113: Degradatie voor mobielonvriendelijke sites in Google, Lokale SEO in Gambia en meer Google nieuws

Play

Reputatie Coaching PodcastVorige week heb ik mijn werkplek in Apeldoorn verruild voor een remote werkplek: een ligbed op het strand in Gambia, met WiFi! Zometeen dan ook meer over lokale SEO in Gambia. Verder heb ik een aantal positieve reacties gekregen op de mail die ik eerder deze week naar alle abonnees heb verstuurd. Als gevolg daarvan had ik gisteren een interessant onderhoud met “De Automotive Coach” van Nederland. Voor de rest is de podcast van vandaag behoorlijk Google-centrisch. Zo heb ik twee wetenswaardige feitjes over reviews op Google+ en nu ik het toch over Google heb: gisteren ontving ik een waarschuwing dat een bepaalde site niet “mobielvriendelijk was” en dat dit een negatief effect kan hebben op de zoekresultaten. Bovendien worden volgens John Mueller van Google 404-error pagina’s niet geïndexeerd. Tenslotte weigert Google het Europese recht om vergeten te worden wereldwijd door te voeren.

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Ik ben Eduard de Boer, ReputatieCoach. Dit is dé podcast die jou helpt om meer business te genereren, doordat jouw website beter gevonden wordt, zowel lokaal als landelijk en doordat ik je uitleg hoe je je online reputatie kunt verbeteren. Dit alles draagt ertoe bij dat je je bedrijf en jezelf beter op de online kaart plaatst..

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/113. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes, op Stitcher en ook op TuneIn Radio. Daar kun je je dus ook abonneren op de wekelijkse podcast.

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

Lokale SEO in Gambia

In de intro zei ik het al: ik had mijn kantoorwerkplek in Apeldoorn gedurende acht dagen verruild voor een ligbed aan het strand in Gambia. Natuurlijk kruipt het bloed waar het niet gaan kan en heb ik dankzij de WiFi op het strand een lokaal SEO onderzoekje en experiment uitgevoerd.

Ons favoriete restaurant “Kunta Kinteh Beach Bar Restaurant & Apartments” was nog niet op Google Maps te vinden in Gambia. Dus heb ik het via Google MapMaker aangemeld:

Kunta Kinteh Restaurant Bar & Apartments, Kotu, Serrekunda, Gambia

Volgens mij heb ik het wel eens eerder verteld in een podcast, maar voor alle zekerheid vertel ik je het nog een keertje. Stel je zoekt een bedrijf op Google+ en het is duidelijk dat er nog geen “Google+ Mijn Bedrijf”-pagina bestaat, gebruik dan Google MapMaker. Log daarop in met je Google account en maak een nieuw lokaal bedrijf aan. Zodra de wijziging (of in dit geval toevoeging) is goedgekeurd, wordt er ook meteen een zakelijke Google+ pagina aangemaakt.

Dat was nu ook het geval en een paar minuten later was de bijgehorende “Google+ Mijn Bedrijf”-pagina voor het restaurant aangemaakt en vindbaar. Helaas heb ik toen geen screenshots gemaakt, van de lokale resultaten vóór en ná mijn actie. Maar als je nu daar in de buurt een restaurant zoekt op Google, dan scoort het restaurant in elk geval de “A”-positie. Ik heb tot een paar kilometer om het restaurant daar in Gambia ook alleen op trefwoord “restaurant” gezocht en in bijna alle gevallen scoorde het restaurant de “A”-positie.

Kunta Kinteh op

En ik moest natuurlijk dan ook meteen het eerste review schrijven, in de hoop dat andere bezoekers van het restaurant dit lezen en worden gestimuleerd om er ook eentje te posten.

Hieruit blijkt dat de lokale SEO op Google echt universeel is. In elk geval in de landen waar de Pigeon-update nog niet is doorgevoerd. Wat die update tot gevolg zal hebben voor de Nederlandstalige lokale zoekresultaten, blijft nog koffiedik kijken.

Praktijkvoorbeeld van gebrek aan “owned content” : De Automotive Coach

Zoals je als trouwe luisteraar van de podcast of lezer van het weblog weet krijg ik af en toe vragen uit diverse uithoeken in Nederland en zelfs daarbuiten, die betrekking hebben op het verbeteren van je online zichtbaarheid, vindbaarheid en reputatie. En in plaats van de vragen af te wachten heb ik eerder deze week een mail gestuurd naar alle abonnees van de mailinglist met de vraag tegen welke problemen zij NU oplopen, die een obstakel zijn in het verder uitbreiden van hun business. De tekst van de mail die ik stuurde, was als volgt:

Hallo,

Inmiddels is 2015 bijna 1 maand oud en hebben we nog 11 maanden te gaan en dan is dit jaar ook weer voorbij…

Daarom ben ik ontzettend benieuwd waar ik JOU dit jaar mee kan helpen. Dus mijn vraag aan jou is: “Wat is je grootste probleem of obstakel, waar je tegenaan loopt bij het uitbreiden van je online business?”.

Laat ik meteen vanaf het begin eerlijk zijn: ik heb heus niet alle wijsheid in pacht en ik weet ook niet de oplossing voor elk probleem of het antwoord op elke vraag die je hebt!

Maar laat mij weten wat JOUW grootste probleem of obstakel is, dat de oorzaak is van het stagneren (of nog erger: achteruit lopen) van jouw business! En natuurlijk mogen het er ook meer zijn dan eentje.

Stuur je reactie naar: podcast@reputatiecoaching.nl en ik ga kijken wat ik kan doen om JOU te helpen! Vergeet niet je contactgegevens mee te sturen, als je wilt dat we mogelijk samen de uitdaging aangaan om je probleem te tacklen!

Ik zie je reactie met grote belangstelling tegemoet! Bedankt alvast!

Met vriendelijke groet,
Eduard – ReputatieCoach

Daarop kreeg ik minder dan een uur na het verzenden van de mail de eerste reactie. Die was van Herman Houwing, de Automotive Coach van Nederland. Ik ga nu even niet zijn hele antwoord en vragen citeren, maar hij had mijn hulp nodig.

In het kort komt het neer op het volgende: hij heeft een mailinglijst met meer dan duizend abonnees. Stipt elke twee weken verstuurt hij een eZine (dat is een ander woord voor “mailing”) naar al deze adressen. Elke mail bevat originele tekst, is goed geschreven, leerzaam, educatief en meestal langer dan 1.000 woorden.

De zogenaamde “open rate” van die mailing lijkt mij aardig marktconform: iets meer dan 30%. Natuurlijk zou hij die graag nog hoger hebben, maar dat voert nu even te ver om daar in te duiken.

Verder ziet hij dat hij dagelijks slechts zo’n 5 bezoekers op zijn site krijgt via de organische zoekresultaten. Daarbij zijn er geen uitschieters voor bepaalde pagina’s.

Ik ben zijn site gaan bekijken en zag meteen twee quick wins… OK, dat moet nog blijken, maar ik zag twee verbeterpunten die in elk geval alleen maar positief konden uitwerken.

Het eerste punt betrof de voorpagina van zijn site. Die begint meteen met heel veel tekst over wat Herman kan betekenen. Het komt er op neer dat hij autobedrijven bedrijfsmatig adviezen geeft en helpt te verbeteren. Ik heb hem aangeraden te beginnen met een korte introductievideo van 2–3 minuten, waarin hij dit vertelt. Zonder respectloos te worden, denk ik dat zijn doelgroep (mensen uit de autobranche) over het algemeen liever een video kijken, dan een hele lap tekst lezen. Een voordeel dat je met een goed gepubliceerde video ook nog hebt, is dat die extra voor jou kan ranken in de zoekresultaten, waardoor je meer exposure krijgt, dan wanneer je alleen een vermelding van je website krijgt.

Het tweede punt was veel kritischer en heeft volgens mij een grote impact op de vindbaarheid van de content. Herman gebruikt de dienst “Autorespond” als mailingservice. De mails die hij verstuurd, worden niet alleen per mail verspreid, maar ook gepubliceerd op de site “e-act.nl”, maar dan ergens onder een hele lange complexe URL. Als je rechtstreeks de domeinnaam “e-act.nl” intypt, kom je overigens ook terecht bij “Autorespond”. En alle mailings van Herman zijn aardig goed te vinden in Google, maar dan allemaal op e-act.nl. En dat is niet zijn eigen site!

Een week nadat Herman zijn mailing verstuurt, publiceert hij een linkje op zijn website naar de tekst op e-act.nl. En daar zit zijn probleem. Het blogbericht op zijn site heeft alleen een titel en als body slechts de tekst “klik hier voor het artikel”, verder niet!

Mijn advies aan Herman was nu het volgende… In plaats van een week na het verzenden van de mail alleen een blogpost op zijn site te maken met een link naar het artikel op e-act.nl, moet hij de tekst publiceren als blogbericht op zijn eigen site en de post bij e-act.nl verwijderen. Op die manier voorkomt hij duplicate content.

Zo trekt hij alle verkeer op de zoektermen dat anders naar e-act.nl gaat, naar zijn eigen site. Ik heb er alle vertrouwen in dat dit een aanzienlijke boost zal geven aan het verkeer naar zijn website. Want hij verstuurt al nieuwsbrieven sinds februari 2013! Moet je nagaan wat voor een partij aan additionele content dat oplevert op zijn site! Volgens mij wordt zijn site dan meteen gezien als een autoriteit op zijn vakgebied!

Dit is weer een schoolvoorbeeld van het belang van “owned content”. Natuurlijk is het prima om te gastbloggen, maar zorg ervoor dat het grootste deel van jouw eigen unieke, interessante en waardevolle content op je eigen site staat, zodat het door de zoekmachines kan worden geassocieerd met jouw site en jouw bedrijf. Zo zorg je ervoor dat jouw bedrijf dus veel beter zichtbaar en vindbaar wordt!

Dan heb ik nog een bonustip, die ik ook al eens in podcast 17 heb genoemd. Als je eenmaal een aantal blogberichten online hebt staan op je WordPress site, installeer dan de plugin YARPP. Dat staat voor “Yet Another Related Posts Plugin”. Deze plugin vertoont op basis van je tags, categorieën en content onderaan elke blogpost een door jou opgegeven aantal gerelateerde berichten. Dit leidt vaak tot meer bezochte pagina’s en langere verblijfsduur van bezoekers op je site.

Wetenswaardige feitjes over reviews op Google+

Dan liep ik eerder deze week tegen een interessante issue aan binnen reviews op Google+ Mijn Bedrijf. Een deelnemer van de webinarserie “Internetmarketing voor Fotografen” had namelijk een review gepost. Daarvan kreeg ik keurig van Google een mail om mij daarop attent te maken. In die mail van Google stond een link naar de review, zodat ik erop zou kunnen reageren.

Echter, tot mijn grote verbazing leidde de mail naar een lege pagina op Google, waar in elk geval GEEN review werd vertoond. Ook na een aantal minuten te hebben gewacht, was de review nog steeds niet te vinden. Dat had ik nog nooit eerder meegemaakt! Ik stuurde een mailtje naar de poster van de review met de vraag of hij de review wellicht had verwijderd. Maar dat was niet het geval.

Hij vertelde dat hij de adresgegevens van zijn bedrijf in de review had geplaatst: een volwaardige citation dus. En dat vindt Google blijkbaar niet goed, want toen hij die uit de review verwijderde, zag ik ’m meteen online staan en kon ik erop reageren.

Dus je mag geen citation plaatsen in reviews die je post op Google+. Maar als je nu op enigerlei wijze een review die je ergens post, wilt associëren met jouw bedrijf, dan moet je eerst je identiteit op Google+ wijzigen in die van je zakelijke “Google+ Mijn Bedrijf”-pagina, vervolgens het bedrijf waar je de recensie wilt posten opzoeken in Google+, waarna je de review schrijft. Dan zie je bovenaan de review als poster de naam van je zakelijke Google+ pagina staan.

Een andere wetenswaardigheid ten aanzien van reviews: het aantal karakters dat je tot je beschikking hebt voor het schrijven van een review, is beperkt tot 4.000. Dat las ik in een antwoord van Jade Wang in het “Google and Your Business Help Forum”:

Maximum lengte Google+ reviews is 4.000 karakters

Google waarschuwt mobielonvriendelijke sites

Ja, het is vandaag een beetje een Google-centrische podcast, dat heb ik al aangekondigd. Gistermorgen ontving ik een mailtje in mijn inbox van Google, dat een site van iemand anders die ik via Google Webmaster Tools in de gaten houdt, problemen heeft met de mobiele bruikbaarheid:

Problemen met mobiele bruikbaarheid e-mail van Google

De volledige mail heb ik opgenomen in de show notes op www.reputatiecoaching.nl/113, maar ik geef je hier in de podcast alleen even de intro:

De systemen van Google hebben 1.720 pagina’s op uw site getest en hebben vastgesteld dat 100% hiervan kritieke problemen met mobiele bruikbaarheid heeft. De problemen op deze 1.720 pagina’s zijn van grote invloed op de manier waarop mobiele gebruikers uw website ervaren. Deze pagina’s worden niet als mobielvriendelijk beschouwd door Google Zoeken en worden daarom dienovereenkomstig weergegeven en gerangschikt voor smartphonegebruikers.

Zoals je verder kunt zien in de mail in de show notes geeft Google meteen ook een aantal adviezen over hoe je je site wèl mobielvriendelijk kunt maken.

Het klopt ook, want ik ben inderdaad met de eigenaar van de desbetreffende site in overleg voor een responsive redesign van zijn WordPress site.

Het is duidelijk: mobielvriendelijke sites gaan beter ranken in de mobiele zoekresultaten, dan sites die niet mobielvriendelijk zijn! Mogelijk is het nu nog niet zo, maar dan zal dat op korte termijn echt worden doorgevoerd! En is jouw site dan de pisang? Heb je wel eens gekeken hoeveel mobiel verkeer je eigenlijk op je site krijgt?

Want ook de eigenaar van de site waarvoor ik dit mailtje kreeg wat ik zojuist citeerde, dacht dat hij niet bijster veel verkeer vanaf mobiele apparaten kreeg. Een korte tour door de Google Analytics van zijn site bracht het volgende naar voren…

Van de 42.184 nieuwe bezoekers die de site de afgelopen 30 dagen had getrokken, bekeken er 26.517 de site via een desktop. Dat is zo’n 63%. De resterende 37% kwam dus vanaf mobiel of tablet.

Mobiele statistieken

En twee dagen geleden verscheen er op Google+ een post van Zineb Ait Bahajji. In de show notes heb ik een screenshot van haar bericht opgenomen.

robots.txt probleem op mobiele sites

Zij schreef dat Google websites ziet die de toegang tot het mobiele deel voor Google afschermen. Dat kan alle content zijn, of CSS, Javascript of afbeeldingen. Op die manier kan Google het mobiele deel van de site dus niet goed crawlen en indexeren.

Daartoe vertoont Google dan voor die sites sinds eergisteren in de mobiele zoekresultaten de beschrijving:

Er is geen beschrijving beschikbaar voor dit resultaat vanwege robots.txt – meer informatie.

Een site waar ik dit toevallig direct zag, was Expedia. Die lijdt hier echt onder, zoals je kunt zien in de screenshot van mijn iPhone, die ik in de show notes heb opgenomen:

robots.txt probleem met mobiele sites

Dit alles heeft nogal impact! Zo kregen we een paar weken geleden de tekst “Voor mobiel” bij de zoekresultaten om aan te geven dat een site mobielvriendelijk is, en nu dit! Als je site niet mobielvriendelijk is, lijkt mij de kans groot dat binnen afzienbare tijd je site zal zakken in de zoekresultaten, omdat andere gelijkwaardige sites wèl mobielvriendelijk zijn!

Stel dat jij opeens meer dan 35% aan bezoekers kwijtraakt! Dat is nogal wat! Het kan voor een e-commerce site of een bedrijf dat voor een groot deel van haar omzet afhankelijk is van organisch zoekverkeer de nekslag betekenen, als de omzet opeens met meer dan 35% afneemt! Trek lering hieruit en onderneem actie om je site zo snel mogelijk mobielvriendelijk te maken!

