104: STOP die zinloze Facebook en Twitter marketing! Statistieken van 2 jaar ReputatieCoaching. GRATIS SSL/TLS certificaat en 14 tips voor je mailinglist!

Play

Reputatie Coaching PodcastLaatst vond ik de honderdste podcast een mijlpaal en ook deze aflevering is best een mijlpaaltje. Want met 52 weken in een jaar, betekent dit dat ik nu precies twee jaar de ReputatieCoaching Podcast uitbreng! Zometeen even kort wat statistieken… En eerder deze week meldde ik je dat www.reputatiecoaching.nl nu officieel volgens Google “mobile-friendly” is. Een paar weken geleden heb ik wat adviezen gegeven voor het beter positioneren van een babywinkel in Noord-Holland… De adviezen werpen nu al vruchten af!

Vanaf de zomer 2015 kun je gratis een SSL/TLS-certificaat voor je website krijgen. Waar en hoe? Dat vertel ik je zometeen! Verder adviseert Forrester om niets zakelijks meer te doen met Facebook en Twitter en ik sluit de podcast van vandaag af met 14 tips om je mailinglist te laten groeien.

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Ik ben Eduard de Boer, ReputatieCoach. Dit is dé podcast die jou helpt om meer business te genereren, doordat jouw website beter gevonden wordt, zowel lokaal als landelijk en doordat ik je uitleg hoe je je online reputatie kunt verbeteren. Dit helpt je om je bedrijf en jezelf beter op de online kaart te plaatsen.

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/104. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes, op Stitcher en ook op TuneIn Radio. Daar kun je je dus ook abonneren op de wekelijkse podcast. Veel mensen vinden het ideaal om de wekelijkse afleveringen van de podcast op hun gemak te beluisteren, terwijl ze autorijden, fietsen, wandelen of trainen in de sportschool.

Terugblik podcast 103: de sitelinks search box

Vorige week vertelde ik je dat ik de Sitelinks Search Box in elk geval technisch had gerealiseerd. Dat klopte. Wat echter niet klopte, was de verwachting die ik uitsprak dat het gemiddeld zo’n 48 uur duurt, voordat de search box zichtbaar wordt. Want inmiddels ben ik ruim een week verder en is de search box nog steeds niet zichtbaar in de zoekresultaten, niet voor Allround Fotografie en ook niet voor ReputatieCoaching.nl.

Ik ben eens verder gaan lezen en kwam op Google+ een citaat tegen van Pierre Far, een Google Webmaster Trends Analyst. Hem werd gevraagd of je gegarandeerd de sitelinks search box te zien krijgt, als je alles implementeert, zoals Google dat eist.

Pierre antwoordde met als korte versie voor een antwoord: “Nee”. Maar het ligt iets genuanceerder en intelligenter dan dat.

Hij zegt ook dat veel webmasters een zoekmogelijkheid op hun site implementeren, naarmate de site groeit doordat er meer en meer content wordt gepubliceerd. Dat probeert Google na te bootsen in haar algoritmes. Die kijken dus naar veel signalen, die zowel gerelateerd zijn aan de site en aan de specifieke zoekopdrachten waarvoor de site wordt vertoond. Op basis daarvan wordt bepaald of de search box zichtbaar wordt of niet.

Dit betekent dus dat je de markup moet toevoegen als je een site-specifieke zoekmogelijkheid hebt. Op die manier stel je de zoekmachines in staat om naar de zoekfunctie te wijzen, als er voldoende reden is om die te vertonen.

OK, dus op basis hiervan kan ik me voorstellen dat er sowieso geen search box wordt vertoond voor Allround Fotografie. Want hoewel daar een flink aantal fotoreportages worden vertoond, is de content op zich vrij dun.

Aan de andere kant acht ik de kans dat de search box wordt vertoond voor www.reputatiecoaching.nl dan ook een stuk groter. Daar heb ik meer dan 200 posts en in totaal meer dan 400.000 woorden. Om je een idee te geven: het aantal woorden in het Oude Testament in de Bijbel bedraagt 592.419. Daarmee vergeleken zit ik dus al over de 80%.

Ik heb voor de site geen Concordantie nodig om alle content te ontsluiten, maar een sitelinks search box zou wel handig zijn…

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

Twee jaar ReputatieCoaching Podcast

Podcast bestaat 2 jaar!Ik zei het al in de intro: de ReputatieCoaching Podcast bestaat twee jaar. En zojuist vergeleek ik de omvang van de content met die van het Oude Testament. De plugin “Word Stats” vertelde mij, dat ik voor het live gaan van deze 104e podcast in totaal 408.987 woorden heb gepubliceerd op de site.

Ook vertelt de plugin iets over de leesbaarheid van de berichten. Daarvoor worden verschillende algoritmes gebruikt. Het blijkt dat 96% van mijn berichten qua leesbaarheid “intermediate”, ofwel gemiddeld, scoort.

