein.nl . Dit kostte € 9,-

  2. Onder mijn Google account een gratis weblog aangemaakt op www.blogspot.com van Google

  3. De domeinnaam gekoppeld aan het gratis weblog, waardoor de weblog dus niet meer door het leven gaat als mijnwebhoekje.blogspot.nl, maar onder de eigen domeinnaam.

Google geeft je goede aanwijzingen hoe je Blogspot met je eigen domeinnaam kunt gebruiken. De daadwerkelijke instellingen doorvoeren kostte me nog geen vijf minuten. Toen was het wachten, tot de zogenaamde DNS-instellingen ook in de rest van de wereld bekend waren en ik door kon.

En dan de mail, dat was eventjes tricky. Tot december 2012 bracht ik de e-mailhosting altijd graag onder bij Google Apps voor business. Daar had ik dan 10 gratis accounts met 10 e-mailadressen. Maar sinds eind vorig jaar is die dienst niet meer gratis. Dus moest ik daar iets anders op verzinnen.

Nou, een tijdje geleden had ik je ook eens verteld over de nieuwe dienst van Microsoft, die de opvolger wordt van Hotmail. Die nieuwe mailomgeving heet outlook.com. In podcast 8 vertelde ik je toen dat je daar onder je eigen domein maar liefst 500 mailaccounts kon krijgen. Dus ik dacht: “OK, ik trek de stoute schoenen aan en ik ga uitzoeken hoe dat werkt!”.

Zo gezegd, zo gedaan. Ik kwam er al snel achter dat je standaard 50 mailaccounts bij outlook.com krijgt en als je meer gratis accounts nodig hebt, je contact met Microsoft moet opnemen. Maar voor mijn doeleinden was 50 mailaccounts meer dan voldoende en bovendien komt elk account ook met een SkyDrive van 7 GB waarop je gratis gebruik kunt maken van Word, Excel, Powerpoint, het OneNote notitieblok en Excel enquête. Dus eigenlijk heb je daar ook de meestgebruikte applicaties, die je voorheen bij Google Apps voor business had.

Om de mail voor jouw eigen domeinnaam onder te brengen bij Microsoft, moet je tenminste 1 hotmail.com of outlook.com mailadres hebben. Maar goed, wie heeft dat nu niet?

Via de site domains.live.com kun je dan inloggen en je domeinnaam aanmelden, waardoor je je mail op de infrastructuur van Microsoft kunt laten binnenkomen. Ook Microsoft geeft je duidelijke instructies wat je wanneer moet doen. En in combinatie met de gebruiksvriendelijke interface van mijndomein.nl was het technisch gezien een fluitje van een cent.

Mogelijk is deze beschrijving van hoe ik dit heb gerealiseerd iets te technisch voor je. Daarom zal ik binnenkort hier één of enkele instructievideo’s van maken en die online zetten voor je. Mocht je zelf nog behoefte hebben aan een extra weblog onder je eigen domainnaam met e-mailhosting voor slechts € 9 per jaar, dan kun je gewoon die instructievideo’s volgen.

Tot zover de spotgoedkope en betrouwbare weblog en mailoplossing.

Google zit niet alleen achter de illegale blognetwerken aan, maar ze houden ook echt grote bedrijven in de gaten of die niet –al of niet opzettelijk– illegale dingen doen op hun websites. Zo was vlak na Valentijnsdag het Britse Interflora (ofwel: Fleurop) tijdelijk totaal niet meer vindbaar in Google en in de afgelopen paar weken was het een beetje raak voor de Engelse BBC.

Zoals je wellicht weet heeft de BBC werkelijk honderden verschillende websites onder vele domeinnamen. Eerst werd het verhaal heel erg opgeblazen op Internet, maar later bleek dat de BBC een mailtje had gekregen van Google, dat een pagina, of beter gezegd: één pagina, illegale backlinks had. Dat heeft de BBC in goed overleg met Google gefixed en dus was er eigenlijk geen vuiltje aan de lucht.

De social bookmarking site “Digg” was er iets erger aan toe. Op Search Engine Journal was te zien dat Digg omstreeks 20 maart tijdelijk ècht niet meer in Google was te vinden. Als je intypte: site:digg.com kreeg je te zien dat Google hier geen overeenkomstige inhoud voor had:

Uiteindelijk bleek dit het gevolg te zijn van een “foutje” bij Google. Google wilde slechts één pagina op Digg markeren als zoekmachine spam, maar markeerde per ongeluk het hele domein “digg.com” als spam, met als gevolg dat er geen enkele letter op de site van digg.com meer vindbaar was op Google.

Google heeft haar fout toegegeven, excuses aangeboden en beloofd te zullen onderzoeken hoe ze dit soort fouten in de toekomst kunnen voorkomen.

Inmiddels is de inhoud van digg.com weer vindbaar in Google.