Oh, en als je adverteert met Google AdWords, dan moet je ook nog eens zorgen dat je site extreem snel laadt, beduidend sneller dan alle concurrenten die op dezelfde zoektermen bieden. Google wil namelijk de ervaring van bezoekers van de bestemmingspagina die ze krijgen vertoond na te hebben geklikt op een advertentie, maximaliseren. Op de pagina “Inzicht in de ervaring op de bestemmingspagina” op Google kun je onder andere het volgende lezen:

U kunt de ervaring op uw bestemmingspagina verbeteren door:

  • relevante, nuttige en originele inhoud te leveren;
  • de transparantie en betrouwbaarheid van uw site te bevorderen (bijvoorbeeld door uitleg te geven over uw producten of services voordat u uw bezoekers vraagt een formulier in te vullen om hun gegevens door te geven);
  • bezoekers van uw site een gebruiksvriendelijke navigatie te bieden (dit geldt ook voor mobiele sites);
    bezoekers aan te moedigen tijd op uw site door te brengen (bijvoorbeeld door ervoor te zorgen dat uw pagina snel laadt, zodat mensen die op uw advertentie klikken, niet hun geduld verliezen en uw site voortijdig verlaten).

Dat is nog vrij algemeen. Maar als je verder gaat lezen, dan vind je de volgende passage:

Als het te lang duurt voordat uw website wordt geladen wanneer gebruikers op uw advertentie klikken, is de kans groter dat ze hun geduld verliezen en uw website verlaten. Dit ongewenste gedrag kan voor Google een signaal zijn dat de ervaring op uw bestemmingspagina slecht is, wat mogelijk negatieve gevolgen heeft voor uw advertentiepositie. Zorg er daarom voor dat uw bestemmingspagina snel wordt geladen.

Ik raad je aan de pagina, waarvan ik een link heb opgenomen in de show notes, eens aandachtig te lezen. Want de adviezen die daar worden gegeven, gelden ook voor je gewone ranking in de zoekresultaten. Reden dat ik je ernaar verwijs is dat ik natuurlijk dit allemaal wel kan roepen en aan je vertellen, maar het is natuurlijk veel krachtiger wanneer je dit leest in de voorwaarden en adviezen van Google zelf!

Google negeert alles na een 404/410 status code

Als iemand op jouw website een niet-bestaande URL wil raadplegen, stuurt je website, of beter gezegd de webserver waarop jouw website draait, een bepaalde status code terug. Het nummer van die code is een error, te weten: 404.

Veel webservers vertonen dan de standaard tekst: “404 NOT FOUND”. Dat is natuurlijk niet erg gebruikersvriendelijk. Bovendien is het een gemiste kans, want de meeste gebruikers zullen dan de “Back”-knop klikken, of het venster sluiten en naar een andere site gaan. Die ben je dan kwijt!

Daarom is het een zogenaamde “best practice” of goed gebruik om een bezoekersvriendelijke 404 errorpagina te maken, waarop je links zet naar diverse relevante delen van je site, zoals je contactpagina, de categorieën, mogelijk diverse recente blogberichten en wat dies meer zij.

In de show notes op www.reputatiecoaching.nl/113 heb ik een screenshot opgenomen van de pagina die op ReputatieCoaching.nl wordt vertoond, als een niet bestaande URL wordt geraadpleegd:

Pagina-niet-gevonden-ReputatieCoaching

Zoals je ziet is dat een hele lange pagina in dit geval. Deze screenshot is meer dan 7.000 pixels hoog!

In het verleden werd vaak geadviseerd om deze pagina te misbruiken om te ranken in de zoekresultaten en dergelijke. Dat werkt echter niet, of beter gezegd: niet meer. Dus voor de zoekmachines hoef je dit niet te doen. John Mueller van Google schrijft hierover het volgende op Twitter:

We ignore everything on pages that return 404/410 when we crawl them – make them work for your users.

Mogelijk wist je dit al, ik wilde het echter toch even met je delen.

Ik raad je ten sterkste aan om wel een goede, mooie en bruikbare 404-errorpagina te maken. De reden hiervoor is, dat het je de kans biedt om een bezoeker van je site die daar terechtkomt via een nietbestaande link, toch naar de juiste content te leiden.

Google verwijdert geen resultaten uit de wereldwijde index

In Europa hebben we sinds mei 2014 het recht om vergeten te worden. Daarbij kunnen we bij zoekmachines het verzoek indienen om content over ons te verwijderen. Tot op heden heeft Google zo’n 200.000 aanvragen ontvangen, die hebben geresulteerd in het verwijderen van een slordige 740.000 URL’s.

Echter, de URL’s worden alleen weggelaten in de Europese versies van Google. Zo kun je de niet-vertoonde content gewoon vinden, zodra je je standaard zoekmachine instelt op google.com. De EU wil daar een stokje voor steken en van Google eisen dat deze resultaten wereldwijd worden verwijderd.

Dat gaat natuurlijk wel erg ver, vindt Google. David Drummond, de Chief Legal Officer van Google, zegt hierover: “It’s our strong view that there needs to be some way of limiting the concept, because it is a European concept.”. Als het aan Google ligt, blijft het dus zo.

Inmiddels heeft de EU in december vorig jaar een gedetailleerde lijst met criteria opgesteld voor de zoekgiganten die ze kunnen hanteren bij de evaluatie van elke aanvraag om vergeten te worden.

Deze criteria luiden als volgt:

  1. Verwijst het zoekresultaat naar een natuurlijk persoon – een individu? En komt het zoekresultaat naar voren bij een zoekpoging op de naam van de persoon in kwestie?
  2. Speelt de persoon een publieke rol? Is het een publieke figuur?
  3. Is de persoon in kwestie minderjarig?
  4. Is de data accuraat?
  5. Is de data relevant en niet overdreven?
  6. Is de informatie gevoelig met betrekking tot artikel 8, richtlijn 95/46/EG?
  7. Is de data actueel? Is de data langer beschikbaar gesteld dan noodzakelijk is voor de verwerking ervan?
  8. Geeft de data een vooroordeel over de persoon? Heeft de data een buitenproportionele negatieve impact op de privacy van de persoon?
  9. Wijst het zoekresultaat naar informatie waardoor de persoon een zeker risico loopt?
  10. In welke context is de informatie gepubliceerd?
  11. Is de originele content gepubliceerd in journalistieke context?
  12. Heeft degene die de data heeft gepubliceerd het (legale) recht of verplichting de persoonlijke informatie publiekelijk te maken?
  13. Verwijst de data naar een criminele actie of wetsovertreding?

Waar richtlijn 95/46/EG precies over gaat, moet je maar eens nalezen. Dat wil ik hier niet citeren, want de titel van die pagina alleen al, luidt: “Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens”.

Verschillende landen hebben verschillende wetgevingen rondom vrijheid van meningsuiting en privacy. Dus lijkt het mij ontzettend lastig voor de EU om het “recht om vergeten te worden” wereldwijd op te leggen aan Google. Lukt het wel? We zullen het zien!

Met deze update over het “recht om vergeten te worden” kom ik dan weer aan het einde van deze podcast. Hij is vrij lang geworden, doordat ik vorige week verder geen nieuws met je heb gedeeld.

En heb je het helemaal tot hier volgehouden met luisteren, help mij dan de podcast onder de aandacht te brengen van een breder publiek. Ik weet namelijk zeker dat meer mensen in jouw omgeving echt hun voordeel kunnen doen met wat ik zoal vertel en publiceer.

Volg mij daartoe op Twitter, via @reputatiecoach1. Surf naar iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en laat ook je reactie achter. Dat helpt echt!

Oh en voordat ik het vergeet: ik kreeg eerder deze week ook de vraag waar de RSS-feed van de podcast te vinden is… Blijkbaar heb ik die niet duidelijk weergegeven, want die staat namelijk onderaan elke podcast. Op die manier kun je ook al het nieuws en alle podcasts in de gaten houden! Vanaf dit moment heeft de RSS-feed een prominentere plaats, want hij staat nu bovenaan elke pagina tussen de overige social media icoontjes! Er is er eentje weggevallen en dat is die van Flickr, maar als ik eerlijk ben had die eigenlijk niet veel nut. De RSS-feed is veel belangrijker!

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen. Deel ’m ook op Twitter, like’n en deel de podcast op Facebook en geef een “+1” op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om ook JOU te helpen! Als JIJ een vraag of een probleem hebt met betrekking tot JOUW online reputatie of de vindbaarheid van JOUW website, stuur dan een mailtje naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, door op de tab aan de rechterkant van elke pagina te klikken, en je bericht in te spreken. Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 113 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

111: Hoe bouw je een sterk online pseudoniem of alter ego? IENS.nl, seatme.nl overgenomen door TripAdvisor en Facebook video views in de lift.

Play

Reputatie Coaching PodcastHoe bouw je een alter ego of pseudoniem op? Die vraag kreeg ik eerder deze week van luisteraar Diana uit New York. Ik kan je alvast vertellen dat dit onderwerp het grootste deel van deze podcast in beslag zal nemen: ik denk wel meer dan 60%! Ik geef je namelijk acht stappen om online een alter ego of pseudoniem neer te zetten, met een sterke exposure of zichtbaarheid en een perfecte vindbaarheid.

De andere onderwerpen zijn de ReputatieCoaching Nieuwsflits van afgelopen vrijdag, waarin ik kort vertel over de overname van IENS.nl en SeatMe.nl door TripAdvisor, de overname van Quickfire Networks door Facebook, de groei van het aantal videoviews op Facebook en de groei van Yahoo! ten koste van Google in de Verenigde Staten. Ik sluit de podcast van vandaag af met de aankondiging van een presentatie die ik morgen ga geven.

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Ik ben Eduard de Boer, ReputatieCoach. Dit is dé podcast die jou helpt om meer business te genereren, doordat jouw website beter gevonden wordt, zowel lokaal als landelijk en doordat ik je uitleg hoe je je online reputatie kunt verbeteren. Dit alles helpt jou om je bedrijf en jezelf beter op de online kaart te plaatsen.

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/111. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes, op Stitcher en ook op TuneIn Radio. Daar kun je je dus ook abonneren op de wekelijkse podcast.

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

Alter ego of pseudoniem opbouwen

Diana AlbrinkDiana Albrink stuurde mij via Facebook een leuk bericht, dat ik eerst met je wil delen…

Hi Eduard,

Ik ben hard bezig mijn alter-ego (pseudoniem) op te zetten en te promoten en luister – ter leering ende vermaeck – naar je podcast; mijn dank daarvoor! Ik heb nog een jaar aan podcasts in te halen en hoop ook tips tegen te komen voor artiesten & auteurs. Tot nu toe heb ik er in ieder geval al veel nuttige informatie uit kunnen halen, dus nogmaals: dank je wel.

Beste wensen voor 2015 en ‘keep up the good work!’

Groeten,
Diana Albrink (pseudoniem)

Leuk Diana, dat je met die vraag komt! Dat onderdeel van reputatiemanagement en “alteregobuilding” (als alternatief voor “imagobuilding”) is nog nooit als zodanig aan bod gekomen.

Natuurlijk kun je met heel veel van mijn tips ook je voordeel doen als artiest of auteur, temeer daar ik altijd zeg dat je jezelf tegenwoordig alleen kunt onderscheiden met unieke, interessante en relevante content.

Daarna volgt promotie ervan via social media. Op basis van die promotie ontstaat er interactie op de social media, waardoor je een band opbouwt met je publiek en waarmee je de zichtbaarheid van je alter ego vergroot.

Laat ik eens ingaan op hoe je een alter ego kunt opbouwen met een grote mate van autoriteit, zichtbaarheid en vindbaarheid. Dit is toepasbaar voor zowel artiesten als auteurs, modellen, filmsterren in spé en anderen die om welke reden dan ook een alter ego of pseudoniem willen opbouwen.

Maar voordat ik hierin duik, eerst een paar waarschuwingen. Allereerst zijn de tips die ik je geef niet bedoeld om illegale online activiteiten te ontplooien, want dat is strafbaar. Ook moet je oppassen met alter ego’s, omdat het door automatisch draaiende algoritmes snel kan worden beschouwd als misbruik en indruisend tegen de gebruikersvoorwaarden of andersoortige bepalingen!

Ten tweede: bedenk goed vooraf, wat je doel is… En besluit of dit ècht de identiteit of het pseudoniem is, waarmee je (waarschijnlijk) lange tijd en tot ver in de toekomst mee verbonden blijft.

Want als je eenmaal een alter ego opbouwt is het lastig om dat aan een andere naam te koppelen. Als je het doet voor een specifieke bedrijfsactiviteit, wees je er dan van bewust dat je de bedrijfsactiviteit mogelijk in de toekomst lastiger kunt verkopen aan een andere partij, mocht dat een ambitie van je zijn. Dat geldt overigens natuurlijk ook voor het opbouwen van een bedrijfsactiviteit onder je eigen naam!

Verder moet je oppassen wat je doet. Want vrijwel alles wat je online doet wordt gelogd en voor jaren opgeslagen in grote databanken. Denk dus niet dat je 1–2–3 een volledig nieuwe online identiteit hebt, die op generlei wijze is te herleiden tot jouw ware persoon.

Dat gezegd hebbende, Diana, laten we je vraag eens van diverse kanten bekijken…

Voorbereiding voor het creëren van je pseudoniem of alter ego

Ik zie als eerste stap het creëren van de identiteit van je alter ego. Ga eens brainstormen over hoe je wilt dat je alter ego gezien wordt, qua persoonlijkheid, kwaliteiten, interesses enzovoorts. Maak een mindmap of beschrijf op een andere manier hoe je jezelf in de markt wilt zetten. Dat bepaalt namelijk voor een belangrijk deel de content die je zult moeten creëren om een soort van virtuele “body” te geven aan je alter ego.

Beschrijf je alter ego in biografieën van diverse lengtes, in 200, 250, 500 en 1.000 karakters. Verschillende websites hanteren namelijk verschillende lengtes voor de “Over XYZ”-stukjes.

En documenteer ook hoe je andere identiteit wilt neerzetten! Want voordat je het in de gaten hebt, ga je inconsistente data creëren, hetgeen de geloofwaardigheid van je pseudoniem of alter ego schade kan toebrengen.

Het is ook de vraag of je je originele identiteit openlijk toegankelijk wilt houden en mogelijk ook de associatie met je alter ego. Dat bepaalt ook voor een groot deel je strategie. Want als je juist wel de koppeling wilt houden, dan vereist dat een geheel andere aanpak, dan wanneer je zo min mogelijk relatie tussen je ware identiteit en je alter ego wilt hebben.

Zoek eens op Google, Bing en DuckDuckGo naar je eigen naam en zie wat er over je te vinden is. Kijk ook eens goed op de sociale media, op: Google+, Facebook, Twitter, Tumblr, Instagram, Pinterest etc.

Wil je dat dat allemaal online blijft? Of moet dat verdwijnen of alleen voor een beperkte groep zichtbaar blijven? Als je wilt dat content verdwijnt, moet je kijken of je het zelf kunt verdwijnen of de toegang ertoe kunt beperken, zoals dat bijvoorbeeld kan met social media accounts die van jezelf zijn. Sta je op LinkedIn met je eigen naam? Heb je een Facebook profiel, een Twitter account, een Google+ profiel? Neem een besluit over al deze verschijningen van je huidige identiteit en onderneem de benodigde acties.

Zijn er artikelen over je gepubliceerd die je niet met je nieuwe identiteit in verband kunnen / moeten of mogen worden gebracht, bedenk dan wat je daartegen kunt ondernemen. Dat kan nog best wel eens lastig blijken.