Mijn piekmaand qua tekstproductie is februari 2014, toen heb ik 22.347 woorden gepubliceerd. Op het moment zit ik gemiddeld zo rond de 16.000 woorden per maand.

Het aantal unieke bezoekers neemt ook fors toe. Het groeit nu al maandenlang met gemiddeld 9% per maand. Natuurlijk zou iedereen zijn of haar content het liefst altijd meteen viraal willen zien gaan. Maar dat is gewoon een utopie. Jezelf op de kaart zetten met goede content om zo een groep trouwe lezers op te bouwen kost tijd en energie.

Hetzelfde geldt voor de podcast. Ook daar zie ik een gestage groei, waar ik tevreden over ben.

Ik heb de indruk dat lezers van Nederlandstalige weblogs veel minder de interactie opzoeken met de blogger, dan Engelstalige lezers. Op Engelstalige sites zie je veel meer reacties op blogposts. Ik heb geen idee of dat te maken heeft met onze cultuur of met onze manier van contentconsumptie.

Heb jij een weblog? En heb jij veel interactie met je doelgroep? Wat doe jij om interactie met je doelgroep op je blogartikelen te realiseren? Vertel het onderaan de show notes van deze podcast, op www.reputatiecoaching.nl/104.

www.reputatiecoaching.nl is “mobile-friendly” volgens Google

Vorige week vertelde ik ook over de nieuwe rankingsignalen van Google en dan met name met betrekking tot de mobielvriendelijkheid van je site. Het blijkt dat Google de mobielvriendelijkheid van je site dus gaat meewegen in haar algoritmes die de positie van je webpagina’s in de zoekresultaten bepalen.

Website is mobile-friendly volgens Google

Vorige week vertelde ik je ook al dat www.reputatiecoaching.nl door de “Mobile Friendly Test” van Google kwam. En eerder deze week ben ik eens gaan experimenteren met de instellingen op mijn iPhone. Ik heb de taalinstellingen voor Google gewijzigd in Engels. Daarna ging ik op zoek naar “ReputatieCoach” en zag dat in de Engelstalige resultaten de site ook al daadwerkelijk wordt aangemerkt als “Mobile-friendly”.

Twee dagen geleden heb ik hier een kort artikeltje over gepubliceerd: “ReputatieCoaching.nl is ‘Mobile-Friendly’ volgens Google!”.

Verschillende vermeldingen van dezelfde site bij dezelfde zoekterm?

Gisteren kreeg ik een vraag van Dennis, de tandarts uit Culemborg. Hij schreef mij het volgende:

Hoi Eduard,

Gaat er hier iets mis? Zie de verschillende tekst onder tpculemborg.nl op de iphone en op de pc/ie9
Zie screenshot.

De tekst hoort toch uniform weergegeven te worden op alle apparaten?

Met vriendelijke groet, Dennis

Mogelijk is het jou ook wel eens opgevallen, dat je met dezelfde zoektermen op verschillende apparaten of zelfs in verschillende browsers op dezelfde computer, verschillende toelichtende teksten ziet onder de URL in de zoekresultaten.

In de prehistorie van de zoekmachines werd daar de META-tag “description” vertoond, maar dat is al lang niet meer het geval.

De tekst die Google bij je paginavermelding vertoont is van veel factoren afhankelijk, waaronder: je zoekgeschiedenis, het feit of je bent ingelogd op Google+ of niet, het apparaat waar je op zoekt, de browser waar je mee zoekt enzovoorts.

Wat je namelijk ook al helemaal niet weet, is waar je zoekopdracht precies wordt uitgevoerd, in welk land, in welk datacenter, in welk cluster van computers en op welke CPU. Ook dat varieert continu. Daarnaast spelen ook continu het zoek- en klikgedrag van andere Internetters, alsmede signalen uit de social media en weet ik wat welke andere factoren een rol.

Dus je moet niet raar opkijken dat je dus verschillende resultaten te zien krijgt voor dezelfde zoektermen op verschillende apparaten.

Dennis, ik hoop dat ik je vraag hiermee voldoende hebt beantwoord.

Snel resultaat voor een babywinkel in Noord-Holland

Brenda Kok ken je nog wel: ik had haar een tijdje geleden in de podcast, waarin ik haar onder andere interviewde over videomarketing. In het gesprek voorafgaand aan dat interview hebben Brenda en ik gezellig gekletst over lokale SEO. Daarbij werd haar nieuwsgierigheid geprikkeld.

Een goede vriendin van haar heeft namelijk een babywinkel in Noord-Holland en ze helpt haar vriendin af en toe met het beter laten scoren van die babywinkel in de zoekresultaten. Om organisch goed te scoren met een lokale winkel adviseer ik ondernemers zich altijd eerst te focussen op lokale SEO, dus het goed scoren in de lokale zoekresultaten. Want vaak gaat een significante stijging in de lokale resultaten gepaard met een stijging in de organische zoekresultaten.