Zoals ik al zei tijdens de opening: Google Maps heeft haar voorwaarden aangepast. Volgens de nieuwe voorwaarden mag je geen redirect gebruiken in de URL die je vermeldt in Google Maps. Dat houdt dus in dat de URL die je daar opgeeft, direct en zonder omwegen naar jouw website moet verwijzen. Nu doen de meeste bedrijven dit ook gewoon en voor hen is er dus niets aan hand, maar ik vond toch dat ik dit eventjes moest melden.

In ReputatieCoaching Podcast nummer 15 liet ik je weten dat Amerikaanse bedrijven zo’n slordige 10 miljard dollar aan omzet gratis maar onbedoeld weggeven aan concurrenten, als gevolg van verkeerde bedrijfsvermeldingen. De onderzoekers die dit toen meldden hebben nu op de site Search Engine Land ook een artikel gepost met de meest voorkomende fouten in de bedrijfsvermeldingen.

In de show notes heb ik een grafiek opgenomen, waarin de meest voorkomende fouten staan vermeld. Ik zal ze je opnoemen, waarbij ik met de meest voorkomende begin:

  1. Onjuist adres, of geen adresvermelding (43%)

  2. Bedrijfsnaam onjuist of niet vermeld (37%)

  3. Geen URL naar de website opgegeven (19%)

  4. Onjuist telefoonnummer of telefoonnummer niet vermeld (18%)

  5. Helemaal geen bedrijfsvermelding (15%)

Dit onderzoek is gedaan onder 40.000 bedrijfsvermeldingen. Als je verder in het artikel duikt, dan kun je nalezen dat verzekeringsagenten en makelaars met respectievelijk 30% en 22% en autobedrijven en financieel adviseurs en banken met 16% de bedrijven zijn, die geen bedrijfsvermelding hebben.

Heb jij al gecontroleerd of jouw bedrijfsgevens op zoveel mogelijk plaatsen kloppen? Zo niet, dan raad ik je aan dat toch echt eens te doen, want mogelijk laat je veel business liggen, wat dan dus logischerwijs naar je concurrenten gaat!

Een andere bedrijfstak die erg kan profiteren van lokale SEO, zijn hotels. Ik had eerder deze week een gesprek met een eigenaar van een hotel die zelf niet veel heil zag in lokale zoekmachine marketing. Om hem te citeren: “Ons hotel is al voor zo’n 70% bezet, dankzij de diverse bookingsites”. Mijn idee dat er dan nog ruimte was om de omzet met de resterende 30% te laten groeien werd van tafel geveegd: zo werkte dat niet.

En terwijl ik gisteren mij weer aan het voorbereiden was voor de podcast van vandaag, stuitte ik op een artikel dat precies hierover ging: de effecten van Internet branding van hotels in de hedendaagse economie. De link naar dit artikel vind je natuurlijk ook weer in de info box van de show notes.

Enkele markante statistieken uit dit artikel:

  • 80% van alle reisproducten in het Verenigd Koninkrijk worden online gezocht en gekocht

  • 45% van alle reizigers gebruiken reviews om hun eigen reisplannen op te stellen

  • 1 op de 4 reizigers gebruikt sociale media om zijn of haar reis te plannen

  • 1 op de 3 zakelijke reizigers post reviews van de plekken waar hij/zij heeft overnacht

Het artikel geeft twee belangrijke adviezen:

  1. Het consolideren van reviews in één of enkele plaatsen, zodat ze gemakkelijk zijn te vinden

  2. Het inzetten van lokale zoekmachine marketing

Vooral dat tweede advies ligt eigenlijk heel erg voor de hand. Want als iemand bijvoorbeeld een hotel in Praag zoekt, is de kans groot, dat deze persoon dan op Google zoekt op de zoekterm: hotel Praag. Google toont dan natuurlijk als eerste eventuele advertenties in het bekende gele blok, waarna al snel de lokale resultaten volgen, gelabeld van “A” tot en met “G”. In de show notes heb ik de eerste paar resultaten van deze zoekpoging getoond:

Als een hotel NIET in de resultaten “A” tot en met “G” wordt getoond, verliezen ze gegarandeerd business. En uit onderzoek is gebleken dat van alle kliks op de eerste pagina, maar liefst 54% van alle kliks naar het bedrijf op de “A”-positie gaat, ongeacht de branche van het bedrijf.

Het is dus logisch, dat een bedrijf dat op deze felbegeerde positie staat, automatisch meer business doet vanuit Google, dan de bedrijven die hier niet worden getoond. En het mooie is ook nog eens dat je als bedrijf op die “A”-positie niet eens hoeft te betalen voor alle kliks, ongeacht hoeveel bezoekers je ermee naar je site trekt.

Het andere advies snijdt mijns inziens ook hout: al je reviews moeten zo gemakkelijk mogelijk te vinden zijn voor potentiële hotelgasten.

Een voor de hand liggende locatie is natuurlijk in Google+ Local, zeker als je bedrijf in de “A” tot en met “G” staat. Dan vallen recensies goed op, helemaal als je er meer tien of meer hebt. Dan wordt namelijk de zogenaamde Zagat-rating getoond, zoals je in de screendump in de show notes kunt zien bij “Hotel Evropa” op de “G”-positie.