Om je nog voorbeeld te geven waar je reële en virtuele identiteit gemakkelijk aan elkaar gelinkt kunnen worden: als jij de domeinnaam voor de website over je alter ego registreert onder je eigen naam en met je eigen e-mailadres is daarmee de koppeling al snel gelegd!

Vergeet ook niet, dat zoekmachines steeds beter worden in het herkennen van patronen, zowel in tekst, als in bijvoorbeeld foto’s en video’s. Afhankelijk van het feit of je met je echte identiteit geassocieerd wilt blijven met je alter ego, kan het zijn dat je foto’s van jezelf moet opsporen en waar mogelijk verwijderen. Kijk ook goed, waar je in de sociale media door anderen op foto’s bent getagd.

Zet in Facebook het automatisch taggen van jouw ware identiteit uit. Dat is een instelling in je Facebook privacy settings. Verwijder eventueel foto’s van social media profielen of verwijder de social media profielen in zijn geheel. En laat professionele foto’s maken van je alter ego, die je gaat gebruiken voor je promotie. Zorg ervoor dat die foto’s echt totaal anders zijn dan foto’s die je elders hebt staan.

De stappen die ik nu heb genoemd even samengevat:

  1. Neem een gefundeerd besluit over het al of niet creëren van je alter ego.
  2. Bepaal hoe je alter ego er uitziet (incl. karaktereigenschappen, communicatie, interesses etc.). Schrijf ook een goede bio’s voor je alter ego, een soort van “over XYZ” in diverse lengtes.
  3. Documenteer zoveel mogelijk voor jezelf.
  4. Besluit of je ware identiteit moet worden verwijderd of wellicht afgesloten voor de wereld.
  5. Zoek zoveel mogelijk verwijzingen naar jouw ware identiteit op en onderneem actie, afhankelijk van je doelen.
  6. Laat nieuwe foto’s maken t.b.v. je alter ego.

OK, tot zover de voorbereiding… Dan is het nu tijd voor het beschrijven van de stappen die ik zou ondernemen, als ik een alter ego zou willen creëren.

Stap 1: monitoring van je eigen naam en die van je alter ego

Het is belangrijk om op de hoogte te blijven van wat er online over zowel jou als je alter ego wordt gepubliceerd. Door monitoring in te schakelen voor beide identiteiten bereik je een paar belangrijke doelstellingen in één keer. Zo zie je wat er online vindbaar wordt over beide, zo kun je tijdig ingrijpen als je ziet dat er ergens iets fout gaat.

Daarnaast kun je zo ook je eigen voortgang in de gaten houden, want als jij begint met het creëren van een online presence voor je alter ego en onder die naam ook content gaat produceren, dan is het handig om te kunnen zien of het ook opgepikt wordt.

Je moet echter niet volledig vertrouwen op geautomatiseerde systemen. Het is een goede gewoonte om met vaste regelmaat en een frequentie van zo’n 3–4 weken ook handmatig te zoeken op je eigen naam en op je pseudoniem.

Ik ken de volgende drie systemen om gratis een beperkte vorm van online monitoring uit te voeren:

  1. Google Alerts
  2. Talkwalker
  3. Mention

Ik zou gewoon alledrie aan het werk zetten! Ongeacht trouwens of je een alter ego of pseudoniem wilt opbouwen of niet, het monitoren van je bedrijfsnaam en je eigen naam is sowieso nuttig: het stelt je ook als bedrijf of individu in staat om tijdig in te grijpen, als er over jou wordt geschreven!

Stap 2: Reserveer je eigen domeinnaam en maak een website**

Indien mogelijk, reserveer een .nl of .com domein met je pseudoniem of naam van je alter ego, dus bijvoorbeeld “jouwpseudoniem.nl” of “jouwalterego.com”. Als je grote mate van anonimiteit wenst, laat dan het domein door iemand anders vastleggen, die niet snel met jou geassocieerd kan worden.

Zodra je je domeinnaam hebt, zet er dan een website op met wat inhoud over je alter ego. Maak ook vooral een “Over mij” pagina! Zet daar dan ook meteen de professionele foto van je andere identiteit op! Gebruik trouwens overal dezelfde profielfoto, voor maximale herkenbaarheid!

Voor de rest hoeft het niet spectaculair te zijn, maar je moet gewoon een online thuisbasis hebben om vanuit diverse online profielen naar te verwijzen. Zorg ervoor dat je ook onder die domeinnaam mail kunt ontvangen en versturen. Hoe dat precies technisch in zijn werk gaat, wil ik hier niet behandelen.

Stap 3: Claim je online profielen

Dan is het nu tijd voor het fundament van je online profielen en online presence.

  1. Gmail / Google+ – Claim een nieuw Gmail-adres en maak daarmee een nieuw Google+ profielpagina aan, onder je pseudoniem. Uploadt daar ook weer de foto. Maak een Google+ MERK-pagina aan voor de “merknaam” van je alter ego. Vul de Google+ pagina en laat die ook zeker verwijzen naar je website. Let op: je mag je paginanaam maximaal drie keer per kalenderjaar wijzigen. Zodra je pagina een aanzienlijk aantal volgers heeft, mag je je naam niet meer wijzigen. Dat zijn de bepalingen van Google. Oh, verifieer ook je Google+ pagina.
  2. Maak een Facebook fanpagina aan – Maak ook een nieuw profiel aan op Facebook en gebruik bij de registratie dan natuurlijk het officiële mailadres van je eigen domein.
  3. Meld je alter ego aan op LinkedIn – Mede omdat LinkedIn pagina’s zo goed scoren in de zoekresultaten. Ga echter geen fake data publiceren! Claim ook indien mogelijk de vanity URL op LinkedIn met je eigen naam, in plaats van de URL met al die nummers erin.
  4. Maak een Twitter-account aan – ook weer met je officiële mailadres en post een paar tweets.
  5. Meld je ook aan op een aantal additionele social media sites – met je pseudoniem, zoals: Instagram, Pinterest, Tumblr, Ello, WordPress.com, Blogger en dergelijke. Gebruik overal je officiële mailadres!

Let vanaf nu op, wat je waar doet en met welk account! Blijf alert! Want voordat je het weet, zit je onder bijvoorbeeld het verkeerde Twitter-account te tweeten en creëer je verwarring en inconsistentie. Let dus goed op, wat je waar onder welk account publiceert!

Stap 4: Verstevig je online presence

Nu de basis is gelegd, kun je je online presence verder verstevigen. Daarbij zou ik onder andere het volgende doen (gebruik overal je officiële mailadres van je eigen domein dat je in stap 2 hebt aangemaakt):

  1. Account maken op gravatar.com – Wanneer je namelijk ooit onder je alter ego op een WordPress site reageert, wordt veelal de accountdata van het gravatar.com-account gebruikt. Zo leg je de link tussen je reacties op WordPress websites en je alter ego.
  2. Account maken op about.me – Omdat about.me pagina’s dikwijls goed scoren in zoekmachines.
  3. Meld je aan op Yelp en Foursquare – Afhankelijk van hoe goed je gevonden wilt kunnen worden (en of je onder je artiestennaam ook online “vrienden” wilt maken, kun je overwegen om je aan te melden op Yelp, je profiel volledig te vullen (inclusief profielfoto) en ook hier en daar recensies te gaan posten voor bedrijven. Wordt vrienden met andere Yelpies en Foursquaregebruikers en check ook in met je pseudoniem in de diverse locaties die je bezoekt. Hiermee creëer je echt een persoonlijkheid.
  4. Meld je aan op andere review sites – Om zo meer body te geven aan je alter ego.

Stap 5: Eventuele commerciële vermeldingen

Hier kun je zo ver mee gaan, als je wilt. Zo kun je overwegen om je bijvoorbeeld aan te melden op Yasni. Deze service is niet gratis, maar de content van Yasni scoort goed in de zoekresultaten (vaak de voorpagina). Dus het kan je helpen je naam beter te positioneren.

Stap 6: Verstevig (indien gewenst) je zakelijke adresgegevens

Heb je een aparte bedrijfslocatie, zet je pseudoniem dan ook in de vermelding op de Telefoongids, indien gewenst. En als je wilt dat je naam in relatie tot je adres gevonden moet worden, ga dan zoveel mogelijk citations maken. Kort gezegd is een citation een vermelding van je bedrijfsnaam (pseudoniem), in combinatie met het adres, de postcode, de plaats en het telefoonnummer.

Stap 7: Ga bloggen en op social media

Om je alter ego dan echt te onderscheiden van alle gepeupel online, moet je onder je pseudoniem gaan bloggen, de interactie aangaan op de scoiale media en ook content op de social media produceren, zoals op Twitter, Facebook, Instagram, Pinterest en dergelijke.

Vergeet ook niet content te publiceren op Google+ (onder je pseudoniem), om ook daar je nieuwe persona virtuele body te geven. En zorg er ook voor dat je onder je pseudoniem wordt getagd in foto’s op Facebook, Instagram en Google+.

Ga tenslotte ook video’s maken of laat video’s maken die je onder je pseudoniem op Facebook zet, alsmede op YouTube, Dailymotion en Vimeo. Want ook video scoort vaak ontzettend goed in de zoekresultaten!

Stap 8: Automatiseer verspreiding van je content

Met behulp van bijvoorbeeld If This Then That, kortweg “ifttt.com” en “Onlywire” kun je je content automatisch verspreiden over een aantal websites en sociale media sites. Zo kun je bijvoorbeeld met IFTTT instellen dat als jij een foto post op Instagram, deze automatisch wordt verspreid via Twitter en naar Facebook, WordPress, Tumblr, Blogger enzovoorts.

Als je nu op al die sites en sociale media die ik je heb gegeven, een hoekje hebt geclaimd met je pseudoniem, dan kan het haast niet anders dan dat je een ongelofelijk sterke online presence opbouwt, zeker als je dus consequent en frequent content produceert en blijft produceren. Want daar valt of staat voor een groot deel je online zichtbaarheid mee. En als je dat doet en mijn tips opvolgt, dan domineer je binnen no-time de voorpagina van Google op jouw pseudoniem of de naam van jouw alter ego!

Dan heb ik nog één bonustip, speciaal voor auteurs: maak ook een audioversie van je boek (of laat een audioversie maken) om het zo toegankelijk te maken voor de visueel gehandicapten in onze maatschappij. En verkoop dit audioboek dan via Luisterrijk. Dan krijg je ook een officiële auteurspagina op de site van Luisterrijk die ontzettend hoog scoort in de zoekresultaten op jouw pseudoniem!

En de tweede bonustip is voor alle artiesten, auteurs, kunstenaars en anderen die onder een pseudoniem of onder hun eigen naam bekend willen worden. Zorg ervoor dat je op een dusdanige manier opvalt, dat iemand voor jou een vermelding maakt in Wikipedia! Zeker als je al het vorige hebt gedaan om jezelf en/of je alter ego op de online kaart te plaatsen, dan is dit het allersterkste wat jou kan helpen om je boven alle andere mensen met dezelfde naam als jouw pseudoniem te positioneren! Let wel: ga niet je eigen entry aanmaken, want dat wordt door de community binnen korte tijd genadeloos afgestraft!

En als je tips zoekt voor daadwerkelijke personal branding van je alter ego, dan kun je via Google meer dan voldoende tips hierover vinden. Dus daar ga ik in elk geval vandaag niet verder op in.

Nou Diana, dat was een heel lang stuk over het opbouwen van een online persona, een alter ego of pseudoniem! Ik hoop dat je er iets aan hebt gehad en wellicht zijn er meer luisteraars die hier één of meer concrete handvatten in hebben gevonden. Laat me weten wat je ervan vond en ook als jij nog meer tips hebt voor mensen als Diana. Geef je reactie op www.reputatiecoaching.nl/111.

ReputatieCoaching Nieuwsflits van vorige week

Vorige week vrijdag heb ik een ReputatieCoaching Nieuwsflits geproduceerd. Hierin kwamen de volgende onderwerpen aan bod:

  1. IENS.nl en seatme.nl overgenomen door TripAdvisor
  2. Aantal views van video op Facebook enorm gestegen
  3. Facebook neemt Quickfire Networks over
  4. Omvang zoekverkeer op Google is gedaald in de VS ten gunste van Yahoo!

De video van deze Nieuwsflits heb ik opgenomen in de show notes. Hier in de podcast heb ik de audio opgenomen:

Ik zei het zojuist al: IENS.NL, opgericht in 1998, is samen met seatme.nl overgenomen door TripAdvisor. IENS.nl staat bekend om de restaurantbeoordelingen. Per week komen daar zo’n vierduizend beoordelingen binnen voor de aangesloten 20.000 restaurants. En dat resulteert per jaar in zo’n ongeveer 200.000 beoordelingen. 200.000 reviews per jaar worden dus gepost op IENS.nl!

IENS.nl heeft in 2012 seatme.nl overgenomen, een reserveringssite… En IENS kun je zo’n 1.550 restaurants boeken via de technologie van seatme.nl.

Ik zeg het vaker: je moet niet op één paard wedden! Je moet je reviews spreiden! Want als je nu de afgelopen jaren alleen maar veel moeite hebt gestoken (en tijd en geld!) om reviews te verzamelen op IENS.nl…

Tja, wat het dan over twee jaar naartoe? Dat is nog onbekend. Zouden de reviews als TripAdvisor reviews worden geteld?

Of… verdwijnen ze helemaal?! Ga dus je risico en reviews spreiden over verschillende sites en begin er alvast nu mee, want dan heb je in ieder geval twee jaar sowieso.

Want ze blijven nog twee jaar op IENS.nl staan!

Dan Facebook… Facebook heeft (en dat is vannacht bekend geworden) het bedrijf Quickfire Networks overgenomen, een bedrijf gespecialiseerd in video encodingtechnieken. Het komt waarschijnlijk omdat het aantal video views op Facebook enorm groeit.

In de Verenigde Staten is het aantal views van video de afgelopen tijd gegroeid met 94% en wereldwijd met maar liefst 75%. Een enorme groei. Dus je zult je bedrijf ook zeker moeten promoten op Internet met behulp van video’s op Facebook. Dus niet linken naar YouTube vanuit Facebook, maar rechtstreeks uploaden naar Facebook.

Tot zover over Facebook.

In de Verenigde Staten groeit het gebruik van Yahoo! en dat gaat ten koste van gebruik van Google. In december is het gebruik van Google afgenomen van 77,5% naar 75,3%. En daarentegen is het gebruik van Yahoo! gestegen van 8 naar 10%.

Dat komt waarschijnlijk, denk men (maar de exacte gegevens moeten nog bekend worden)… Men denkt dat het komt doordat Mozilla, oftewel Firefox de standaard zoekmachine per december heeft veranderd van Google in Yahoo! En veel mensen veranderen dat niet terug!

Het wordt nog wat, als Apple de standaard zoekmachine in Safari gaat aanpassen… in ieder geval op mobiele apparaten. Want om je een idee te geven: zo’n 54% van al het mobiele zoekverkeer op Google kwam via Safari in december!

Stel nou dat Google dat kwijtraakt… Dat heeft nogal wat consequenties!

Tot zover het nieuws uit de Nieuwsflits van vrijdag 9 januari 2015.

Morgen presentatie Coffee Pitch Apeldoorn

Morgenochtend vanaf 10:15 geef ik voor “Coffee Pitch Apeldoorn” een presentatie over het onderwerp “Verbeter je zichtbaarheid en vindbaarheid, terwijl je bouwt aan je online reputatie!”.

Op de site van Coffee Pitch Apeldoorn is het volgende te lezen over dit initiatief:

CoffeePitch Apeldoorn is een netwerkbijeenkomst voor ondernemers uit de regio Apeldoorn. Begonnen als LinkedIn groep telt de CoffeePitch Apeldoorn inmiddels meer dan 1.000 leden. Elke derde vrijdagochtend van de maand vindt een CoffeePitch-bijeenkomst plaats in gebouw ACEC in Apeldoorn. Ondernemers kunnen zich in een korte pitch presenteren aan een grote groep collega ondernemers of management van MKB of grote bedrijven. Er is ruimte voor discussie, de mogelijkheid om te lunchen en voldoende tijd om te netwerken. De presentatie is in handen van Lilian van der Gugten. CoffeePitch Apeldoorn is een onafhankelijk platform wat volledig draait op de inzet van ondernemers, de leden van de CoffeePitch LinkedIn groep.