Zo ook hier. Brenda en ik hebben na het interview af en toe nog overleg over de acties. En ook doe ik soms nog wat onderzoek hier en daar en dan meld ik dat in bestanden die staan in een gedeelde folder op Google Drive. Ook geef ik wel eens concrete adviezen over het aanpassen van een HTML title et cetera.

Het gemakkelijke van die werkwijze vind ik namelijk dat je zelfs tegelijkertijd in documenten en spreadsheets kunt werken en ze ook niet steeds via mail of een ander mechanisme hoeft te delen. Elke wijziging die wordt aangebracht kan zelfs iemand aan de andere kant van de wereld in real-time volgen!

Helaas heb ik geen screenshot van de tijd voordat Brenda met mijn adviezen aan de slag is gegaan. Maar inmiddels staat de babywinkel op de relevante zoektermen al op de “B”-positie in de lokale resultaten en scoort de website zelfs de tweede plaats in de organische resultaten op Google!

Nu zegt een positie natuurlijk niet bijster veel voor een ondernemer. Wat wel een rol speelt is het aantal bezoekers dat op een website komt en natuurlijk wat onder de streep aan omzet en winst wordt gegenereerd. In de korte tijd dat er aan deze site wordt gewerkt ziet de vriendin van Brenda al daadwerkelijk een stijging in webverkeer en omzet. Dus dat is een positief teken!

Hieruit blijkt wederom dat je vaak met een aantal relatief simpele acties een significant resultaat kunt bewerkstelligen. En ja, de winkel staat nu op “B”, maar doel is natuurlijk om die op de “A”-positie te laten landen. Keep you posted!

Gratis SSL-certificaten van ‘LetsEncrypt’ in 2015

Een tijdje geleden vertelde John Mueller van Google dat het bieden van een beveiligde SSL-verbinding met je site een ranking factor is die meespeelt in het bepalen van de positie in de zoekresultaten. Tegelijkertijd deelde hij ook mee dat het effect ervan minimaal is en waarschijnlijk voor niemand echt zichtbaar.

Maar om op je website HTTPS te bieden heb je een zogenaamd SSL-certificaat nodig. Die kun je zelf uitgeven, maar als je dat doet, dan krijgen bezoekers vaak een waarschuwing dat het geen officieel erkend certificaat is, die is uitgegeven door een officieel erkende instantie. En het nadeel van officiëel erkende SSL-certificaten is dat ze geld kosten. Vaak € 100 of meer per jaar.

SSL Secure site

Daar komt nu verandering in. Want de EFF (dat staat voor “Electronic Frontier Foundation”) heeft een nieuwe organisatie opgericht, met de naam “Let’s Encrypt”. In het artikel “New, Free Certificate Authority to Dramatically Increase Encrypted Internet Traffic” kun je lezen dat deze nieuwe organisatie vanaf de zomer 2015 gratis certificaten gaat uitgeven voor webservers om beveiligde verbindingen mogelijk te maken.

Let’s Encrypt wordt gecontroleerd door de ‘Internet Security Research Group’ en werkt samen met onder andere Mozilla, Cisco Systems Inc., Akamai, EFF en andere bedrijven en organisaties.

De basisprincipes van Let’s Encrypt zijn:

  • GRATIS – Iedereen die een domeinnaam heeft kan gratis een officieel gevalideerd SSL/TLS-certificaat krijgen.
  • AUTOMATISCH – Het hele proces moet automatisch en eenvoudig verlopen, tot en met de automatische vernieuwing in de achtergrond.
  • VEILIG – Het platform dient voor het implementeren van hedendaagse beveiligingstechnieken en best practices.
  • TRANSPARANT – Uitgegeven en ingetrokken certificaten zijn voor iedereen inzichtelijk.
  • OPEN – Het geautomatiseerd uitgeven en vernieuwen van certificaten verloopt via open standaarden en zoveel mogelijk van alle code wordt vrijgegeven als open source.
  • SAMENWERKING – Evenals de meeste onderliggende protocollen is Let’s Encrypt in het leven geroepen voor de gemeenschap, buiten de invloedssfeer van om het even welke organisatie.

Het is dus nog even wachten, maar over een paar maanden kun jij dus ook gratis een officieel certificaat voor je website aanvragen om daarmee alle verkeer van en naar je website te kunnen versleutelen, zodat in principe “niemand” je meer kan afluisteren.

Je kunt het niet zien, maar tijdens het inspreken van deze podcast maakte ik zojuist in de lucht van die aanhalingstekentjes bij het woord “niemand”. Want ik heb natuurlijk geen idee waar organisaties als de NSA en andere veiligheidsorganen allemaal toe in staat zijn. In elk geval wordt het voor bijvoorbeeld mensen in een Internetcafé heel moeilijk om jouw verkeer te onderscheppen en de decoderen.