Mochten er onder de luisteraars eigenaars zitten van hotels, laat het dan weten in de reacties onder de transcriptie op de website. Post een reactie en dan zal ik eens op zoek gaan naar wat de beste sites zijn om recensies op te verzamelen. De eerste die sowieso meteen bij me opkomen zijn: Yelp, Tripadvisor, Booking.com en Zoover.

Over recensies gesproken: vind je de informatie in deze podcast nuttig of leerzaam? Help mij met het verder vergroten van het luisterpubliek en beveel deze podcast aan bij collega’s en/of vrienden.

Nog beter: zoek de ReputatieCoaching Podcast op in iTunes en laat daar een recensie achter! Zo help je er aan mee dat de podcast beter kan worden gevonden. Heb je een recensie gepost, stuur dan een berichtje naar podcast@reputatiecoaching.nl, dat je een recensie hebt gegeven.

YahTube?! Eduard, bedoel je niet per ongeluk YouTube? Nee nee, YahTube! Het gerucht gaat dat Marisa Mayer, de relatief versie CEO van Yahoo!, in overleg is met DailyMotion met als doel dit bedrijf over te nemen. DailyMotion is nu nog eigenaar van telecombedrijf Orange en heeft een beurswaarde van zo’n 300 miljoen dollar. Na YouTube is DailyMotion de grootste videosite op Internet.

Grappig genoeg heeft Yahoo! in 2011 de video-activiteiten gestaakt en alle gebruikersvideo’s toen verwijderd. Maar nu lijkt het er dus op, dat Yahoo! mogelijk een groot aandeel gaat nemen in DailyMotion, of het zelfs helemaal overneemt.

Het is een gerucht, maar dikwijls zitten in geruchten toch ook wel waarheden. Het geeft in ieder geval wel aan, dat ook Yahoo! ziet dat video de toekomst is.

DailyMotion heeft per maand gemiddeld 109 miljoen bezoekers. Hoewel het de op één na grootste videosite is, is het nog de vraag in hoeverre DailyMotion serieuze concurrentie voor YouTube is.

Want YouTube heeft vorige maand een nieuw record behaald: zij hebben in één maand 1 miljard unieke bezoekers gehad! Dat is dus grofweg zo’n 15% van de wereldbevolking! Of anders gezegd: de helft van de mensen in de wereld die toegang hebben tot Internet. Ook hieruit blijkt: video heeft toekomst!

Ik kan je alleen maar aanraden om eens na te denken of jij ook video kunt gebruiken in je online bedrijfsstrategie, want vergeet niet: na Google is YouTube de grootste zoekmachine qua aantal zoekpogingen. Dus als je niet alleen te vinden bent op Google, maar ook nog eens op YouTube en mogelijk op andere videosites, dan kun je ook een graantje meepikken van deze trend.

Stel je hebt al langere tijd een weblog, waar je regelmatig en geregeld nieuwe en verse content post. Dan verdwijnen oudere artikelen langzaam in de zoekresultaten. Maar er zijn mogelijkheden om deze artikelen nieuw leven in te blazen. Ik heb hiervoor ooit eens een vijftal tips gevonden. Deze tips wil ik hier graag met je delen:

  1. Link vaak naar reeds gepubliceerde (oudere) artikelen – dit is de gemakkelijkste manier om meer aandacht te creëren voor die artikelen, zodat ze weer vaker worden gelezen. Bovendien helpt het met je SEO. Zelf heb ik op het weblog van ReputatieCoaching een WordPress plugin geïnstalleerd, met de naam “YARPP”. “YARPP” staat voor “Yet Another Related Posts Plugin”. Deze plugin kun je zo instellen dat hij automatisch onder aan elk artikel een door jou gespecificeerd aantal gerelateerde artikelen toont. Naarmate je meer content post, verandert die lijst ook. Het mooie hieraan is, dat je er niets speciaals voor hoeft te doen, omdat de plugin geheel op de achtergrond zijn werk doet.

  2. Promote hele artikelen in je RSS-feed – zo kan jouw werk nog beter worden gevonden, waardoor het ook weer meer wordt gelezen.

  3. Indien toegestaan, gebruik elders gepubliceerde artikelen – als je als gastblogger artikelen post op andere sites, kun je toestemming vragen om die artikelen na een zekere tijd op je eigen site te mogen posten met een link naar het originele artikel. Hiermee sla je twee vliegen in één klap: het kan zijn dat lezers van jouw blog je artikel niet op ander site hebben gevonden en de andere site kan mogelijk ook interessant zijn voor de lezers van jouw weblog.

  4. Hergebruik je content in een ander medium – Zo kun je van een artikel een slideshow maken met een voiceover, of muziek eronder, of van foto’s een diashow met muziek. En als je artistiek bent aangelegd kun je infographics maken en die publiceren.