Met Lilian van der Gugten heb ik afgesproken dat ik de presentatie die ik daar morgen geef, hier online mag zetten. Dus zodra ik die gereed heb, kun je de presentatie hier bekijken!

Als je de podcast leuk vindt en je wilt nog meer op de hoogte blijven, volg me dan ook op Twitter, via @reputatiecoach1.

Heb je inderdaad wat aan alle informatie die ik met je deel, help mij dan met het verder verbeteren en promoten van deze podcast. Surf daarvoor naar iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en laat ook je reactie achter. Door de podcast te beoordelen op iTunes en/of Stitcher breng je de podcast onder de aandacht van een breder publiek.

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen, of door ’m te delen op Twitter, like’n en delen op Facebook of een “+1” te geven op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om je te helpen! Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie of de vindbaarheid van je website, kun je een mailtje sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, door op de tab aan de rechterkant van elke pagina te klikken, en je bericht in te spreken. Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 111 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

 

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

105: #FAIL voor @Vitens. Hoe optimaliseer je een webshop? Scoort jouw site in Bing en DuckDuckGo? 10 tips om met je site te scoren in Bing!

Play

Reputatie Coaching PodcastDe onderwerpen voor vandaag, de dag voor Sinterklaas. Dus daar begin ik vandaag mee… althans met online business. Afgelopen week ontving ik een voicemail van Jerry over het optimaliseren van een webshop. Daarover zometeen meer. Google heeft haar kwaliteitsrichtlijnen voor Google+ Mijn Bedrijf aangepast. De grote verschillen deel ik straks met je. En hoe scoort jouw site op Bing? Of op DuckDuckGo? Waarom dat belangrijk kan worden, hoor je ook in deze podcast. En als je wilt scoren in Bing, heb ik 10 tips voor je, om je daarbij te helpen.

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Ik ben Eduard de Boer, ReputatieCoach. Dit is dé podcast die jou helpt om meer business te genereren, doordat jouw website beter gevonden wordt, zowel lokaal als landelijk en doordat ik je uitleg hoe je je online reputatie kunt verbeteren. Dit alles helpt je om je bedrijf en jezelf beter op de online kaart te plaatsen.

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/105. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes, op Stitcher en ook op TuneIn Radio. Daar kun je je dus ook abonneren op de wekelijkse podcast. Veel mensen vinden het ideaal om de wekelijkse afleveringen van de podcast op hun gemak te beluisteren, terwijl ze autorijden.

#FAIL voor @Vitens webcare

Voordat ik begin met de onderwerpen voor vandaag, eerst even een #FAIL. Deze week is de #FAIL voor @Vitens. Ik zal je kort uitleggen waarom…

Gisteren hadden we hier opeens geen water meer, als we de kraan opendraaiden. Even zoekend op Google leerde ik het mooie woord “waterstoring”. Vervolgens zocht ik de website van Vitens op, om de waterstoring te melden.

#FAIL voor @vitens

Op hun contactpagina staat dat je storingen via Twitter kunt melden aan @vitens. Dat heb ik dan dus ook gedaan. Mijn eerste tweet was om 14:59 en circa een kwartier daarna heb ik er nog een gestuurd. Tot op heden moet ik nog steeds een reply krijgen. Dat vind ik echt een ondermaatse prestatie van Vitens en dus een #FAIL waard!

In de show notes heb ik een lijstje van recente tweets aan Vitens staan en het blijkt dat mijn ervaring niet uniek was. Bovendien lijkt het erop alsof Vitens niet alleen slecht communiceert via Twitter, maar ook lijken contactformulieren op de site niet te werken:

#FAIL voor @vitens webcare

Foei, Vitens! Je kunt dan weliswaar waterleverancier zijn voor 5,5 miljoen huishoudens, maar dit kan echt niet!

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

Stijging online aankopen

Morgen is het Sinterklaas en volgens mij hebben de goedheiligman evenals alle multicolor pieten en hulpklazen dit jaar massaal online ingekocht. De verkoopcijfres en statistieken over online versus offline business zullen we de komende dagen wel horen en lezen.

De afgelopen jaren zie je een sterke groei in de online aankopen rond de feestdagen. Als hulpsinterklaas heb ik alle cadeaus voor onze dochter online gekocht, om zo tijd te besparen, doordat ik niet in lange rijen voor kassa’s hoef te wachten. Vanuit mijn bureaustoel heb ik binnen één uur een selectie van de verlanglijstjes online besteld. En volgens de bevestigingsmails wordt alles vandaag bezorgd, inclusief pakpapier. Keurig op tijd, dus. Ik hoef het dan alleen nog maar in te pakken.

Voor mij is het heel simpel: de producten op de verlanglijst waren helder gespecificeerd; er kan eigenlijk geen misverstand over ontstaan. Dus dan hoef ik niet naar de lokale winkel om de objecten in de handen te nemen en daarmee vervolgens naar de kassa te lopen, af te rekenen om zo met afgeladen tassen de auto in een overvolle parkeergarage op te moeten zoeken.

Een deel van de inkopen heb ik gedaan bij Intertoys, omdat één van de verlanglijstjes daarop was afgestemd, inclusief verwijzing naar de bladzijden in het grote speelboek. Dat maakte het voor mij gemakkelijk, want sommige artikelen die niet bij Intertoys verkrijgbaar waren, kon ik zo snel en gemakkelijk bij bol.com bestellen.

Hoe wrang het ook moge zijn voor de detailhandel: ik denk dat er steeds meer online besteld zal worden en dat deze stijging ten koste zal gaan van de lokale speelgoedwinkeliers in dit geval. Maar hetzelfde geldt straks voor Kerstmis en de Kerstinkopen. Ook daar zal de lokale detailhandel een knauw voelen, vrees ik.

Hoe zit het met jou? Of als je een lokale winkelier bent: heb jij dit jaar iets gemerkt van een daling van verkopen in je winkel? En voor alle hulpklazen en hulppieten: heb jij inkopen gedaan bij lokale winkels, of ook al meer online? Wat was daarvoor je beweegreden? Daar ben ik heel benieuwd naar. Geef eens je reactie onderaan de transcriptie van deze podcast, op www.reputatiecoaching.nl/105.

Online promotie van een webshop

Eerder deze week ontving ik een vraag van Jerry. Hij sprak het volgende in op de ReputatieCoaching voicemail:

Goedenavond Eduard. Met Jerry, eigenaar van webshop low-budgets.nl.

Ik luister met veel aandacht naar je podcasts en ik vraag me af of het interessant en leuk is om een keer een artikel te wijden aan webshops.

Ik heb de afleveringen gehoord over tandartsen en restaurants en daar kun je gericht op adverteren, laat ik maar zeggen, om je vindbaarheid groter te maken.

Maar wat als je meerdere artikelen hebt, bijvoorbeeld een webshop met 200 artikelen.

Ik zou het wel interessant vinden om eens te horen wat daar de mogelijkheden voor zijn.

Misschien vind je het leuk om daar eens wat aandacht aan te besteden.

Alvast bedankt!

Nou Jerry, leuk dat je contact opneemt. Inderdaad, een webshop is heel anders dan een restaurant, tandartspraktijk of kapper en wat dies meer zij. Want met een webshop krijg je alleen bestellingen online, die je dan moet versturen naar de koper; je klanten komen niet naar een lokale vestiging.

Om te beginnen heb ik natuurlijk eens gekeken naar je website, een mooie en overzichtelijke website, kan ik wel zeggen. Maar wat mij als eerste opviel, was de lange laadtijd van de pagina’s. Het was dat je mij had benaderd om eens wat tips te geven, anders was ik al naar een volgende site gegaan in de hoop daar te kunnen vinden, waar ik naar op zoek was.

Ik begon namelijk je site te bekijken, terwijl ik ’s avonds op de bank zat. En toen had ik alleen mijn iPhone in de buurt. Mijn indruk op mobiel was dat het heel lang leek te duren, voor er maar iets gebeurde als ik van pagina naar pagina ging.

Ik heb op de desktop met de Pingdom Website Speed Test eens getest hoelang het duurde om sommige pagina’s te laden en ik kwam meestal tussen de 2 en 5 seconden uit:

Website speed test voor low-budgets.nl

In de show notes heb ik een screenshot opgenomen, waarin ik meet hoelang het duurt om de pagina voor “electrisch gereedschap” te laden. Zoals je kunt zien duurt dat 2,1 seconde, dat is nog acceptabel. Maar wat daaronder opvalt is de lange wachttijd voordat de data wordt ontvangen! Je ziet dat het 1,45 seconde duurt, tot jouw webserver begint met het versturen van gegevens, nadat de URL is opgevraagd. Dat is extreem lang, vind ik. Die bijna anderhalve seconde zit iemand naar zijn of haar scherm te staren, terwijl er niets lijkt te gebeuren. Moet je je voorstellen: als je die kunt reduceren tot 200 milliseconden, dan worden je pagina’s opeens binnen een seconde geladen en vertoond!

Waar precies die vertraging in zit, is niet 1–2–3 te zeggen. Mijn gevoel zegt dat het de onderliggende database is, die de bottleneck is. Daar zou ik als eerste gaan zoeken. Verder kan het tijdelijk cachen van content ook een substantiële versnelling opleveren.

De laadtijd is in elk geval een belangrijke factor voor de gebruikerservaring, evenals natuurlijk de mobielvriendelijkheid. Die is bij jouw site bijna goed. Het enige minpuntje vind ik, dat de afbeeldingen verkeerd schalen: die worden op mijn iPhone horizontaal teveel verkleind en niet in proportie met de verticale verkleining.

Wat ik ook eens heb gedaan, is testen wat Google vindt van de snelheid van je site, zowel op desktops, als op mobiele apparaten. De resultaten daarvan vind je terug in de show notes:

Google Pagespeed Insights voor low-budgets.nl

Op de desktop geeft Google Pagespeed jouw site op snelheid 69 punten van de 100. Dat is laag. Je moet zien dat je de adviezen van Google opvolgt, om toch echt boven de 85 te komen, als je je wilt onderscheiden van collega’s, denk ik.

Google Pagespeed Insights voor mobiele versie van http://www.low-budgets.nl

Ook vindt Google de snelheid van mobiel te traag: die staat met 55 van de 100 punten zelfs in het rood. Daar moet je dus echt aan werken! Google zegt verder dat de reactietijd van je server 2,4 seconden is, wat ik hiervoor ook al constateerde. Als je doorklikt op de Pagespeed tool, dan kun je lezen dat deze trage reactietijd kan komen door tientallen verschillende factoren, waarbij je kunt denken aan:

  • langzame app-logica
  • langzame databasequery’s
  • langzame routering
  • frameworks
  • bibliotheken
  • CPU-gebrek voor resources
  • onvoldoende geheugen
  • etc.

Nu terug naar je vraag, want jij wilt weten hoe je nu jouw producten beter vindbaar kunt maken, dan die van andere webshops. Dat is en blijft een lastige klus. Want waarschijnlijk is elke webshop-eigenaar daar op uit en dus daarmee bezig.

Laat ik eens een paar zaken langslopen, waar je optimalisatie kunt behalen:

  • Foto URL’s – Deze bevatten alleen maar hexadecimale strings, dus je mist daarmee een kans om bijvoorbeeld je lintzaagafbeelding ook hoog te kunnen laten scoren op trefwoord “lintzaag” in Google afbeeldingen.
  • Product URL’s – Die heb je wel aardig goed, maar ik zie bijvoorbeeld spelfouten, zoals “lintzaagg” met dubbel “g” in de URL. Dan bevat de URL een andere type aanduiding, dan dat er op de productpagina staat. Op de pagina staat de “BSEM 750”, terwijl in de URL “BSEM–370” wordt vermeld. Als nu mensen zoeken op de BSEM 370, dan kan het zijn dat jouw pagina over de 750 wordt vertoond, hetgeen niet de gewenste lintzaag kan zijn voor de bezoeker.
  • Typefouten – Dezelfde typefout (“lintzaagg” met dubbel “g”) heb je ook op de pagina en in de META description.
  • “description”-tag – Je “description” META-tag nodigt niet echt uit tot doorklikken, is mijn mening. Je probeert die vol te stouwen met alle features van de lintzaag. Eigenlijk is dit gewoon gekopieerde tekst die elders ook op de pagina staat. Als je de lintzaag vermelding in Google controleert, zie je wat ik bedoel. Ik heb hiervan ook een screenshot opgenomen in de show notes:
    SERP voor lintzaag incl. META description
  • “keywords”-tag – Ondanks dat de “keywords” META-tag niet meer wordt gebruikt, heb jij ’m gevuld met spam. Ik zie trefwoorden als “laagste prijsgarantie”, “kortingen”, “lets make things cheaper” enzovoorts. Die hele regel zou ik gewoon weghalen.

Keywords

Feitelijk zijn al deze maatregelen goed webmasterschap. Laten we nu eens kijken hoe je je zou kunnen onderscheiden van andere sites, waar bijvoorbeeld dezelfde lintzaag wordt aangeboden. Ik heb er een aantal bekeken en ik zag dat ze allemaal vrijwel dezelfde tekst hebben, namelijk alle technische specificaties.

Nu ontkom je er niet aan om die te noemen, maar het is de kunst om een beter pakkende omschrijving bij elk product te plaatsen, waarin je over het product of artikel schrijft.

Verder zou je video’s bij elk product kunnen plaatsen, die je host op YouTube. Dan kun je denken aan:

  • Unboxing video’s, dat zijn dus video’s waarin het product wordt uitgepakt
  • HOW-TO video’s waarin wordt uitgelegd hoe je het product gebruikt
  • Review-video’s, waarin mensen vertellen hoe tevreden ze zijn over het product
  • Promotievideo, waarin je het product aanprijst met alle features en mogelijkheden

Wist je trouwens dat de links naar je social media niet werken? Ik zie als URL alleen het hekje (“#”).

Over social media gesproken: je zou ook foto’s van je producten met links naar de productpagina op je website kunnen pinnen op Pinterest. Want als ik daar bijvoorbeeld zoek op lintzaag, vind ik maar een stuk of 16 pins. Daar liggen dus kansen. Kansen die overigens andere webshops al wel mondjesmaat benutten… Want zoek op Pinterest maar eens naar “accuboormachine”, dan zie je wat ik bedoel.

Als je dan toch bezig bent met foto’s, ga dan ook op Instagram je producten promoten met mooie foto’s. En gebruik eventueel ook Facebook om je producten onder de aandacht te brengen.

Zoals ik altijd zeg: ga content produceren over je producten. Breng die content onder de aandacht van je potentiële publiek.

Tja en tenslotte voor de lokale vindbaarheid, zou ik toch ook een zakelijke Google+ Mijn Bedrijf pagina maken, waar je foto’s van je producten uploadt. Ook zou ik je producten promoten op Google+. Want vergeet niet, dat die content op Google+ vaak heel goed scoort in de zoekresultaten!

Tot zover mijn adviezen in een notendop. Jerry, ik hoop dat je er iets aan hebt. Mocht je meer advies of concrete hulp willen, neem dan gerust contact op.

Google past richtlijnen Google+ Mijn Bedrijf aan

20 februari van dit jaar meldde Google dat je in de bedrijfsnaam van een vermelding op Google+ Mijn Bedrijf toevoegingen mocht doen, binnen bepaalde voorwaarden. Vanaf deze week is dat weer helemaal teruggedraaid. Het enige wat er mag staan in de zakelijke bedrijfsvermelding op Google+ is de bedrijfsnaam. Punt! Niets meer dus!