Rechtbank in VS: “Google mag met zoekresultaten alles doen”

Logo GoogleNog steeds zijn er ondernemers bij wie het bedrijfsresultaat geheel afhankelijk is van de toppositie in de zoekresultaten. Zodra resultaten wijzigen stappen met name Amerikaanse bedrijven naar de rechter om bijvoorbeeld Google te beschuldigen van monopolistische praktijken en wat dies meer zij.

Waar we in Europa Google en andere zoekmachines aan banden leggen, is door de rechtbank in San Fransisco uitgesproken, dat Google met de zoekresultaten alles mag doen en ze op elke gewenste manier mag weergeven zoals het haar goeddunkt. Google heeft in de Verenigde Staten ook alle vrijheid van meningsuiting in de zoekresultaten.

Dit was vorige week te lezen in het artikel “Google has free speech right in search results, court confirms” op GigaOM. Vooral in de Verenigde Staten is dit een belangrijke uitspraak. Want bedrijven als Yelp en TripAdvisor beschuldigen Google van het boycotten van hun content in de zoekresultaten.

Tumblr snelst groeiende sociale mediaplatform

Logo TumblrVolgens een onderzoek van de Global Web Index (afgekort “GWI”) is Tumblr in de afgelopen zes maanden het snelst groeiende sociale netwerk. Het aantal gebruikers groeide in die periode namelijk met 120%.

Het minst snel groeiende sociale netwerk is… Facebook! Dat is op zich wel logisch, want met meer dan een miljard gebruikers is er niet zo bijster veel ruimte om nog echt hard te groeien.

Pinterest staat op de tweede plaats, met een groei van 57%, gevolgd door Instagram, LinkedIn ,Twitter, YouTube en Google+.

Populariteit Tumblr groeit

En wat bij Tumblr het snelste groeit, is het aantal video posts. Dat groeit namelijk tweemaal zo hard, als berichten met foto’s. Als jij bezig bent met video, zou je dan ook eens serieus moeten overwegen om je video’s ook op Tumblr te posten, omdat een deel van je doelgroep zich best wel eens op Tumblr zou kunnen bevinden.

Nu ik het over Tumblr heb: heb jij een account op Tumblr? Ben je er actief? Of ben je er veel te vinden als informatieconsument? Vertel het me onderaan de show notes van deze podcast, op www.reputatiecoaching.nl/104.

Tieners vinden Facebook “saai” worden

In het rapport van GWI waar ik het zojuist over had kun je ook lezen dat 64% van de internetters in de leeftijd van 16 tot en met 19 in het Verenigd Koninkrijk en de VS steeds minder Facebook gebruiken. De hoofdreden hiervoor is dat ze het “saai” vinden worden en dat het niet meer zo “cool” is, als het in het begin was.

Top social platforms by age

Steeds meer mensen gebruiken Facebook passief; dat wil zeggen dat ze wel de updates lezen, maar minder foto’s posten en elkaar berichten sturen. Deze laatste twee activiteiten zijn zo’n 20% gedaald.

Desalniettemin heeft gemiddeld 80% van de Internetters buiten China een Facebook account en in Latijns Amerika is dit zelfs 93%!

Wat opmerkelijk is, is dat maar liefst 91% van de Internetters in de categorie van 16 tot 64 jaar vorige maand YouTube of Facebook of Twitter of Google+ bezocht. En maar liefst 19% bezocht alle vier de sociale mediaplatformen!

Forrester: “Marketeers verdoen hun tijd op Facebook en Twitter!”

Bedrijfspagina maken op FacebookEn we gaan nog even door met de social media. Nate Elliot van onderzoeksbureau Forrester publiceerde vorige week het rapport “Social Relationship Strategies That Work”. Het volledige rapport kost US$499, als je het helemaal wilt inzien. Maar je kunt er genoeg informatie over vinden op Internet.

De ondertitel van dit rapport is niet voor niets: “How To Succeed In Social As Organic Reach Falls Toward Zero”. Dat zegt genoeg, zeker als je dat combineert met de titels van hoofdstukken, als “Your Social Relationship Strategies Aren’t Working” en “Facebook And Twitter Are No Longer The Center Of The Social Universe”.

Nate Elliot beweert dat bedrijven veel teveel aandacht en budget spenderen aan het creëren van een following op Facebook en Twitter. Dit is nagenoeg zinloos, doordat updates op Facebook meestal minder dan 2% van alle fans bereiken. En dat getal was nota bene van februari 2014. Inmiddels ligt het percentage nog lager en per januari 2015 gaat het zelfs nog verder omlaag.

TwitterDat is het gevolg van de maatregel die Facebook bijna twee weken geleden heeft aangekondigd. Dat kun je lezen in het artikel “News Feed FYI: Reducing Overly Promotional Page Posts in News Feed” op het Facebook blog.

En de betrokkenheid van de fans is extreem laag: op Facebook reageert 0.073% van de fans, terwijl dit op Twitter nog minder is, namelijk: 0.035%!