  5. Gebruik je bestaande content om een boek te schrijven of een app te maken – Dit borduurt een beetje voort op de vierde tip, maar wordt vaak door bloggers over het hoofd gezien als mogelijkheid om de content op andere manieren te verspreiden. Bovendien draagt het schrijven, publiceren en verkopen van een boek substantieel bij aan je autoriteit.

Heb jij nog andere ideeën om oude content nieuw leven in te blazen, post deze dan in de reacties, onder de transcriptie van deze podcast.

Hiermee kom ik dan weer aan het einde van de podcast van deze week, die nu voor het eerst op zaterdag. Nogmaals mijn excuses voor mijn stem, maar ondanks mijn griep vond ik dat ik het niet kon maken om de podcast op een later tijdstip uit te brengen.

Je kunt al het nieuws van ReputatieCoaching ook gemakkelijk vinden in Google+ door daar naar “ReputatieCoaching” te zoeken. Als alternatief kun je naar de pagina www.reputatiecoaching.nl/gplus gaan (dat is “g-p-l-u-s”).

Nu ik het toch hierover heb: als jij wat hebt aan de informatie en je vind het leuk om naar de podcast te luisteren, dan kun je ook een bericht achterlaten op onze Facebookpagina, op: www.reputatiecoaching.nl/facebook. Geef een “Like” of “+1” op Google+, waardoor je laat weten dat je de content op prijs stelt. Of laat een leuke recensie achter op mijn LinkedIn-profiel, op: www.reputatiecoaching.nl/linkedin.

Geef gerust een recensie. En als je opmerkingen hebt over deze podcast, laat die dan op de website onderaan de transcriptie achter. Je kunt de transcriptie van deze podcast snel online vinden door te surfen naar: www.reputatiecoaching.nl/podcast-17. Als je ergens een recensie hebt geplaatst, stuur me dan een mailtje zodat ik je recensie kan vermelden in de podcast.

Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie, stuur dan een mailtje naar podcast@reputatiecoaching.nl of spreek een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

Ik wens iedereen de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

 

Doei!

[info_box]Hieronder het overzicht van de links die in de podcast aan bod komen:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

Podcast Aflevering 13 (25-02-2013)

Play

ReputatieCoaching Podcast nummer dertien!

De ReputatieCoaching Podcast is voor iedereen die wil werken aan zijn of haar online reputatie, zodat ze hun reputatie voor hen kunnen laten werken! In andere woorden: ik help zowel kleine zelfstandigen als grote bedrijven hun reputatie te verbeteren, de omzet en daarmee de winst te vergroten door hun vindbaarheid op Internet te verbeteren.

Mijn naam is Eduard de Boer -ook wel bekend als de ReputatieCoach- en ik ben je host voor vandaag!

Reputatie Coaching Podcast Aflevering 13 (25-02-2013)Je bent natuurlijk weer nieuwsgierig naar de onderwerpen die ik vandaag voor je klaar heb staan om te behandelen. Hier komen ze dan! Als eerste heb ik diverse nieuwsberichten met om te beginnen nieuws over Posterous, gevolgd door nieuws over American Express die je laat betalen met een Twitter hashtag. En ben je je reputatie zat, dan heb ik negen manieren voor je, hoe je je reputatie snel ten gronde kunt helpen.

Dan kreeg ik de vraag of het slim is om twee of meer domeinnamen allemaal naar dezelfde website te laten verwijzen. Het uitgebreide artikel van deze week gaat over de top-20 factoren die een rol spelen bij het hoger scoren in de lokale zoekresultaten op Google+ Local.

Ik kan het niet vaak genoeg zeggen: je moet ervoor zorgen dat je baas bent over je eigen weblog en website. Wees hierin niet afhankelijk van andere partijen, anders dan voor de hosting. En zorg ervoor dat je met regelmaat backups maakt van je data en de content van je website. Nogmaals: plaats je belangrijkste weblog of website niet bij één of andere dienst.

Op 21 januari bleek namelijk dat Posterous, een blogging site die sinds maart 2012 eigendom is van Twitter, stopt. Vanaf die datum was het al niet meer mogelijk om je in te schrijven als nieuwe gebruiker. En vorige week is bekend geworden dat Posterous per 30 april definitief stopt. Vanaf die datum kunnen gebruikers geen blogposts meer aanpassen en zijn de blogs ook niet meer te bekijken…

Dat is nogal een teleurstelling voor de letterlijk miljoenen gebruikers. Gelukkig biedt Posterous wel de mogelijkheid om blogs in de vorm van een zip-file te downloaden. Op Internet zijn voldoende beschrijvingen te vinden van hoe je de data van Posterous kunt migreren naar bijvoorbeeld Blogspot van Google, WordPress of Tumblr. Er is zelfs een website die de migratie voor je kan doen, namelijk www.justmigrate.com. Logischerwijs draait deze site nu overuren en kunnen ze niet alle migraties meteen uitvoeren. Maar ze doen hun best om de hausse aan migratieverzoeken zo snel mogelijk te verwerken.