Naast dat je geen toevoegingen meer mag hebben in de bedrijfsnaam zijn er nog meer wijzigingen:

  • Je moet altijd de specifieke categorie kiezen en niet de algemene vader-categorie. Dus bijvoorbeeld “kindertandarts” en niet “tandarts”.
  • Meer consistentie in categorie en bedrijfsnaam in geval van bedrijven met meerdere vestigingen
  • Twee of meer merken op dezelfde locatie moeten één naam kiezen
  • Als verschillnde bedrijfsonderdelen elk hun eigen Google+ pagina hebben, moeten ze verschillende categorieën gebruiken.
  • In geval van gezamenlijke praktijken met meerdere locaties en meerdere specialisten, dan moet iedereen zijn eigen naam gebruiken en niet de naam van de praktijk.
  • Virtuele kantoren zijn niet toegestaan, tenzij ze bemenst zijn tijdens kantooruren.

Tja, zoals je ziet worden ook de richtlijnen voor lokale bedrijfsvermeldingen steeds verder aangescherpt. Gelukkig wordt hiermee de kans op misbruik ook verder verkleind. Dat kan ook voor veel ondernemers weer een verademing betekenen, omdat ze dan mogelijk hoger in de lokale resultaten kunnen scoren.

Ik heb het overigens nagekeken en de Nederlandse kwaliteitsrichtlijnen zijn nog niet bijgewerkt, analoog aan de Engelstalige.

Google indexeert “verborgen” content niet meer

Er zijn nog steeds sites die bepaalde content pas vertonen, als een gebruiker bijvoorbeeld naar beneden of naar rechts scrollt, als die op een “Lees meer” link klikt of naar een ander tabblad gaat. Dat zijn sites die de komende tijd mogelijk lager kunnen gaan scoren in Google.

Dat komt doordat Google webcontent die initieel wordt verborgen tijdens het “onLoad” event in de browser, niet meer indexeert. Als een pagina als gevolg hiervan dus weinig content bevat, neemt voor Google de relevantie van die pagina af en kan die dus lager gaan scoren.

De reden die John Mueller van Google hiervoor geeft, is dat als je initieel tekst verbergt, Google dit niet als de meest relevante content beschouwt. Ik laat je eventjes het stukje horen, waarin John er op in gaat…

Dus: maak je content zo min mogelijk verborgen en laat in elk geval je meest relevante content direct zien bij het laden van je pagina’s.

Europees parlement wil Google opsplitsen

Vorige week vertelde ik je dat Google in de VS juist een rechtzaak heeft gewonnen, waarbij is uitgesproken dat Google zo’n beetje alles kan en mag doen met haar zoekresultaten. Dat was een forse overwinning.

Aan de andere kant wordt Google in Europa impliciet gedwongen om het bedrijf dusdanig op te splitsen, dat de zoekmachine los wordt gemaakt van de overige Google diensten. Dit is vorige week besloten in het Europese parlement, niet alleen voor Google, maar ook voor andere zoekmachinegiganten.

In een artikel op Computable stond onder andere het volgende te lezen:

De stemming, waarin ruim tweederde van het parlement voor de motie stemde, is vooral van symbolische waarde. In de aangenomen tekst staat: ‘Het Europees Parlement vraagt de Commissie om wetsvoorstellen in overweging te nemen voor de ontvlechting van zoekmachines van andere commerciële diensten.’ Ook wordt de Commissie opgeroepen om ‘misbruik met de marketing van vervlochten diensten door uitbaters van zoekmachines te voorkomen’. Het gaat dus niet specifiek om het bedrijf Google. Maar zou er wetgeving komen, dan heeft dit gevolgen voor een bedrijf als Google.
(Bron: Computable, 28–11–2014)

Hoewel het Europees Parlement geen opsplitsing bij Google kan afdwingen, heeft het via de Europese Commissie wel de mogelijkheid om nieuwe wetgeving in te voeren die mogelijk invloed heeft op de werkzaamheden en rechten van de zoekgigant.

Deze actie heeft niet alleen in Europa, maar vooral in de Venigde Staten gezorgd voor veel rumoer. Hoe dit alles verder verloopt, moeten we nog zien. Ik houd een vinger aan de pols!

Hoe scoort jouw site in Bing? En in DuckDuckGo?

Dat was over Google en ik weet bijna zeker dat alle luisteraars het meest geïnteresseerd zijn om te weten, hoe zij hoger kunnen scoren in Google. Sites als Bing en DuckDuckGo interesseren ze niet. En hoe zit jij daarin? Kijk jij wel eens hoe jouw site scoort in Bing? Nee? Dan zou ik dat toch maar eens gaan doen!

Ik hoor je denken: “Hoezo moet ik mij verdiepen in hoe ik rank op Bing? Daar komt toch vrijwel geen enkele bezoeker vandaan?”. Dat klopt… Inderdaad… Nog wel!

Let op… Ik zeg bewust: “Nog wel!”. Want inderdaad komt meer dan 90% van al het zoekverkeer van Google. Echter, per 2015 loopt er een contract tussen Google en Apple af. Apple verdiende de afgelopen jaren namelijk zo’n slordige 1 miljard dollar aan Google, doordat het Google als standaard zoekmachine in Safari aanbood. Daardoor maakt 45% van de mobiele markt wereldwijd gebruik van Google als standaard zoekmachine vanaf alle iOS apparaten, zoals iPhones, iPads en iPods.

Maar als dat contract afloopt, kunnen zaken wel eens veranderen. Dan zou het zomaar kunnen zijn dat Apple verder gaat met Bing… Of met DuckDuckGo… Ook gaan er geruchten dan Apple zelf een zoekmachine aan het optuigen is. Wat het ook moge worden: het kan dus geen kwaad om eens te controleren, of jouw site ook goed te vinden is op Bing en DuckDuckGo.

Yahoo ziet grote stijging zoekverkeer als gevolg van “standaard” instelling in Firefox

Apple is niet de enige organisatie die banden heeft met bepaalde zoekmachines die aan veranderingen onderhevig kunnen zijn. Vorige maand nog werd bekendgemaakt dat Firefox in de Verenigde Staten niet meer standaard Google instelt als zoekmachine, maar Yahoo!

Deze instelling is operationeel sinds Firefox 34, de meest recente versie die onlangs uitkwam. Hoewel Firefox 34 nog niet wijd verbreid is, krijgt Yahoo! al driemaal meer zoekverkeer door Firefox 34, dan door versie 33.

Volgens StatCounter is het zoekaandeel van Yahoo! in slechts twee weken gestegen van 9,6% naar maar liefst 29,4%! Daarentegen is het gebruik van Google in Firefox 34 gedaald van net iets meer dan 82% naar zo’n 63,5%! Dat is een forse daling!

StatCounter Yahoo! growth thanks to Firefox 34!

Nog steeds blijft Google ook in de USA oppermachtig, maar er wordt overduidelijk wel aan haar virtuele stoelpoten gezaagd…

Dus, nog even terugkomend op de mogelijke verandering van de standaard zoekmachine in Safari op mobiele apparaten van Apple… Hmmm… Gezien de penetratie van iOS-devices kan dat muisje ook nog wel eens een staartje krijgen… Ik ben heel benieuwd!

Optimaliseer je site voor Bing

Stel nu eens dat Apple voor Safari op iOS niet meer kiest voor Google, als standaard zoekmachine… En omdat Firefox al Yahoo! gebruikt neem ik aan dat Apple daar ook niet voor zal kiezen. Dit is mede ingegeven door het feit dat Yahoo! in lang niet zoveel landen operationeel is.

Dan blijven er feitelijk nog twee zoekmachines over: Bing en DuckDuckGo. Dat is ook de reden dat ik zopas vroeg of je wel eens kijkt hoe je site op die twee zoekmachines scoort.

Hoewel DuckDuckGo sinds een tijdje wel als mogelijkheid is ingebouwd in Safari, staat die nog wel onderaan het rijtje. Ik heb geen idee of dat ook de visie van Apple op het belang weergeeft. Het kan ook een onderbewuste misleiding zijn, dat weet je nooit.

Maar stel nu eens dat Apple kiest voor Bing, in plaats van Google, als standaard zoekmachine in Safari op mobiele apparaten: waar moet je dan zoal rekening mee houden, om je site te laten scoren in Bing?

Tja, originele, unieke, relevante en interessante content spreekt natuurlijk voor zich! Ook Bing is heel goed geworden in het detecteren van webspam. Nee, wat zijn factoren die helpen bij het ranken van jouw site in Bing? Ik noem je er een aantal.

  1. Leeftijd van de domeinnaam – Waar Google vaak voorkeur heeft voor nieuwe en populaire sites, lijkt Bing meer waarde te hechten aan de leeftijd van de domeinnaam. Dus als je begint met een nieuwe site, zou het interessant kunnen zijn om een oudere domeinnaam te kopen. Daarnaast lijken .edu en .gov sites ook sneller hoger te kunnen scoren in Bing.
  2. Zorg dat je site wordt geïndexeerd – Dus zend je site in bij Bing en begin met wachten. Helaas actualiseert Bing haar index niet zo vaak als Google, dus je moet geduld betrachten.
  3. Juiste technische vereisten – Er zijn zes gebieden waar Bing zich voornamelijk op richt bij het scoren van je site in de zoekresultaten:
    • Laadtijd van de pagina – Hoe sneller, des te beter!
    • robots.txt – Zorg dat robots.txt leesbaar is voor Bing.
    • Sitemap – Onderhoud je sitemap met alle URL’s van je site en houd de sitemap actueel. Verwijder irrelevante URL’s.
    • Site technologie – Gebruik van sommige media op je site kan voorkomen dat Bing je pagina’s goed kan crawlen. Dus ondersteun ook altijd een soort van degradatiescenario.
    • Redirects – Als je content tussen websites verplaatst, ziet Bing graag dat je de ‘301 permanent redirect’ gebruikt.
    • Canonical tags – Als meerdere URL’s dezelfde content bevatten, helpt het “rel=canonical” element om Bing uit te laten zoeken wat de originele content is. Logischerwijs moet je dit niet gebruiken als je content tussen sites verhuist.
  4. Title tags zijn cruciaal – Bing lijkt veel meer nadruk te leggen op title tags, dan Google. Dus moet je relevante zoektermen voor je site in meerdere titels in je site gebruiken. Vermijd dus algemene titels, als “Home” en “Over ons”.
  5. Gebruik simpele keywords – Want Bing lijkt het niet zo goed te doen als Google, als het gaat om zogenaamde brede zoektermen. Dus gebruik ook meer synoniemen. Gebruik je keywords ook in correct geformuleerde H1 en H2 tags, de title tag en de META-description.
  6. Verzamel links – Het is nog steeds legitiem om links naar je site te verzamelen, alleen niet meer dankzij blackhat technieken. Bing lijkt de meeste waarde te hechten aan backlinks, maar minder aan andere factoren, zoals “NO FOLLOW” links etc. Maar nogmaals: houd het legaal!
  7. Content is King! – Daar begon ik ook al mee. Ook Bing wil, evenals Google, content van hoge kwaliteit. Bing adviseert bovendien dat je niet teveel advertenties op je site plaatst, noch een groot aantal affiliate links. Bovendien moet je site gemakkelijk door te klikken zijn, rijk aan content, interessant zijn voor de bezoeker en hem de informatie bieden, waar hij naar op zoek is.
  8. Wees sociaal – Waar Google niet altijd even helder en consistent is in haar beweringen over de waarde van social signals, is Bing dat wel. Bing zegt duidelijk: “Sociale media spelen vandaag de dag een belangrijke rol om een site goed te laten ranken in de zoekresultaten”.
  9. Gebruik van Flash – Google is nooit echt gecharmeerd geweest van Flash, maar het lijkt Bing niet echt uit te maken, als een site Flash gebruikt. Als je gebruik maakt van Flash, wordt geadviseerd om aparte sitemaps te maken voor je Flash media, omdat Bing haar uiterste best doet om die te indexeren.
  10. Acteer lokaal – Waar Google haar Google+ Mijn Bedrijf heeft voor lokale zoekresultaten, lijkt Bing voorrang te geven aan sites met een sterke lokale bedrijfsvermelding. Helaas kunnen Nederlandse bedrijven zich nog niet aanmelden bij Bing Local. Maar onthoud dit!

Want op dit moment is Bing Local alleen nog maar actief in de volgende landen:

  • Verenigde Staten
  • Australië
  • Oostenrijk
  • Brazilië
  • Canada
  • China
  • Duitsland
  • Hong Kong
  • India
  • Italië
  • Mexico
  • Spanje
  • Zwitserland
  • Taiwan
  • Verenigd Koninkrijk

Gezien de aanwezigheid van andere Europese landen, verwacht ik dat het ook niet zo lang zal duren, tot Nederland aan dit rijtje wordt toegevoegd.

Oh ja, nog een paar tips, wat je beslist niet moet doen op Bing. De meeste ken je natuurlijk al, maar ik wil het voor de volledigheid toch nog even duidelijk maken, waar Bing beslist een hekel aan heeft:

  • Cloacking – Dat is een andere website laten zien aan de gebruiker, dan dat je een Bing toont.
  • Link schema’s – Bing wil, net als Google, kwalitatief goede links.
  • Social media schema’s – Vermijd ook het illegaal beïnvloeden van sociale signalen naar jouw content. Bing wil dat je een echte autoriteit bent.
  • Meta refresh redirect – Gebruik daarvoor in de plaats een 301 redirect.
  • Dubbele content – Als je op je site veel content biedt, die elders ook wordt vertoond, dan verliest Bing mogelijk het vertrouwen in je site en kun je uit de zoekresultaten verdwijnen.
  • Keyword stuffing – Dit is al zo oud als de weg naar Rome… Dat doet toch niemand meer? Want dat is iets wat elke zoekmachine al jaren verbiedt in haar kwaliteitsrichtlijnen!

Nu ik zoveeel heb verteld over Bing en je mogelijke kansen… Heb je op basis hiervan al eens gekeken hoe jouw site scoort op Bing? Verschilt het erg met Google en DuckDuckGo? Vertel het me, onderaan de show notes van deze podcast, op www.reputatiecoaching.nl/105. Ik ben benieuwd naar je bevindingen!

Met deze “koffiedikkijkerij” over de toekomstige standaard zoekmachine in 45% van alle mobiele apparaten in de wereld, kom ik aan het einde van deze podcast.

Als je de podcast leuk vindt en je wilt nog meer op de hoogte blijven, volg me dan ook op Twitter, via @reputatiecoach1.

Heb je inderdaad wat aan alle informatie die ik met je deel, help mij dan met het verder verbeteren en promoten van deze podcast. Surf daarvoor naar iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en laat ook je reactie achter. Door de podcast te beoordelen op iTunes en/of Stitcher breng je de podcast onder de aandacht van een breder publiek.

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen, of door ’m te delen op Twitter, like’n en delen op Facebook of een “+1” te geven op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om je te helpen! Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie of de vindbaarheid van je website, kun je een mailtje sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, net als Jerry afgelopen week deed met zijn vraag over de optimalisatie van een webshop. Wil jij ook een voicemail inspreken, klik dan op de tab aan de rechterkant van elke pagina en spreek je bericht in.

Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 105 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

103: Geen reviews in Winterberg. Google Carrousel komt en gaat. Sitelinks Search Box in Google. Mobielvriendelijke sites scoren hoger!

Play

Reputatie Coaching PodcastIn Winterberg (Duitsland) is men nog niet zichtbaar actief met reviews. Dat ervoer ik afgelopen weekend. En dan lijkt het erop, alsof we in Nederland binnenkort ook de carrousel voor lokale resultaten gaan krijgen, terwijl Google in de Verenigde Staten is begonnen de carrousel weer weg te halen. Het wordt er niet duidelijker op. Maar wat verandert er dan wellicht in de toekomst? Ik vertel het je zometeen!