Als je deze getallen hoort of leest, dan geeft dat meer context aan de uitspraak van Forrester en snap je ook dat jij als ondernemer beter je pijlen kunt richten op andere kanalen dan Facebook en Twitter.

Welke dat zijn? Volgens hetzelfde rapport creëer je veel meer betrokkenheid op platformen als Instagram en Pinterest. Uit cijfers die in het rapport staan, blijkt dat de engagement per volger op Instagram 58 maal hoger ligt dan die op Facebook en zelfs 120x hoger dan die op Twitter.

Een ander advies uit het rapport is om je mailinglist verder uit te bouwen. Want het blijkt dat in de Verenigde Staten volwassenen tweemaal zo snel zich abonneren op een mailinglist, dan dat ze een fan worden van een bedrijf op Facebook. Als je daarbij optelt dat gemiddeld zo’n 90% van je e-mails worden bezorgd bij je abonnees, versus die magere 2% of minder op Facebook, moet de keus voor jou toch makkelijk worden. Dus als je moet kiezen voor een abonnee op je mailinglist of voor een fan op Facebook, kies dan elke keer voor een abonnee op je mailinglist!

Op de site van Wall Street Journal kun je een aantal leuke reacties lezen op deze berichtgeving dat Facebook en Twitter vrijwel zinloos worden voor bedrijven. Ik geef je er een paar:

  • “Finally, an organization with a loud enough voice is stating that the emperor is naked.”
  • “I also remember when Forrester said the Internet was just a fad. Sorry not buying.”
  • “Long Live Newspapers! We’re doing great, please buy ads here.”
  • “I could have told them this five years ago for a fraction of the price that they pay for the research firms.”

14 tips om je mailinglist te laten groeien

Hoe schrijf je een review?Als je besluit aan het werk te gaan om je mailinglist verder uit te bouwen, dan heb ik 14 tips voor je, om je daarbij of daarmee te helpen:

  1. Schrijf unieke content – anders zullen mensen zich snel uitschrijven. Lever iets unieks en ze zijn bovendien sneller bereid het door te sturen naar collega’s, vrienden of familie.
  2. Gebruik een cadeautje om mensen om te kopen – zoals bijvoorbeeld een e-book of whitepaper. Stuur dit toe, nadat mensen je hun mailadres hebben gegeven.
  3. Organiseer een webinar – om zo abonnees voor je mailinglist te werven.
  4. Ontwikkel een gratis, online tool – om zo mensen zich te laten inschrijven.
  5. Voeg een QR code toe aan je gedrukte materiaal – zodat mensen die kunnen scannen en zich abonneren op je mailinglist.
  6. Organiseer een online wedstrijd – met een leuke hoofdprijs en laat mensen zich inschrijven met hun mailadres.
  7. Maak een inschrijfpagina op Facebook – om op die manier je fans zo snel mogelijk van Facebook te leiden naar je eigen content en website.
  8. Verzamel adressen op beurzen – en andere bijeenkomsten. Importeer die in je mailing software, stuur de mensen een vriendelijke welkomstmail, waarin je ze verzoekt zich te abonneren.
  9. Moedig je huidige abonnees aan om de mail te verspreiden – om zo meer abonnees te krijgen.
  10. Segmenteer je lijst – om abonnees op die manier meer gerichte en relevante content te bieden. Daarmee voorkom je dat ze zich uitschrijven.
  11. Gebruik een gastblog – door in je bio-stukje ook de mogelijkheid te bieden om je te abonneren op je nieuwsbrief.
  12. Creëer Calls to Action in video’s – op YouTube om mensen te motiveren zich in te schrijven.
  13. Begin je eigen offline evenementen – zoals meetups, congressen, hackathons, trainingen om op die manier mailadressen te verzamelen.
  14. Gebruik een oude lijst om een nieuwe te maken – Heb je nog ergens een oude mailinglist liggen, die je al tijden niet meer gebruikt? Start een opt-in campagne naar alle abonnees, waarin je de nieuwe mailinglist promoot en belooft om iedereen die niet binnen een bepaalde periode reageert, uit te schrijven.

Ik ben niets roomser dan de paus, trouwens! Ik heb op dit moment ook nog moeite met het onderhouden van mijn mailinglist. Er komen wel nieuwe abonnees bij, maar ik ben me ervan bewust dat hier nog ruimte is om te verbeteren, evenals op zoveel andere fronten. Maar goed, al doende leert men! En helaas gaan er nog maar steeds slechts 24 uur in een dag!

Hoedanook ga ik in elk geval met deze tips aan de slag voor mijn eigen mailinglist! En jij? Heb jij een actieve of inactieve mailinglist? Vertel er eens iets over!

Met deze 14 tips om je mailinglist te laten groeien, kom ik dan weer aan het einde van de podcast van deze week.