In de intro zei ik het al: American Express laat je betalen met een Twitter hashtag. Deze actie is alleen nog maar beschikbaar op de Amerikaanse site van American Express, maar ik vond het toch leuk om er hier iets over te vertellen. Het is weliswaar gebruik maken van social media, maar dan eens op een heel andere manier!

Deze tryout heet “AmEx Sync!” en in de show notes heb ik een video opgenomen en een link naar de desbetreffende pagina op de site van American Express. Wow, dat is grappig! Toen ik voor het eerst keek naar deze mogelijkheid, was er alleen “Sync with Twitter”, maar ik zit nu net eventjes de pagina op te zoeken en nu zie ik dat er ook al “Sync with Facebook” is en “Sync with Foursquare”. Hieruit blijkt dat American Express hier snel verder in gaat!

Bekijk eerst eens de onderstaande video:

Terugkomend op betalen per Twitter. Je kunt tweets versturen met bepaalde hashtags. Hiermee spaar je dan punten voor bijvoorbeeld een kop koffie. Later kun je die punten dan inwisselen voor een daadwerkelijke kop koffie.

Stel je bent het hele reputatiegedoe zat en je wilt af van je opgebouwde, goede reputatie. Hoe doe je dat dan? Hiervoor heb ik maar liefst negen tips voor je, waarmee je je reputatie in korte tijd ten gronde kunt helpen.

Op de eerste plaats: geen interactie met je lezers, luisteraars of volgers toestaan. Als je een statische website hebt, zonder bijvoorbeeld de mogelijkheid om reacties te posten, is dit het begin van het einde.

Ten tweede: wees anti-sociaal. Tja, iedereen zegt geen tijd te hebben voor social media. En als je dan toch een maand of zo alleen maar je aanbiedingen gaat Tweeten, zie je dat niemand nog iets bij je heeft gekocht of besteld en dus schuif je dan Twitter aan de kant. Op Facebook hoef je ook niet te zitten, want je vrienden kopen niet bij je, zeg je nog. En Google+ is voor nerds, want daar snap je al helemaal niets van.

Geeft niets: zo kom je snel van je schaarse volgers af… die zoeken namelijk hun sociale contacten dan wel bij je concurrent!

Als derde tip om snel je reputatie kwijt te raken: ga blogberichten schrijven voor de zoekmachines. Doorspek ze met vrijwel onleesbare zinnen, waarin je al je trefwoorden inclusief twaalf varianten per trefwoord om de regel laat voorkomen. Je site mag dan misschien wel tijdelijk hoger in de zoekresultaten verschijnen, maar niemand zal iets bij je bestellen en op den duur je site dus ook links laten liggen. Gegarandeerd succes, als je snel van je website bezoekers af wilt!

En niet behulpzaam zijn is de vierde tip om snel je reputatie te laten dippen.

Als vijfde: haal alle contactmogelijkheden van je site. Dus verwijder je adres, telefoonnummer, twitter account etc. Geef de indruk dat de site totaal inactief is en dat je niet meer te vinden bent. Zo heb je het snel erg rustig!

Als je dan ook nog eens eigenwijs bent en vindt en ook communiceert dat jij altijd gelijk hebt, jaag je de mensen nog sneller van je site. Als je bij commentaar meteen agressief wordt en je middelvinger al of niet letterlijk opsteekt, versnel je dit proces nog meer.

De zevende katalysator voor het snel kwijtraken van bezoekers is om een rommeltje te maken van je website. Zet hem vol met affiliate banners en maak de navigatie totaal onduidelijk. Haal ook eventuele zoekmogelijkheid van je site af.

En het gebruiken van schuttingtaal op je site draagt ook meestal bij tot het snel verjagen van de mensen die zich door de vorige zeven tips nog niet hebben laten intimideren.

En de negende tip is het toepassen van smerige tactieken: foute kleine lettertjes, fake testimonials, spammen van mensen of moeilijke uitschrijfmogelijkheden voor je mailinglist introduceren.

Als het echter te doel is om je klanten te behouden, doe dit alles dan vooral niet, Nee, dan moet je je klanten pamperen, koesteren, in de watten te leggen en je sociaal opstellen. Ofwel: wees een goed, gul, eerlijk en ethisch persoon! Als je dat combineert met goede content en je zorgt er ook voor dat je die content goed onder de aandacht brengt van de juiste doelgroep, dan positioneer je jezelf maximaal voor succes!

Ik had het zojuist over sociale betrokkenheid bij je lezers en luisteraars. Als jij wat hebt aan de informatie en je vind het leuk om naar de podcast te luisteren, dan kun je een bericht achterlaten op onze Facebookpagina, op: www.reputatiecoaching.nl/facebook of op onze Google+ pagina, op: www.reputatiecoaching.nl/gplus (dat is dus g-p-l-u-s).