Ik ben aan het experimenteren met de zogenaamde “sitelinks search box”; dat is het volgende onderwerp voor vandaag. Websites die mobielvriendelijk zijn, worden binnenkort mogelijk hoger vertoond in de zoekresultaten. Dat heeft Google eergisteren aangekondigd. Twitter heeft afgelopen week aangekondigd alle tweets ooit te ontsluiten met een nieuwe, eigengebouwde zoekmachine en ik sluit de podcast voor vandaag af met 23 minder bekende toepassingen voor Twitter lists.

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Ik ben Eduard de Boer, ReputatieCoach. Dit is dé podcast die jou helpt om meer business te genereren, doordat jouw website beter gevonden wordt, zowel lokaal als landelijk en doordat ik je uitleg hoe je je online reputatie kunt verbeteren. Hierdoor zet je je bedrijf en jezelf beter op de online kaart.

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/103. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes, op Stitcher en ook op TuneIn Radio103. Daar kun je je dus ook abonneren op de wekelijkse podcast. Veel mensen vinden het ideaal om de wekelijkse afleveringen van de podcast op hun gemak te beluisteren, terwijl ze autorijden, fietsen, wandelen of trainen in de sportschool.

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

Geen reviews in Winterberg

Degenen die mij volgen op Instagram of Facebook hebben kunnen zien dat ik afgelopen weekend er even tussenuit was. Samen met mijn vrouw Suzanne ben ik naar Winterberg in Sauerland (Duitsland) afgereisd. Daar hebben we twee nachten overnacht in een hotel. Overdag hebben we veel gewandeld en veel in de omgeving bekeken. We hebben zelfs nog even in de sneeuw gestaan, ook al was dat kunstmatige sneeuw.

Tussendoor hebben we links en rechts gegeten en gedronken. Wat mij opviel was dat we eigenlijk nergens iets zagen wat riekte naar het opbouwen van een reputatie of het onderhouden van contacten via de social media. Bij geen enkele winkel in de hoofdstraat van Winterberg zag ik een Foursquare of Yelp sticker, noch enige andere associatie met een review site.

Geen enkel restaurant waar we zijn geweest communiceerde actief de Facebookpagina of probeerde fans te werven. Ook zagen we nergens QR-codes of URLs waar we reviews konden achterlaten.

Like Winterberg

In deze tijd kun je je dat toch niet meer voorstellen! Ik zou denken dat alle etablissementen in een populair dorp als Winterberg juist elkaar in figuurlijke zin zouden “doodconcurreren” op dit gebied.

Het kan natuurlijk zijn dat mij iets is ontgaan, maar ik ben in elk geval geen enkele poging om een review te verkrijgen of om een fan te werven, tegengekomen.

Tips voor een reissite

Van ons weekendje weg naar Winterberg kom ik op een andersoortige reissite: een site met tips en aanbiedingen uit een bepaalde regio in een land. De details doen op dit moment even niet terzake.

Ik werd benaderd om adviezen te geven over hoe deze site, die eigenlijk enig in zijn soort is, beter gevonden kan worden, zonder een complete linkwervingscampagne op te hoeven starten etc.

Tja, mijn mantra om jezelf op Internet te onderscheiden is nog steeds “Content is king”. Dus in essentie was mijn advies ook om meer relevante, interessante, unieke en geografisch georiënteerde content te publiceren. Ik ben ervan overtuigd dat je uiteindelijk links naar je site gaat verdienen, als je publiek vindt dat je goede content produceert.

En zeker als je een site uit de reisbranche wilt laten scoren, dan volstaat het niet als je eens per twee weken of zo eens een nieuw berichtje post. Zoekmachines zien jouw site dan meer als een soort semi-inactief persoonlijk weblog.

Ik heb de beller om te beginnen verteld over de essentie van goede, unieke, relevante en interessante content. Vervolgens ben ik wat meer de diepte in gegaan. Zo heb ik onder andere de volgende adviezen gegeven die mijns inziens snel tot enig resultaat kunnen leiden, maar waar veel mensen niet zo gemakkelijk op komen:

  • Omgeving-/regiospecifieke artikelen, voorzien van geotagged foto’s (hierover publiceer ik binnenkort een gastblog ergens…)
  • Tekstuele interviews met lokale bekendheden
  • Video of audio interviews met bijvoorbeeld hoteldirecteuren, F&B managers, wijnboeren, burgemeesters, slagers, restauranteigenaren en andere mogelijk interessante personen in de plaatsen die worden gepromoot
  • Video reviews van attracties in de regio
  • Evaluaties van andere websites over de regio

De beller verkeerde ook nog in de veronderstelling dat zij massaal links moest gaan verzamelen. Dat heb ik gelukkig uit haar hoofd kunnen praten met het argument dat je tegenwoordig links moet verdienen op basis van de kwaliteit van de content die je aanbiedt.

Het viel haar aardig rauw op het dak dat ze wekelijks toch wel een paar nieuwe artikelen zou moeten publiceren, wil ze de site de aandacht laten krijgen die hij volgens haar verdient.

Ze gaat nu brainstormen wat ze van mijn adviezen zoal kan realiseren en wie ze daarvoor kan inschakelen. Want zelf is ze druk bezig met diverse andere zakelijke activiteiten. We hebben afgesproken om binnen nu en ongeveer een week weer contact te hebben. Dan zou ze met een aantal concrete uitwerkingen komen op basis van mijn suggesties en ik hoop dat ik haar dan verder op weg kan helpen.

Tot zover over de promotie van een reis-informatie-site.

“To carrousel or NOT to carrousel?”

Laatst had ik de lokale Google carrousel voor het eerst in de Nederlandstalige zoekresultaten op google.nl gespot. Daar heb ik toen ook meteen een video van gemaakt. Lange tijd heb ik geroepen dat de carrousel ook naar Nederland zou komen. En ja, in zekere zin heb ik daar dus gelijk in gekregen.

Maar inmiddels is de carrousel in de Verenigde Staten alweer op zijn retour! De markt was er niet blij mee en ook Google wilde naar een andere weergave van lokale bedrijven. Daar is het nu mee begonnen, lijkt het.

Want in een aantal marktsegmenten zie je nu dus geen carrousel meer. Zo zie je voor restaurants bijvoorbeeld een afbeelding, zoals ik die in de show notes heb opgenomen:


Nieuwe Google local 3-pak
(Screenshot: Mike Blumenthal)

Let wel, dat ook deze weergave vooralsnog niet in Nederland beschikbaar is.

Mede gelet op het feit dat de carrousel in de achtergrond in Nederland en ook in andere landen enigszins zichtbaar wordt, denk ik dat Google bezig is haar output in een groot aantal landen gelijk te trekken. Dus eerst wordt de carrousel ook hier zichtbaar, waarna bijvoorbeeld met CSS deze later anders weergegeven wordt, op de wijze, zoals je die in de afbeeldingen hiervoor hebt gezien.

Op die manier gaat Google meer eenduidigheid uitstralen en zo kan ze ook waarschijnlijk kosten besparen, omdat er minder verschillende versies van de software en/of stylesheets etc. onderhouden hoeven te worden.

Sitelinks search box

Nu ik het toch over Google heb… Heb jij al een sitelinks search box in de zoekresultaten? Nou, ik had er al wel over gelezen, maar ik had hem nog niet. En ik heb de sitelinks search box ook nog niet. Maar ik heb eerder deze week wel de vereiste actie ondernomen, om mijn kans dat die wordt vertoond, te vergroten.

Om te beginnen: wat is de sitelinks search box? Dit is een extra zoekveld, dat je krijgt in de zoekresultaten, als er bij jouw website vermelding de zogenaamde sitelinks worden vertoond. In de show notes heb ik een afbeelding opgenomen, waarop je een voorbeeld van sitelinks kunt zien:

Sitelinks voor Allround Fotografie

Begin september heb ik voor het eerst over de sitelinks search box gelezen. Op het Google Webmaster Central Blog werd toen op 5 september een artikel gepubliceerd, met de titel “An improved search box within the search results”. Daarin werden toen screenshots van een mobiele weergave vertoond. Later doken er ook screenshots van desktopversies op.

Het komt erop neer dat Google een tweede zoekveld vertoont in de zoekresultaten, als er bij jouw site de zogenaamde sitelinks worden vertoond. Dat is het gemakkelijkste te testen door je bedrijfsnaam in te toetsen, zoals ik in de afbeelding van de sitelinks voor Allround Fotografie heb gedaan.

In dit zoekveld kun je dan een zoekterm ingeven voor de desbetreffende site. Als je dan op ENTER klikt, wordt de zoekpoging op die site uitgevoerd en worden de relevante resultaten vertoond.

Om dit in te stellen moet je een paar zaken regelen op je site. Zo moet je een site-eigen zoekmogelijkheid hebben op de homepagina van je site. Vervolgens moet je wat extra code in het header-deel van je site opnemen.

Op diverse sites las ik dat het daarna gemiddeld tot zo’n 48 uur kan duren, tot de sitelinks search box verschijnt. Nu heb ik zo’n 36 uur geleden de vereiste code op de site gezet en tot net vóór het inspreken van de podcast was die nog niet te zien. Ik wacht dus geduldig. Het is volgens mij in dit geval niet zo dat het alleen voor Engelstalige sites beschikbaar is. Want als je in Google “zalando” invoert, zie je precies wat ik bedoel:

Sitelinks Search Box voor Zalando

Dus het is ook beschikbaar voor Nederlandstalige sites. Zoals elke keer als ik een experiment uitvoer, zeg ik ook nu weer: “Zodra ik nieuws erover heb, laat ik je het weten!”…

Google als GRATIS CDN (Content Delivery Network)

Ik vertelde je al in podcast 65 dat ik Google+ voor mijn site www.reputatiecoaching.nl gebruik als een Content Delivery Network, afgekort “CDN”, voor vrijwel al mijn afbeeldingen. Hoe ik dat doe, wil ik je in deze podcast kort uitleggen. En ik zal er binnenkort ook een instructievideo over maken.

Maar waarom zou je überhaupt de afbeeldingen in jouw berichten, op jouw website, vanaf een andere website willen laten vertonen?

Om te beginnen scheelt dat bandbreedte op de server, waar jouw website op staat. Daardoor kan de webserver meer gelijktijdige bezoekers bedienen. En natuurlijk kost het je minder opslag op je webserver. Een bijkomend voordeel is, vooral als je een beperkte bandbreedte hebt bij je hosting provider, dat deze zo minder snel opgesoupeerd wordt. Want bijna altijd is de grafische content veel groter, dan de tekstuele content van een webpagina.

Bovendien hebben Content Delivery Networks meestal servers in diverse werelddelen staan, waardoor de bestanden over het algemeen sneller geladen zijn door gebruikers uit de buurt. Ook zijn CDN’s geoptimaliseerd voor snelheid en om dat te doen, waar ze voor staan: content zo snel mogelijk sturen naar degene die erom vraagt.

Webpagina’s waarin afbeeldingen zijn opgenomen, die fysiek op een CDN staan, laden dus veelal sneller. Dat komt ook, doordat de meeste webbrowsers slechts een beperkt aantal simultane verbindingen naar één en dezelfde webserver kunnen openen, om te voorkomen dat de desbetreffende webserver overladen wordt.

Een heel bekend CDN is Akamai, dat was ook één van de eerste bedrijven die pionierde met Content Delivery in de hele wereld. Bedrijven als Apple, Adobe, Microsoft, BBC, Honda, Sony, Fiat, Rabobank en andere grote namen hebben hier jarenlang gebruik van gemaakt. Sommige gebruiken het nog steeds, terwijl ik het gerucht heb gelezen dat Apple bezig is met een eigen Content Delivery Network op te bouwen.

Een paar andere bekende CDN’s zijn:

  • Amazon Cloudfront
  • CloudFlare CDN
  • MaxCDN
  • Highwinds
  • iWeb
  • Edgecast

En als je gaat zoeken, kun je er zo nog tientallen vinden. Maar eigenlijk hebben al die diensten één ding gemeen… Dat is dat ze geld kosten! Vaak veel geld!

Stel nu eens dat je helemaal GRATIS een supersnel en wereldomvattend CDN kunt gebruiken? Een CDN dat laagdrempelig is, gemakkelijk in gebruik en binnen het bereik van vrijwel elke webmaster ligt?

Welkom in de mooie wereld van Google+! Ik gebruik Google+ inmiddels al ongeveer een jaar voor het hosten van alle afbeeldingen die ik in mijn weblogartikelen en podcasttranscripties plaats. En tot mijn volle tevredenheid! Webpagina’s laden snel, evenals de afbeeldingen.

Om te beginnen moet je een Google+ account hebben, ofwel een persoonlijk Google+ profiel, of een Google+ pagina. Zo heb ik voor ReputatieCoaching een aparte Google+ pagina, die je trouwens kunt vinden op: plus.google.com/+ReputatieCoachingNL. Daar sla ik de afbeeldingen op, die ik in de artikelen gebruik. Natuurlijk zorg ik ervoor dat afbeeldingen welluidende bestandsnamen hebben, die bij voorkeur wat relevante zoektermen bevatten.

Maar voordat ik de afbeeldingen upload, optimaliseer ik ze eerst met compressor.io. De instructievideo hiervoor heb ik nogmaals opgenomen in de show notes, op www.reputatiecoaching.nl/103:

Daarna upload ik ze naar mijn Google+ pagina. Ik heb op mijn Google+ pagina diverse albums, waarin ik de verschillende afbeeldingen onderbreng.

Ik vind overigens het verkleinen van de resolutie en de bestandsgrootte van een afbeelding normaliter een goede gewoonte, om zo de bandbreedte te beperken, de laadtijd van pagina’s te verkorten en dus de gebruikerservaring te verhogen. Maar… Op Google+ upload ik bij voorkeur afbeeldingen met een zo hoog mogelijke resolutie. Waarom? Dat leg ik je zometeen uit.

Laat ik beginnen met het uploaden:

Upload image in Google+

Like Winterbegr

Eenmaal opgeslagen in een map open ik de gewenste afbeelding door erop te klikken:

Selecteer afbeelding in Google+

Daarna open ik de afbeelding met een rechter muisklik in een nieuw tabblad. In dat tabblad zie je in de adresbalk de URL van de afbeelding:

Kopieer URL

Die selecteer je en kopieer je naar het klembord met CTRL-C (Windows) of CMD-C (Apple). In WordPress kies je op de gewenste plek “Media toevoegen”, waarna je links klikt op “Invoegen via URL”:

Plak URL en geef ALT omschrijvingDan plak je met CTRL-V of CMD-V de URL in het veld en eventueel vul je de overige velden van de afbeelding in. Als je dan je pagina bekijkt, zie je dat de afbeelding is opgenomen in je blogbericht, terwijl die jou geen opslagcapaciteit kost en ook geen bandbreedte van je server. Zo simpel is het!

Maar ik had je beloofd uit te leggen waarom ik afbeeldingen eerst met compressor.io in bestandsgrootte verklein en dan in een zo hoog mogelijke resolutie naar Google+ upload. Dat komt, doordat Google zelf afbeeldingen kan verkleinen en de afbeelding in precies de juiste resolutie naar de eindgebruiker kan sturen.

Dat doe je door in de URL iets te veranderen:

Pas de afmetingen van de afbeelding op Google+ aan

Op de afbeelding die je kunt vinden in de show notes van deze podcast op www.reputatiecoaching.nl/103 zie je staan “W” of “S” en dan nog wat getallen en letters. Verander dat in bijvoorbeeld W200 om een afbeelding te krijgen die slechts 200 pixels breed is. Daarmee kun je dus de grootte van de afbeelding aanpassen.

Zo voorkom je dat een te grote afbeelding naar de browser wordt gestuurd, die dan vervolgens daar softwarematig wordt verkleind. Dat is iets wat je koste wat het kost wilt voorkomen.

Mocht je er niet uitkomen, schroom dan niet en post je vraag onderaan de show notes van deze podcast.

Hogere ranking voor mobielvriendelijke websites?

Tja, het zat er al een tijdje aan te komen en nu heeft Google het ook daadwerkelijk zelf min of meer bevestigd: mobielvriendelijke sites kunnen hoger gaan scoren in de zoekmachines dan sites die minder goed worden weergegeven op mobiele apparaten… Echt waar!