Als je de podcast leuk vindt en je wilt nog meer op de hoogte blijven, volg me dan ook op Twitter, via @reputatiecoach1.

Heb je inderdaad wat aan alle informatie die ik met je deel, help mij dan met het verder verbeteren en promoten van deze podcast. Surf daarvoor naar iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en laat ook je reactie achter. Door de podcast te beoordelen op iTunes en/of Stitcher breng je de podcast onder de aandacht van een breder publiek.

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen, of door ’m te delen op Twitter, like’n en delen op Facebook of een “+1” te geven op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om je te helpen! Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie of de vindbaarheid van je website, kun je een mailtje sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, door op de tab aan de rechterkant van elke pagina te klikken, en je bericht in te spreken. Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 104 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

72: Forrester zegt: Ga aan de slag met Google+! LinkedIn schrapt functionaliteit, evenals Facebook! En wil je GRATIS 10 TB opslag?

Play

Reputatie Coaching PodcastWordPress 3.9 komt als het goed is overmorgen uit en vanaf vandaag heb je als bedrijf niet meer de mogelijkheid om op LinkedIn je eigen Producten- en Dienstenpagina’s te maken. Facebook schrapt de messaging mogelijkheid uit de Facebook app en volgens Forrester moeten marketeers nu toch echt op Google+. Over Google gesproken: zij heeft schema.org afgelopen week uitgebreid voor diverse telefoonnummers. Oh, wil je overigens nog 10 TB aan GRATIS opslagcapaciteit in de cloud? Blijf luisteren, dan vertel ik je straks hoe je dat kunt krijgen! Vandaag krijg je ook nog eens een on-page SEO checklist en een WordPress Plugin tip!

Hallo en hartelijk welkom bij deze aflevering van de ReputatieCoaching Podcast. Mijn naam is Eduard de Boer, ook bekend als de ReputatieCoach. Dit is dé podcast die je moet beluisteren als je meer wilt leren over online reputatie en reputatiemanagement en ook als je wilt werken aan je online reputatie en je online vindbaarheid wilt verbeteren. Dit alles kan je helpen om jezelf beter op de online kaart te plaatsen, waardoor je als bedrijf meer business kunt doen.

Als persoon kun je met de diverse tips aan de slag om bijvoorbeeld je online reputatie als balletdanser, autospuiter, magazijnbediende, reisleider, verwarmingsmonteur of wat dan ook te verbeteren.

De podcast kun je vinden op www.reputatiecoaching.nl/72. Daar vind je niet alleen de tekst, maar ook video’s waar ik het in deze uitzending over heb, alsmede afbeeldingen, links enzovoorts. Bovendien is de podcast te beluisteren in iTunes en op Stitcher. Daar kun je je dus ook abonneren op de wekelijkse podcast. Veel mensen vinden het ideaal om de wekelijkse afleveringen van de podcast op hun gemak te beluisteren, terwijl ze autorijden.

Voordat ik terugblik naar de podcast van vorige week, eerst een update… Zoals je waarschijnlijk hebt gezien is er gisteren geen blogpost verschenen van Arend Landman met spreuken, oneliners, quotes en aforismen. Dat komt, doordat die serie tijdelijk is gestopt. Arend heeft vier weken achtereen op zondag mooie puntige uitspraken gepubliceerd. Bedankt Arend, zowel namens de luisteraars als namens mijzelf!

Terugblik naar podcast 71

Eens even nadenken… Als ik moet kiezen welk topic van vorige week ik nog even extra wil benadrukken of bestempelen als leermoment, dan is het wel het gebruik van de plugin “P3 Profiler” voor WordPress. Deze plugin geeft je inzicht in de performance van alle plugins die je in je WordPress website gebruikt.

Aan de hand van grafieken wordt snel inzichtelijk gemaakt welke plugin of plugins de meeste tijd kosten. Als je dit weet, kun je gaan werken aan de laadsnelheid van de pagina’s, om zo de tijd die nodig is totdat de pagina is geladen, verder omlaag te brengen.

Laat ik dan nu overgaan op de onderwerpen voor vandaag…

WordPress 3.9 in aantocht!

Waarom WordPress?Overmorgen, op 16 april komt WordPress 3.9 uit. En die nieuwe versie belooft weer een groot aantal veranderingen en verbeteringen! Als wat ik erover heb gelezen klopt, kun je het volgende verwachten:

  • Live thema previews – Je kunt in 3.9 een live preview te zien krijgen, als je veranderingen doorvoert in je thema. Je hoeft dus niet meer de wijzigingen op te slaan en de pagina te verversen, om zo je veranderingen te zien.
  • Drag ’n Drop afbeeldingen – Dit gaat je veel tijd besparen! Je kunt straks namelijk afbeeldingen rechtstreeks in je artikelen slepen, waarbij ze automatisch worden geüpload naar je server.
  • Betere image editing – Je kunt afbeeldingen in de editor bewerken, terwijl je in je blogpost zit. Je hoeft dus geen apart venster meer te openen.
  • Live fotogalerij preview – Voorheen zag je alleen een gele box, waar je fotogalerij werd vertoond, maar nu zie je in de editor ook een preview van de fotogalerij.
  • Audio / video playlists – Net als een fotogalerij, kun je in WordPress 3.9 ook audio en video afspeellijsten maken.
  • Verbeterde “paste” vanuit Word – Voorheen gaf een copy/paste vanuit een Word document vaak gekke karakters of ongewenste teksten in je blogpost. Dat behoort nu tot het verleden, want je kunt in versie 3.9 probleemloos copy/paste’n vanuit Word.