Ga vandaag nog naar iTunes en maak een account aan, als je die nog niet hebt. Beoordeel dan deze podcast op iTunes en stuur een berichtje naar podcast@reputatiecoaching.nl, dat je een recensie hebt gegeven. Zit je achter je computer en heb je Twitter of Tweetdeck of iets dergelijks geopend, stuur dan een tweet met je mening met hashtag “repcoach”, dus #repcoach erbij.

Geef gerust een recensie. En als je opmerkingen hebt over deze podcast, laat die dan op de website onderaan de transcriptie achter. Je kunt de transcriptie van deze podcast snel online vinden door te surfen naar: www.reputatiecoaching.nl/podcast-13. Als je ergens een recensie hebt geplaatst, stuur me dan een mailtje zodat ik je recensie kan vermelden in de podcast.

Heb je een vraag of probleem met betrekking tot je online reputatie: stuur dan een mailtje naar podcast@reputatiecoaching.nl of spreek een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

Van de week vroeg iemand mij terloops of het verstandig was om twee of meer domeinnamen naar dezelfde website te laten verwijzen. Nou euhhh… Deze persoon had maar liefst negen domeinnamen naar dezelfde website wijzen. Je kunt op je klompen aanvoelen dat dit beslist geen positief effect heeft op je scoring in de zoekmachines. Die zullen jouw content snel aanzien voor spam. Voorheen duikelden al je sites snel de vergetelheid in, maar tegenwoordig stuurt Google een nette mail naar de webmaster, als die bij hen bekend is, waarin ze het probleem signaleren.

Ik ben eens gaan zoeken en natuurlijk heeft Matt Cutts, hoofd van de webspam afdeling van Google, hiervan een korte film gemaakt, die ik in de show notes heb ingevoegd.

Hij vertelt in deze video, dat Google veelal slechts één site zal nemen en zal ranken. Ook al heb je een klein aantal verschillende top-level domeinen met dezelfde content, dus bijvoorbeeld bedrijf.nl, bedrijf.com en bedrijf.fr enzovoorts, dan zal Google dit over het algemeen niet zo snel als spam bestempelen. Want Google weet dat spammers over het algemeen heel andere tatieken gebruiken om zoveel mogelijk backlinks te creëren etc. Een kenmerk van spammers is bijvoorbeeld dat zij niet vaak de moeite nemen om verschillende top-level domeinen te gebruiken, zoals .fr, .co.uk., .de en dergelijke.

Ik kan je overigens ook van harte aanraden je te abonneren op de RSS-feed van het Google Webmaster Central weblog, als je in deze materie bent geïnteresseerd. Daar kun je wekelijks een aantal leerzame artikelen van Google lezen, waar je je voordeel mee kunt doen. De link hier naartoe vind je terug in de infobox, onderaan de show notes van deze podcast.

Als laatste topic van deze podcast vandaag: Google+ Local. Ik heb het er al eens eerder over gehad, maar het wordt inmiddels duidelijker dat Google steeds meer waarde hecht aan lokale zoekresultaten. Zoek maar eens op bijvoorbeeld “bakkerij Apeldoorn” op Google en je ziet dat meer dan de helft van de bovenkant van de pagina wordt ingenomen door lokale zoekresultaten. Pas daarna volgen de organische zoekresultaten.

Soms heeft Google het ook wel eens fout, of beter gezegd: iets minder goed. Ik heb je in diverse voorgaande podcasts en artikelen verteld dat ik trouwambtenaar Hetty Wennekendonk uit Apeldoorn help om met haar website hoger in de zoekresultaten te komen. Zij heeft recentelijk de PIN-code van Google ontvangen en dus hebben we haar lokale Google+ pagina kunnen verifiëren. Tot dusver ging alles voorspoedig.

Maar afgelopen week was ik in Google aan het zoeken op de zoekterm “trouwlocatie Apeldoorn” en ik was hogelijk verbaasd dat ik de Google+ Local pagina van Hetty op de tweede positie zag staan. In de show notes zie je een screendump staan. Bij deze zoekpoging ben ik niet ingelogd en toch zie je hierop duidelijk dat zij als trouwambtenaar op de “B”-positie staat.

Op de website “www.search-motive.com” las ik een leuk artikel over de 20 belangrijkste factoren die een rol spelen bij het scoren in de Google+ Local zoekresultaten. Deze wil ik dan ook hier met je delen. Als eerste de top-5 factoren ten aanzien van je Google+ Local pagina, ook wel bekend als de oude “Google Places pagina”:

  1. Claim je Google+ vermelding – op zich klinkt dit logisch, maar zoals ik ook al in een vorige podcast vertelde heeft de meerderheid van de ondernemingen hun Google+ Local pagina nog niet geclaimd. Dus waarschijnlijk hebben je concurrenten dit ook nog niet gedaan en kun jij er voorlopig je voordeel mee doen.
  2. Stel de juiste categorieën in – je kunt maximaal vijf categorieën instellen om je bedrijf onder te vermelden. Gebruik die ook, als dat nodig is. Maar draaf hier niet te ver in door. Ten aanzien van die trouwambtenaar had ik een uitdaging: de enige categorie die enigszins in de buurt kwam was: “evenementenbureau”. Deze vlag dekt niet de lading, dat weet ik, maar iets beters kon ik niet kiezen, want je bent -tot grote ergernis van veel ondernemers- nog steeds overgeleverd aan de beperkte set categorieën, waar Google je uit laat kiezen.
  3. Je product of dienst in je bedrijfsnaam – Ga dit niet forceren bij het aanmaken van je bedrijfsvermelding op Google+ Local. Maar als je bedrijfsnaam -zoals die bij de Kamer van Koophandel is vastgelegd- je product of dienst bevat, dan helpt dit om te scoren in de lokale zoekresultaten.
  4. Voeg foto’s toe – Je kunt maximaal 10 foto’s bij je vermelding toevoegen, maar Google ziet er graag tenminste vijf. Deze dienen ervoor om je business te promoten, dus kies daarvoor dan ook mooie en kwalitatief goede foto’s!
  5. Je product of dienst in je bedrijfsomschrijving – het vermelden van je producten en diensten in je bedrijfsomschrijving helpt ook. En bedenk dat je tegenwoordig ook vanuit je bedrijfsomschrijving kunt linken naar bepaalde pagina’s op je website. Maak daar gebruik van, maar net als met alle andere acties: doe het met mate en draaf dus niet te ver door.

Ten aanzien van je website en domeinnaam beschrijft dit artikel de volgende top-5 punten:

  1. Autoriteit van je website – Deze wordt traditioneel bepaald door (1) je website zo in te richten dat Google alle content goed kan vinden en (2) externe links naar je bedrijf en vermeldingen van je bedrijf.
  2. Plaats, regio of provincie in de titel van de webpagina waar je Google+ Local vermelding naar verwijst – Als je slechts één bedrijfslocatie hebt, laat je je Google+ Local pagina hoogstwaarschijnlijk verwijzen naar je home pagina. Als je meerdere locaties hebt, dan moet je een aparte pagina op je website hebben, per locatie. En elke Google+ Local vermelding moet dan verwijzen naar de desbetreffende individuele pagina op je website. Vergeet dan ook niet de plaats, provincie en eventueel het adres en/of telefoonnummer van elke locatie in de paginatitel van elke pagina te zetten.
  3. NAPT op website stemt overeen met NAPT op Google+ Local – Google houdt van consistentie. Dus zorg ervoor dat al je bedrijfsvermeldingen (Naam, Adres, Postcode/Paats en Telefoonnumer) overal hetzelfde is. Gebruik ook indien mogelijk zoveel mogelijk dezelfde formatting en schrijfwijze. Dus schrijf telefoonnummers overal hetzelfde en gebruik altijd “ … en …” of “… & …”, maar gebruik het consistent. Overweeg ook of je je bedrijfsvermelding (Naam, Adres, Postcode/Plaats en Telefoonnummer) bijvoorbeeld overal in de zijbalk of in de footer van elke pagina plaatst. Dit kan helpen.
  4. Product of dienst en locatie in de URL van de webpagina – Als je Google+ Local pagina naar de homepagina van je website verwijst, kan dit niet, maar als je meerdere locaties hebt en je hebt op je website ook een individuele pagina per locatie, dan zou je de product/dienst en/of locatie ook in je URL kunnen gebruiken.
  5. NAPT in schema.org opmaak – Ik heb in podcast 3 en podcast 5 al verteld over schema.org. Als je je adres op je website vermeldt, zorg er dan voor dat je web designer deze zogezegd “onderwater” correct markeert door middel van schema.org tags. Dit is niet zichtbaar voor de mensen die je webpagina’s bezoeken, maar het helpt zoekmachines om dat stukje tekst te identificeren als het adres van je bedrijf.

Ook vermeldingen op andere sites spelen een rol bij de positie van jouw bedrijf in de lokale zoekresultaten. Waar vroeger het aantal links naar je site ongeveer de enige factor was die je positie bepaalde, spelen tegenwoordig “citations” een heel belangrijke rol. Citations zijn bedrijfsvermeldingen, waarin de NAPT gegevens worden getoond. Het artikel beschrijft de volgende top-5 zogenaamde “offsite” aspecten:

  1. Hoeveelheid gestructureerde citations – Een gestructureerde citation is een vermelding van de NAPT-gegevens van jouw bedrijf op een andere site. Hier geldt simpelweg als een belangrijke factor: hoeveelheid. Dus over het algemeen: hoe meer, hoe beter!
  2. Kwaliteit / autoriteit van je citations – Het spreekt voor zich dat een vermelding van jouw bedrijfsgegevens op bijvoorbeeld je Facebook bedrijfspagina of op TomTom Places meer waarde heeft, dan een vermelding van jouw bedrijfsgegevens op het persoonlijke weblog van je nichtje. Hier geldt dus dat kwaliteit wel boven kwantiteit (hoeveelheid) gaat. Maar het blijft altijd een mix van beide factoren.
  3. Consistentie van de bedrijfsgegevens – Dit betekent dat je bedrijfsgegevens overal zoveel mogelijk hetzelfde moeten zijn. Onjuiste of inconsistente bedrijfsgegevens hebben een negatief effect op je positie in de lokale zoekresultaten. Dit geldt niet alleen voor bijvoorbeeld je adres of telefoonnummer, maar ook voor je openingstijden. Zorg er dus voor dat ook overal bijvoorbeeld je openingstijden hetzelfde zijn: niet alleen op je website en op Google+ Local, maar ook bijvoorbeeld op www.openingstijden.nl.
  4. Kwaliteit / autoriteit van ongestructureerde of onvolledige citations – Dit zijn vermeldingen van je bedrijf in een blog of andersoortig webartikel, waarbij bijvoorbeeld alleen je bedrijfsnaam en je diensten wordt genoemd, maar niet je telefoonnummer.
  5. Kwaliteit / autoriteit van de sites die naar jouw site linken – Simpelweg links van “jan en alleman” vragen naar je site (of nog slechter: linkruil doen met elke site die maar naar je wil linken) is heel tijdrovend en voegt tegenwoordig niet veel meer toe. Je kunt beter die tijd besteden aan het maken van kwalitatief goede content of een link van een site met een zekere mate van autoriteit te krijgen.

De laatste top-5 gaat over reviews. Het begon voornamelijk in de hotel- en reisbranche met sites, zoals Zoover, TripAdvisor en dergelijke. Maar tegenwoordig is het voor elk bedrijf belangrijk om reviews te verzamelen. Je kunt reviews verzamelen op diverse sites, zoals Google+ Local, Facebook, Yelp en natuurlijk ook gewoon op je eigen site door middel van een invulformulier. Ga beslist geen reviews faken of mensen overal dezelfde reviews laten posten, dat werkt averechts!

Het artikel noemt de volgende top-5 ten aanzien van reviews:

  1. Aantal reviews op Google+ Local – Hoewel niet geheel zaligmakend, draagt een groot aantal reviews op Google+ Local zeker bij tot een hogere vermelding in de lokale zoekresultaten. Als je tien of meer reviews hebt, wordt de zogenaamde Zagat-rating op Google vermeld. Dat is een score van je bedrijf op een schaal van maximaal 30 punten.
  2. Product / dienst in de review tekst – Dit heb je natuurlijk niet onder controle, omdat anderen de reviews over jouw bedrijf, product of dienst posten. Maar een vermelding van het product of de dienst in een review helpt.
  3. Hoeveelheid van reviews op “andere” review sites – Er is meer in de wereld dan de reviews op Google+ Local. Ook Google houdt rekening met reviews die ze op andere sites met een grote mate van autoriteit kunnen vinden. Dit zijn bijvoorbeeld sites als Yelp, Tupalo, TripAdvisor, Qype enzovoorts.
  4. Locatie in de review tekst – Net als met nummer 2 in deze top-5 geldt ook hiervoor dat je er geen of weinig controle over hebt. Maar het vermelden van de plaatsnaam waar je bedrijf is gevestigd, helpt.
  5. Snelheid waarmee je Google+ Local reviews verwerft – Als je de podcasts volgt en je leest de diverse andere artikelen die ik zoal post, is het verleidelijk zo snel mogelijk en zoveel mogelijk recensies of reviews op Google+ Local te verwerven. Google ziet dit als spam en dit heeft een ongewenst effect, namelijk dat je site lager gaat scoren. Het is beter om rustig reviews te verzamelen over de tijd, zodat Google een constante stroom van recensies ziet. En denk erom: het is voor veel bedrijven niet geloofwaardig om maandelijks tientallen recensies te krijgen. Een stuk of 2-3 per maand is al gigantisch mooi en als je dit kunt volhouden, zal je bedrijfsvermelding echt in de lokale zoekresultaten stijgen.

Samenvattend: lokale SEO kost tijd… Veel tijd. Je moet dus geen magische resultaten verwachten als je ergens een review krijgt of je bedrijf weer ergens in een site hebt aangemeld. Nogmaals: het kost tijd! Soms echt weken of zelfs maanden. Geef het dan ook die tijd en ga niet proberen slimmer te zijn dan “het systeem”. Dat werkt misschien eventjes, maar zal je op den duur echt lager in de resultaten brengen.

Hiermee kom ik dan langzaamaan weer aan het einde van deze podcast. Ik hoop dat je het weer leuk vond om naar deze podcast te luisteren.

ergeet niet om een recensie ergens te posten over deze podcast en daarna een mailtje te sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl. Ook kun je naar dit e-mailadres je vragen sturen of een boodschap inspreken op de ReputatieCoaching Hotline. Het nummer daarvan is: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

Ik wens iedereen de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

[info_box]Hieronder het overzicht van de links die in de podcast aan bod komen:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.