Google is namelijk begonnen om op mobiele apparaten in de zoekresultaten te laten zien of een site mobielvriendelijk is. Dit heeft Google 18 november jongstleden bekendgemaakt. Je kunt dit nalezen in het artikel “Helping users find mobile-friendly pages” op het Google Webmaster Central Blog.

In de show notes heb ik een screenshot opgenomen, waarin je kunt zien hoe dit er uit komt te zien:

Nieuwe Google Mobile Friendly tagHet komt erop neer dat voor het stukje introtekst onder de URL in de vermelding in de zoekresultaten een grijze tekst wordt vertoond, die luidt: “Mobile-friendly”. Dat is in elk geval, wat Google zegt over de Engelse zoekresultaten.

En Google stelt jou ook in staat om nu meteen te testen of jouw site mobielvriendelijk is. Daarvoor heeft het bedrijf namelijk de “Mobile-Friendly Test” ontwikkeld. De link hier naartoe vind je natuurlijk in de show notes van deze podcast, op www.reputatiecoaching.nl/103.

Ik heb direct een aantal sites getest, want ik wil natuurlijk wel dat mijn sites het label van mobielvriendelijk krijgen toebedeeld van Google. Gelukkig kwamen alle sites door de test:

Mobile Friendly test voor ReputatieCoaching

Maar diverse andere sites kwamen niet door de test. Zo heb ik de site getest van een luchtballonbedrijf en daarop had Google toch wel wat opmerkingen. Zo meldde de tool onder andere het volgende:

  • Tekst is te klein om te lezen
  • Links staan te dicht bij elkaar
  • Mobile viewport is niet ingesteld
  • Content is breder dan het scherm

Hoe dit wordt vertoond in de testtool, kun je zien in de show notes:

Mobile Friendly test voor FuturefunMaar de tool geeft niet alleen maar commentaar. Het kan je namelijk ook helpen met het mobielvriendelijk maken van je site. Als je advies wilt, kan de tool je op dit moment helpen met sites die zijn gemaakt in één van de volgende Content Management Systemen:

  • WordPress
  • Joomla!
  • Drupal
  • Blogger
  • vBulletin
  • Tumblr
  • DataLife Engine
  • Magento
  • Prestashop
  • Bitrix
  • Google Sites

Dat is wel heel vriendelijk van Google. Het geeft maar aan dat het bedrijf je op elke manier wil helpen om ook jouw site mobielvriendelijk te maken. En ik denk dat ze dat alleen maar doet om geen negatieve feedback te krijgen op het moment dat mobielvriendelijkheid van sites gaat meewegen als ranking factor voor de positie in de zoekresultaten.

Want Google sluit het artikel waar ik zojuist naar verwees af met de volgende tekst:

We see these labels as a first step in helping mobile users to have a better mobile web experience. We are also experimenting with using the mobile-friendly criteria as a ranking signal.

Daar heb je het. Als Google zegt dat ze ermee experimenteert… Hmmm… Dan kun je er aardig zeker van zijn dat de testfase al in een vergevorderd stadium is en op het punt staat om live te gaan. Dus, wat ik al zovaak heb geroepen: “Maak je site mobielvriendelijk! Zo snel mogelijk!”.

Twitter gaat alle tweets ontsluiten!

In het verleden was er een verbinding tussen Google en Twitter, waardoor Google alle tweets van Twitter kon zien en indexeren. Op een bepaald moment in tijd zijn beide partijen uit elkaar gegaan en vanaf dat moment kon Twitter niet meer dan je een zoekmogelijkheid geven in de tweets die niet ouder waren dan een week.

Maar daar komt nu weer verandering in, want Twitter gaat zich opwerpen als een soort van zoekmachine, maar dan zonder hulp van Google: het gaat alle openbare en dus publiek toegankelijke tweets doorzoekbaar maken. Moet je je eens voorstellen wat dat voor schat aan informatie kan ontsluiten!

Yi Zhuang van Twitter (ik hoop dat ik de naam goed uitspreek!) publiceerde eerder deze week een artikel op het Twitter blog, met als titel “Building a complete Tweet index”. Hij schrijft hierin onder andere:

Since that first simple Tweet over eight years ago, hundreds of billions of Tweets have captured everyday human experiences and major historical events. Our search engine excelled at surfacing breaking news and events in real time, and our search index infrastructure reflected this strong emphasis on recency. But our long-standing goal has been to let people search through every Tweet ever published.

Hij schrijft verder dat Twitter erin is geslaagd om de meer dan een half triljoen tweets te doorzoeken met een gemiddelde zoektijd van minder dan 100 ms.

Onderschat het niet: er komen wekelijks een paar miljard tweets bij! Moet je je voorstellen wat dat aan processingkracht en opslag vereist! Ik moet er niet aan denken om een dergelijk systeem te moeten ontwerpen! Gelukkig hoef ik dat ook niet!

Als je werkzaam bent in het ontwikkelen van informatiesystemen, dan zul je smullen van het artikel, waar ik in de show notes naar link. Daarin wordt uit de doeken gedaan hoe het systeem is ontworpen en is opgebouwd.

23 minder bekende toepassingen voor Twitter lists

Het laatste topic voor vandaag gaat ook over Twitter. Op de site van Buffer kwam ik een tijdje geleden een leuk artikel tegen over bijzondere toepassingen van Twitter lists. In podcasts 3, 12 en 35 vertelde ik je al eens over Twitter lists, maar dit artikel op het weblog van Buffer vond ik dermate leuk dat ik het graag met je wilde delen.

  1. Maak een lijst van alle personeelsleden van je bedrijf – Dit is een goede motivatie voor nieuwe medewerkers die nog niet op Twitter zitten, om ook op Twitter te gaan en kennis te delen.
  2. Deelnemers aan een evenement – Zo kun je gemakkelijk volgen wat er precies op het evenement allemaal wordt getweet, voor het geval hashtags niet toereikend zijn.
  3. Mini-communities of interessegroepen – Zo kun je de interactie met een doelgroep nog intensiever maken.
  4. Relevante hulpmiddelen voor je klanten – Maak een list van relevante bedrijven/twitteraars voor jouw klanten.
  5. Tweeps die jij aanbeveelt – Kleine variatie op de vorige. Maak een lijst van mensen die jij aanraad om ook te volgen.
  6. Klantenlijst – Maak een list van je klanten. Maar maar dat wel een privélijst!
  7. Let op mij-lijst – Maak een lijst van mensen waarvan jij graag wilt dat ze jou gaan volgen. Zo houd je een overzicht van hun tweets en kun je gemakkelijk de interactie aangaan.
  8. Concurrenten-lijst – Maak een lijst van al je concurrenten, om zo gemakkelijk te zien waar zij allemaal mee bezig zijn en wat voor tweets zij de wereld in blazen.
  9. Industrie/marktsegement-lijst – Analoog aan de lijst van concurrenten: maak een lijst van iedereen die in dezelfde branche werkzaam is, om zo gemakkelijk een overzicht te houden van ontwikkelingen in jouw competentie.
  10. Thoughtleaders – Door die in een lijst te plaatsen kun je zelf continu inspiratie opdoen uit hun veelal wijze woorden.
  11. Beroemdheden – Als het je interesseert, maak dan een lijst van beroemdheden waarvan je graag de meest recente digitale roddels en opmerkingen leest.
  12. Collega’s – Bijvoorbeeld collega-bloggers, ontwerpers, programmeurs, fotografen, weddingplanners en wat dies meer zij. Volg ze in een list.
  13. Waardevolle klanten – Want aandacht voor en interesse in je klanten is extreem waardevol.
  14. Locatiegerelateerde lijsten – Bijvoorbeeld met accounts die alleen lokaal nieuws tweeten, of regionaal nieuws enz.
  15. Live tweeters – Voor het volgen van live evenementen.
  16. Gelieerde groepen of organisaties – Dat kan elke verzameling mensen zijn, waar jij in zeker opzicht mee verbonden bent op welke manier dan ook.
  17. Goede vrienden en familie – Door een list te maken van goede vrienden en familieleden loop je niet het risico dat hun tweets verloren gaan in de waterval van tweets die soms over je tijdlijn scrollen.
  18. Mensen die jou retweeten – Plaats mensen die jou dikwijls retweeten ook in een lijst, zodat je kunt volgen wat zij tweeten. Zo kun jij hen ook gemakkelijk retweeten, als zij iets interessants melden.
  19. Mensen met wie jij regelmatig contact hebt op Twitter – Ook weer om hen gemakkelijk te volgen en geen updates te missen.
  20. Twitter chat deelnemers – In Nederland zie ik ze niet zoveel, maar in andere landen zijn Twitter chats populair. Plaats de deelnemers in een list en volg hen gemakkelijk op die manier.
  21. Twitteraars die het waard zijn om te volgen – Om welke reden dan ook: plaats die in een aparte privé-list.
  22. Nieuwe Twitter homepage – Maak een lijst van alle Twitter-accounts die jou het meeste aanspreken.
  23. Interessegroepen of bepaalde categorieën mensen – Bijvoorbeeld de spelers van je voetbalteam, je favoriete auteurs, aanbiedingssites etc.

Dan nog een algemene tip: Houd de lijsten actueel… Werk ze steeds bij met nieuwe accounts die je tegenkomt of ontvolg accounts die je niet meer aanspreken. En als je merkt dat je een bepaalde lijst lange tijd niet meer raadpleegt, verwijder ’m dan gewoon.

En met deze 23 minder bekende toepassingen voor Twitter lists kom ik dan ook vandaag weer aan het einde van deze podcast.

Als je de podcast leuk vindt en je wilt nog meer op de hoogte blijven, volg me dan ook op Twitter, via @reputatiecoach1.

Heb je inderdaad wat aan alle informatie die ik met je deel, help mij dan met het verder verbeteren en promoten van deze podcast. Surf daarvoor naar iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en laat ook je reactie achter. Door de podcast te beoordelen op iTunes en/of Stitcher breng je de podcast onder de aandacht van een breder publiek.

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen, of door ’m te delen op Twitter, like’n en delen op Facebook of een “+1” te geven op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om je te helpen! Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie of de vindbaarheid van je website, kun je een mailtje sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, door op de tab aan de rechterkant van elke pagina te klikken, en je bericht in te spreken. Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 103 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

97: GRATIS LinkedIn Premium, Ello en Google+ nieuws. Nieuwe cookiewet is slap en 6 video’s van Google over lokale SEO

Play

Reputatie Coaching PodcastNog voor het krieken van de dageraad stond ik gistermorgen op: de wekker van mijn iPhone speelde een melodietje om vijf uur en waarom? Om weer lekker aan de slag te gaan met het uitwerken van de onderwerpen voor deze 97e podcast. Reden is dat ik op het moment een volle agenda heb met veel taken die mijn aandacht en tijd eisen. Dan moeten soms andere zaken wijken. Maar ik doe het allemaal met plezier en ik wilde er zeker van zijn dat ik je ook vanochtend om half negen toch weer een podcast kan bieden.

Wat bied ik je dan vandaag? Ik vertel je over mijn voortgang in de 14-Daagse Video Challenge van Brenda Kok en over LinkedIn Premium. Verder komen Google+ en Ello aan bod… Ja, Ello… het nieuwste, advertentievrije sociale netwerk. Facebook gaat verder met zijn lokale marketing door de introductie van locatiegerelateerde advertenties en wacht niet op de introductie van de Apple Watch met jezelf op Apple Kaarten te zetten. Eerder deze week is een slappe versie van de cookiewet aangenomen, Google zegt nu wereldwijd te waarschuwen voor sites die Flash bevatten en Google helpt lokale bedrijven zichzelf beter op de kaart te zetten aan de hand van een zestal video’s. Dit alles en meer komt dus aan bod in deze podcast!

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Ik ben Eduard de Boer, ReputatieCoach.

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/97. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes en op Stitcher. Daar kun je je dus ook abonneren op de wekelijkse podcast. Veel mensen vinden het ideaal om de wekelijkse afleveringen van de podcast op hun gemak te beluisteren, terwijl ze autorijden.

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

14-Daagse Video Challenge van Brenda Kok

14-Daagse Video Challenge door Brenda KokIn podcast 94 had ik Brenda Kok te gast vanuit Vietnam. Zij houdt bezig met alles wat over online video gaat, dus van Google Hangouts en Hangouts on Air, YouTube en videomarketing.

Als onderdeel van haar gratis dienstverlening om zichzelf op de kaart te zetten heeft zij in april dit jaar een 30-daagse video challenge georganiseerd, waarin mensen op een respectvolle en opbouwende manier kunnen leren om beter en natuurlijker te presenteren voor de camera. In podcast 94 vertelde Brenda hier ook over.

Zo’n video challenge is ontzettend nuttig voor mensen die meer willen gaan doen met video. Want je verplicht je om gedurende de looptijd elke dag een video te posten in een afgeschermde omgeving, waarin je zelf iets zegt. Brenda heeft verder niet veel eisen gesteld aan de video’s en de inhoud ervan. Het gaat er dus puur om, om ervaring op te doen met voor de camera te staan of te zitten.

Die video challenge van april heb ik gemist, want ik leerde Brenda pas afgelopen zomervakantie kennen. Doordat ik bijna 100 podcasts heb gemaakt, gaat het spreken mij inmiddels een stuk beter af, maar ik moet je bekennen, dat ik niet graag voor een camera spreek. En het is natuurlijk altijd constructiever en efficiënter voor je leertijd, om samen met anderen de ervaringen te delen en verbetersuggesties te ontvangen en te geven.

Gelukkig heeft ze afgelopen maandag weer een video challenge opgestart, dit keer eentje die 14 dagen duurt. Zoals je in de podcast kunt terugluisteren, zag Brenda de grootste vooruitgang van de deelnemers al ergens tussen dag vier en dag acht. Als je dan nog eens 22 dagen verplicht video’s online moet zetten, dan is de kans groot dat de belasting daarvan niet meer opweegt tegen de kwaliteitsverbetering die je kunt realiseren.

14-Daagse Video Challenge van Brenda Kok (Tweet)

Ik ben in elk geval blij met die 14 dagen, want volgens mij is dat zelfs voor mij voldoende… Dus ik ben ook afgelopen maandag begonnen met mijn eerste video online zetten.

De groep van deelnemers is gemeleerd: variërend van onder andere een businesscoach, een scholier, een hondenpsychologe tot een verhalenverteller. Daar zit ik, als ReputatieCoach tussen.

Het is heel mooi om te zien hoeveel moeite mensen hebben. Maar wat ik zo waarneem kunnen de meesten al erg goed zichzelf en hun verhaal voor de camera vertellen. Bij velen hoeft alleen maar de ruwe diamant geslepen te worden en ze kunnen professioneel met online video aan de slag.

Wat mij opvalt, is dat een groot deel van de deelnemers in het begin moeite heeft met de techniek: zelfs een opgenomen video uploaden vanaf de smartphone naar YouTube kan voor problemen zorgen. En het monteren van video’s moet men nog maar helemaal niet aan denken!

En wat is het mooie? Je ziet door de nauwe samenwerking en de respectvolle kritiek van de andere deelnemers in de “veilige en vertrouwde” afgeschermde omgeving dat mensen ontzettend snel leren, vele malen sneller dan wanneer ze alleen op een zolderkamertje zitten te stoeien. Wat je dan ziet, is dat mensen vaak onnodig heel veel tijd verliezen in het opzoeken van oplossingen voor hun technische problemen.

Maar de clou is om zo snel mogelijk aan de gang te gaan met het online krijgen van je video en elkaars video’s te bekijken en van commentaar te voorzien; geen commentaar om de ander af te schieten, maar commentaar waar de ander iets aan heeft voor de volgende video.

En dat is het wat het concept zo sterk maakt: in het afgeschermde hoekje op Google+ had Brenda bij aanvang al een aantal nuttige instructievideo’s gereed staan en bovendien stuurt Brenda dagelijks een mail met tips en trucs om de kwaliteit van je video’s snel op een hoger plan te krijgen.