LinkedIn schrapt producten en diensten

LinkedinPer vandaag schrapt LinkedIn de “Producten en Service”-pagina’s van alle bedrijfsvermeldingen op de site. Dit heeft het bedrijf een maand geleden al aangekondigd. LinkedIn meldt dat je twee alternatieven hebt, om informatie over je producten en diensten te delen:

  1. Bedrijfsupdates – Deze verschijnen in de nieuwsfeeds van al je volgers en ze worden ook gedeeld met de connecties van connecties, als deze ze delen of markeren als “Interessant”. Je kunt je producten of diensten ook nog eens in een video promoten en door het realtime karakter van de updates zijn speciale acties ook beter onder de aandacht te brengen.
  2. Showcase pagina’s – Dit is precies waarvoor showcase pagina’s ooit in het leven zijn geroepen: om je product of dienst speciaal onder de aandacht te brengen. Met showcase pagina’s kun je ook nog eens een specifieke community opstarten om zo een continue conversatie in het leven te houden over het product, de dienst of het merk. En volgers van een showcase pagina verwachten nieuws over het product of de dienst. Updates voor showcase pagina’s werken net als bedrijfsupdates, alleen dan voor de pagina.

Heb je eigenlijk al wel een bedrijfspagina voor je bedrijf op LinkedIn? Ongeveer een half jaar geleden vertelde ik in podcast 47 al over hoe je LinkedIn kunt gebruiken op conferenties en congressen en toen vroeg ik je ook al of je met je bedrijf al vermeld stond op LinkedIn. Ik zou je bedrijf toch maar eens gaan aanmelden, als je dat nog steeds niet hebt gedaan.

Zelfs al heb je een groentezaak of ben je banketbakker, dan nog heeft het maken van een bedrijfspagina op LinkedIn ook voor jou zin! Reden is, dat je ook op je bedrijfspagina weer… raad eens… Een citation ofwel bedrijfsvermelding kunt plaatsen, die je helpt om hogerop te komen in de lokale zoekresultaten!

Dus al zou je de pagina verder nergens voor gebruiken, dan nog raad ik je ten zeerste aan om je bedrijf ook op LinkedIn te vermelden. Want volgens de Moz Open Site Explorer heeft LinkedIn een zogenaamde “Domain Authority” van 99 op een schaal van 100!

Domain Authority van LinkedIn

Let wel dat je niet zomaar een bedrijfspagina voor elk bedrijf kunt aanmaken. Je moet een geldig profiel hebben, met enkele connecties. Bovendien moet je in je profiel een mailadres hebben staan van hetzelfde domein, als het bedrijf waarvoor je de bedrijfspagina wilt maken. Een pagina aanmaken met alleen een @gmail.com, @hotmail.com of @outlook.com adres gaat dus niet werken. Daarnaast moet je in je profiel hebben staan dat je op dit moment voor het bedrijf werkt.

Facebook schrapt messaging uit app

Bedrijfspagina maken op FacebookEn er wordt meer geschrapt… TechCrunch maakte afgelopen week melding van een nogal grote verandering van Facebook: het bedrijf haalt binnenkort de mogelijkheid om berichten te sturen uit alle Facebook apps. Messaging is dan dus niet meer mogelijk in de apps voor iOS en Android.

In plaats daarvan kun je binnenkort alleen nog maar berichten sturen en lezen vanuit de Facebook Messenger app. Het sturen en lezen van berichten in de browser blijft natuurlijk wel mogelijk! Zou dit dan toch een voorbode zijn voor een toekomst waarin Messenger geïntegreerd gaat worden met WhatsApp? We zullen het zien…

Forrester: “Marketeers moeten op Google+”

Tegenwoordig kunnen bedrijven amper meer om Google+ heen”, zegt Nate Elliot van Forrester Research, “Sterker nog: bedrijven moeten wel iets gaan doen met Google+!”.

Want hoewel vaak wordt geroepen dat Google+ een “lege spookstad” is, wordt het maandelijks meer gebruikt dan Twitter, Instagram en Pinterest bij elkaar! En uit een enquête onder 60.000 Internettende Amerikanen zei 22% maandelijks Google+ te bezoeken. Evenveel zeggen Twitter te gebruiken.