Nadat je in die 14 dagen in elk geval voldoende zelfvertrouwen hebt opgebouwd om voor de camera te staan en in elk geval een video van acceptabele video- en audiokwaliteit op te nemen, dan is het het beste om de video bootcamp training van Brenda Kok te volgen, waarin ze je alle ins en outs leert van het plannen van je video, de productie ervan en de promotie en marketing.

Ben je benieuwd naar mijn eerste, tweede en derde video ? Deze heb ik voor jou in de show notes opgenomen in de vorm van een afspeellijst:

 

Op dit moment kun je er de video’s van dag 1 tot en met 3 bekijken, maar omdat ik elke dag een video aan de playlist toevoeg, wordt de lijst elke dag eentje langer, tot en met de video van dag 14. Want dan zit het erop.

GRATIS LinkedIn Premium Executive

LinkedinDe hoofdreden dat ik meedoe aan de 14-Daagse Video Challenge waar ik het zojuist over had, is dat ik moeite had met mezelf voor de camera presenteren. Toegegeven, ik ben al tientallen jaren fotograaf, maar dat was gemakkelijk: ik stond altijd achter de camera! Nu sta ik er dus voor en krijg ik veel goede tips en adviezen hoe ik mijn presentatie op video kan verbeteren.

Dat is onderdeel van mijn plan voor de inzet van video. Want zoals je in de video voor dag 2 hebt kunnen zien, wil ik video inzetten voor:

  • Presentaties en trainingen
  • Beantwoording van Frequently Asked Questions door middel van video
  • Google+ Hangouts en Hangouts on Air
  • Videotestimonials
  • en wat er verder nog aan mogelijkheden of inzetgebieden op mijn pad komt

Eén van de presentaties die ik zo snel mogelijk ga maken is een introductievideo van mijzelf, die ik onder andere op LinkedIn ga plaatsen. Ik wil meer met LinkedIn doen en daarom heb ik inmiddels ook een Executive account op LinkedIn. Dit is een abonnement dat je beduidend meer mogelijkheden biedt, dan de gratis versie.

En weet je wat het mooie is? Ik hoef hiervoor helemaal niet te betalen! Dankzij de podcast die met vaste regelmaat uitkomt, de omvang van het weblog en het karakter van mijn boodschap kon ik mij aanmelden als “journalist”. Nu ben ik natuurlijk geen journalist in de traditionele zin van het woord, maar het feit dat ik frequent nieuws blog en podcast over een specifiek onderwerp, maakt mij in de ogen van LinkedIn dus wel een journalist.

Om hiervoor in aanmerking te komen is het verplicht een online webinar bij te wonen, waarna je een verzoek kunt indienen om je account gratis voor een jaar te upgraden naar de Executive versie. Dat kost normaal toch maar liefst EUR 59,99 exclusief BTW per maand, dus ik rook een kans, toen ik hierover hoorde. Ik schreef me in voor het webinar, dat afgelopen maandag plaatsvond en binnen 24 uur was mijn account geupgrade naar Premium Executive. Het klinkt in elk geval wel mooi…

De komende tijd ga ik me namelijk ook meer verdiepen in de kansen en mogelijkheden van LinkedIn, die ik zoals altijd natuurlijk met je zal delen. Maar goed, ik heb de upgrade net pas eergisternacht ontvangen, dus ik kan er nog niet veel zinnigs over melden. Dat komt nog!

Google+ is “alive and kicking”!

GoogleOp re/code las ik een interview met David Besbris, de tegenwoordige social media baas van Google. De eerste regel van het artikel ontkracht meteen alle geruchten over Google+, die de afgelopen maanden in de media verschenen. David Besbris zegt namelijk: “Google+ isn’t dying anytime soon”.

Als je het interessant vindt, kun je het hele artikel lezen. Ik wil nu slechts een paar punten uit dit interview met je delen:

  • Google+ is nog nooit zo groot geweest.
  • CEO Larry Page heeft bij het vertrek van Vic Gundotra, de voorganger van David, gezegd dat hij heel blij is met de voortgang van Google+ en dat het volledige bedrijf erachter staat.
  • De club die verantwoordelijk is voor Google+ is niet van de campus verdreven, maar is vanwege ruimtegebrek naar een groter pand buiten de campus verhuisd.
  • Google+ concurreert niet met andere partijen, dat is helemaal niet de bedoeling. Het wil gebruikers tevreden stellen.
  • Google+ richt zich veel meer op het samenbrengen van gebruikers met dezelfde interesses in communities etc.
  • Google+ staat hoog op de ontwikkelkalender van Google. David heeft Photos, Hangouts en Google+ als topprioriteit.
  • De huidige Google+ app wordt dagelijks door miljoenen mensen gebruikt voor de meest uiteenlopende activiteiten.
  • De reden dat Google recentelijk de verplichting om een Google+ account aan te maken bij het registreren van een Gmail-account heeft laten vallen, is omdat Google wil dat gebruikers alleen naar Google+ komen, als ze de behoefte hebben om die software te gebruiken.
  • De reden dat tot op heden er (nog) geen advertenties staan op Google+, komt doordat Google denkt dat dit juist averechts werkt op de algehele klantervaring. De social space is een vertrouwde omgeving, waar je niet gebombardeerd wilt worden met ruis.

Tot zover de belangrijkste punten uit het interview met David Besbris.

Zit jij al op Ello?

Zit jij al op Ello]? Ik nog niet… Ik heb me wel aangemeld, zodra ik erover las, maar tot op heden heb ik helaas nog geen Ello invite mogen ontvangen, om er ervaring mee op te doen. Na mijn aanmelding ontving ik de mail, die ik ook in de show notes op www.reputatiecoaching.nl/97 heb opgenomen:

Mail van Ello

In deze mail staat:

Thank you for your interest in Ello.

We will invite you as soon as we can. Ello is currently in beta, and we are inviting new users in small groups as we roll out new features.

In the meantime, please share our Manifesto — and help us spread the word.

Read The Manifesto

Maar goed, gebruik jij Ello al? Heb jij dan al een invite ontvangen? Wat ik begrijp is Ello een nieuw sociaal netwerk, dat moet gaan concurreren met bijvoorbeeld Facebook, maar dan geheel zonder advertenties en andere commerciële uitingen.

De site ziet er erg karig uit, tot aan het minimalistische toe. Aan de andere kant kost dat weinig bandbreedte, hetgeen de performance natuurlijk ten goede komt.

Zelf heb ik dus nog niet verder kunnen kijken dan de voorpagina en het manifesto van Ello. Het manifesto is ook erg kort. Daarin kun je het volgende lezen:

Your social network is owned by advertisers.

Every post you share, every friend you make and every link you follow is tracked, recorded and converted into data. Advertisers buy your data so they can show you more ads. You are the product that’s bought and sold.

We believe there is a better way. We believe in audacity. We believe in beauty, simplicity and transparency. We believe that the people who make things and the people who use them should be in partnership.

We believe a social network can be a tool for empowerment. Not a tool to deceive, coerce and manipulate — but a place to connect, create and celebrate life.

You are not a product.

Door het aantal aanmeldingen te beperken, creëert men natuurlijk een vorm van schaarste en vaak is het begeren mooier dan het bezitten. Mensen moeten dus nog wachten, om er verder in te kunnen duiken.

Natuurlijk zou ik het mooi vinden, als er een non-commerciële tegenhanger komt van Facebook, maar ik acht de kans op overleven klein. We zullen het zien. Zodra ik toegang heb tot Ello, zal ik je mijn bevindingen vertellen.

Facebook introduceert “local awareness ads”

Tja, in tegenstelling tot Ello, gaat Facebook steeds meer in de persoonlijke levensstijl van de Facebook gebruiker… Niet alleen Facebook trouwens, maar ook Google+ houden je geografische positie nauwgezet bij. Wist je dat? Heb je een Gmail-account? Log dan maar eens in en bekijk de URL:

https://www.google.com/locationhistory/

In de show notes heb ik een screenshot opgenomen, die ik gistermorgen heb gemaakt, nadat ik onze dochter naar school had gebracht. Je kunt zien dat Google op de hoogte is van een groot aantal locaties, waar ik was:

Google+ houdt je locatiegeschiedenis bij

Ik neem aan dat dit een soort van verdichting of afronding is, en dat ze feitelijk nog preciezer weten, waar ik allemaal ben geweest. Google gebruikt de locatiegegevens van je smartphone niet alleen om je jouw positie te tonen op Google Maps, of om je met een route te helpen, maar ook voor het tonen van nog relevantere, en bovenal dus LOKALE zoekresultaten en advertenties.

Maar goed, Google is niet de enige, want Facebook logt ook zoveel over je, als het maar kan. Want data is macht en macht betekent uiteindelijk “geld”! En Facebook gaat nu ook daadwerkelijk geld verdienen aan je locatie. Op Facebook kunnen adverteerders nu een soort van virtueel geografisch hek bieden, waarbinnen zij hun advertenties kunnen laten vertonen, tegen betaling natuurlijk!

Facebook noemt dit “Local Awareness Ads”. Het is gebleken dat dit type advertenties veel krachtiger is dan bijvoorbeeld gesponsorde berichten. Hierdoor en ook door het nog verder vereenvoudigen van het publicatiemechanisme voor advertenties, probeert Facebook de meer dan 30 miljoen bedrijfspagina-eigenaren over te halen om te gaan adverteren op haar platform.

Apple Watch: sta jij al op Apple Kaarten?

Tja, nog even en als we de media moeten geloven, loopt straks iedereen met “The Next Big Thing”… de Apple Watch. Volgens technologievisionairs zal de Apple Watch ook weer een revolutie betekenen voor ons leven. En doordat het kleine scherm je niet de mogelijkheid biedt om te typen, zal spraakherkenning een grote vlucht nemen.

Maar wat veel belangrijker is, is dat Apple de gegevens voor Apple Kaarten, die natuurlijk op de Apple Watch draait, onder andere ontvangt van Yelp, TomTom en Open Street Map. Wacht niet te lang en meld je bedrijf dus zo snel mogelijk aan bij deze drie data providers.

Laatst vertelde ik je namelijk al dat het bijna een jaar kan duren, tot je vermeld staat op Apple Kaarten. Mogelijk kost het nu minder tijd, maar hoe sneller jouw bedrijf erop staat, des te sneller kun jij ook profiteren van de verbeterde vindbaarheid en de hordes Apple Watch dragers die naar jouw bedrijf komen…

Nieuwe “slappe” cookiewet

Je hebt ongetwijfeld wel gehoord van de cookiewet. Dat is de wet die voorschrijft dat je mensen moet informeren, als je cookies gebruikt voor ook maar iets meer dan het meten van standaard bezoekersstatistieken.

Dat is de wet die zorgt voor al die verplichte, vervelende popups, waar je akkoord moet gaan met het ontvangen van cookies voor het bijhouden van allerhande gegevens. Soms word je er echt tureluurs van, ik wel in elk geval.

Als jij je er ook zo aan ergert, dan heb ik goed nieuws voor je, evenals voor webmasters. Want afgelopen week is de Tweede Kamer akkoord gegaan met een minder strenge cookiewet, las ik in een artikel op Emerce. In dit artikel staat onder andere te lezen:

Voor cookies voor analytics en A/B-testen, bijvoorbeeld, is dan ook geen toestemming meer nodig.

Cookies die direct zijn gerelateerd aan de private levenssfeer van internetters vallen niet onder de meer liberale opzet van de herziene cookiewet. Voor cookies die het gedrag van internetters volgen om gericht reclame te tonen, is nog steeds ondubbelzinnige toestemming nodig.

Het voorstel moet nog wel door de Eerste Kamer worden goedgekeurd. Maar de verwachting is dat dat wel zal gebeuren. Hierdoor wordt de drempel voor veel webwinkels verlaagd, waardoor naar verwachting de conversie, ofwel het aantal verkopen voor webshops zal toenemen.

Google waarschuwt wereldwijd voor Flash

Flash is tegenwoordig achterhaalde technologie. Vrijwel alles wat je vroeger moest programmeren in Flash, kun je tegenwoordig met HTML5 en CSS3. Mocht je dat niets zeggen, vergeet dat dan maar gewoon snel weer.

In podcast 85 vertelde ik je al dat Google toen was begonnen met het waarschuwen op mobiele apparaten die geen Flash ondersteunen in de Verenigde Staten, als iemand naar een Engelstalige site surfde, waarvoor Flash vereist was.

Maar eergisteren schreef Pierre Far van Google op Google+, dat Google dit nu verder gaat uitbreiden:

 


 

Google gaat nu dus deze waarschuwing vertonen in de Spaanstalige resultaten op google.es, de Japanse resultaten op google.go.jp en de Engelstalige resultaten op google.co.uk. En ik denk dat het niet lang meer zal duren, tot de rest van de wereld ook die waarschuwing te zien krijgt.

Mijn advies is dan ook: als jouw site nog Flash gebruikt, haal het er dan vanaf, pas het aan, of laat het aanpassen. Bovendien: als je site nog steeds Flash gebruikt, is het sowieso al lang geleden, dat jij je site hebt laten vernieuwen. Reden temeer om dat nu te doen. Laat ’m dan ook meteen responsive maken, dan sla je twee vliegen in één klap.

Want zodra die melding ook in de Nederlandstalige zoekresultaten zal worden vertoond en jouw site maakt dan nog gebruik van Flash, dan zul je zien dat het aantal bezoeken van je site opeens ontzettend afneemt. Want de meeste mobiele gebruikers zullen dan niet doorklikken, omdat ze denken dat ze de site toch niet goed zullen kunnen bekijken…

Google leert je lokale bedrijf online te zetten

Als ReputatieCoach krijg ik nu concurrentie van Google in het advies over het goed online zetten van je lokale bedrijf… Google heeft op haar Webmasters YouTubekanaal een zestal video’s geplaatst, die je helpen je bedrijf beter online te promoten.

In de show notes op www.reputatiecoaching.nl/97 heb ik de playlist met deze video’s opgenomen:

De zes video’s uit de serie “Bring your local business online” zijn getiteld:

  1. Introduction and hot topics
  2. Determine your business’ value-add and online goal
  3. Find potential customers
  4. Basic implementation and best practices
  5. Differentiate your business from the competition
  6. Engage customers with a holistic online identity

Ik heb de video’s nog niet helemaal bekeken, maar er al wel snel virtueel doorheen “gebladerd”. Het leuke is, dat Google in deze video’s vertelt, dat je als bedrijf in veel gevallen helemaal niet per se een eigen website nodig hebt. Want met een Google+ pagina en een aantal additionele vermeldingen op sites als Facebook, Yelp en LinkedIn en een kanaal als Twitter kun je jezelf prima promoten, volgens Google.

Met deze educatieve zes video’s van Google over het online brengen van je lokale bedrijf, kom ik dan weer aan het einde van deze podcast.

Is het je trouwens opgevallen dat de intro van de podcast iets is aangepast? Op verzoek vanuit diverse richtingen doe ik mijn best de intro te verkorten om zo sneller tot de daadwerkelijke content van de podcast te komen, om daarmee jou tijd te besparen…

Als je de podcast leuk vindt en je wilt nog meer op de hoogte blijven, volg me dan ook op Twitter, via @reputatiecoach1.

Heb je inderdaad wat aan alle informatie die ik met je deel, help mij dan met het verder verbeteren en promoten van deze podcast. Surf daarvoor naar iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en laat ook je reactie achter. Door de podcast te beoordelen op iTunes en/of Stitcher breng je de podcast onder de aandacht van een breder publiek.

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen, of door ’m te delen op Twitter, like’n en delen op Facebook of een “+1” te geven op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om je te helpen! Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie of de vindbaarheid van je website, kun je een mailtje sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, door op de tab aan de rechterkant van elke pagina te klikken, en je bericht in te spreken. Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 97 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.