Google+ is echter niet de “Facebook killer” gebleken, wat velen ooit dachten. Toch zie je dat merken op Google+ vrijwel net zoveel interactie krijgen op hun berichten, als op Facebook. De onderzochte topbedrijven hadden op Google+ zo’n 90% van het aantal volgers, dat ze op Twitter hadden. Grappig genoeg was dat meer dan de volgers op YouTube, Pinterest en Instagram bij elkaar geteld.

Ik begin het nu ook in mijn omgeving meer te zien, dat mensen ook Google+ gaan omarmen. Zo had ik afgelopen vrijdag nog een gesprek met een recruiter die actief is geworden op Google+, nadat hij door een link naar mijn Google+ profiel onderaan een e-mail, weer eens op Google+ werd geattendeerd. Hij vertelde mij, dat hij voor zijn werk nu ook op Google+ de sociale interactie aan zal gaan.

GRATIS 10TB opslagruimte in de cloud!

CameraSyncTjonge, waar Google je op dit moment standaard 25 Gigabyte aan opslagruimte in de cloud geeft, kun je elders maar liefst 10 Terabyte krijgen! 10 Terabyte! Dat is een enorme hoeveelheid ruimte, zelfs groter dan de grootste harde schrijf die je op dit moment kunt kopen!

Er is echter één maar… Je moet het niet erg vinden, dat je data in China komt te staan…

Grappig: volgens mij is dit een openlijke uitnodiging van de Chinezen om hen te laten grasduinen door jouw data! Waar de NSA in de VS het allemaal nog stiekem doet, zeggen de Chinezen gewoon: “Zet al je data maar bij ons neer en wij zullen er goed op passen!”.

Ik zou er dus bijvoorbeeld geen persoonlijke of gevoelige data plaatsen. Maar het is wel een ideale plek om bijvoorbeeld al je video’s, foto’s of muziekbestanden te plaatsen.

Helaas heb ik er nog niet mee kunnen experimenteren. Ik probeerde de instructies op te volgen en me aan te melden op de site. Hoewel ik toch elke keer zeker was dat ik de juiste captcha intypte, meldde de site mij keer op keer dat ik een verkeerde captcha had ingevuld. Dus heb ik het even opgegeven.

Mocht jij het willen proberen en je Chinese 10 Terabyte cloudspace te claimen, dan kun je de link naar het artikel op CloudDock volgen, die ik in de show notes op www.reputatiecoaching.nl/72 heb vermeld.

Google breidt schema.org uit

Ik heb je al vaker verteld over schema.org. Hiermee is het mogelijk om aan de zoekmachines aan te geven wat voor soort data je op een webpagina vertoont: zo is er bijvoorbeeld aparte schema.org markup voor evenementen, recepten, producten, boeken, menu’s, enzovoorts.

Daarnaast is er ook een markup voor bedrijven. Om je een idee te geven, hoe dit er dan uitziet, heb ik in de transcriptie van de podcast de markup beschreven, zoals ik die op de website van Allround Fotografie heb staan:

<span itemscope="" itemtype="schema.org/LocalBusiness">

<a href="https://plus.google.com/+AllroundFotografie" rel="publisher"><span itemprop="name">Allround Fotografie</span></a></span>

<span itemprop=”address” itemscope=”” itemtype=”http://schema.org/PostalAddress”><span itemprop=”streetAddress”>Ketelboetershoek 14</span>
<span itemprop=”postalCode”>7328 JE</span> <span itemprop=”addressLocality”>Apeldoorn</span> (<span itemprop=”addressRegion”>Gelderland</span>)</span>
<span itemprop=”telephone”>
<h3><a title=”telefoonnummer” href=”tel:+31877841336″>087–7841336</a></h3></span>

Zoals je daar ziet moet je er nogal wat extra markup omheen plaatsen. Nu heb ik nog wel een tweetal additionele dingen gedaan. Ten eerste heb ik de bedrijfsnaam gelinkt naar de Google+ pagina en ten tweede heb ik het telefoonnummer clickable gemaakt. Wellicht kende je deze truc nog niet… Specificeer het telefoonnummer op je site als “tel:+31” en je nummer (zonder de 0), dan is het opeens clickable op smartphones, tablets enzovoorts. En als het goed is, wordt dan automatisch gevraagd of het telefoonnummer moet worden gebeld.

Maar goed, Google heeft inmiddels een kleine uitbreiding aangebracht, om bedrijven in staat te stellen onderscheid te maken tussen telefoonnummers van verschillende bedrijfsonderelen, te weten:

  • Customer service
  • Technische support
  • Billing support
  • Bill payment

Voor elk soort telefoonnummer kun je ook nog eens aangeven, of het gratis is, geschikt voor doven en of het nummer wereldwijd aankiesbaar is, of slechts in bepaalde landen.

Als je zelf aan de slag wilt met schema.org, dan kun je op de gelijknamige website alle details lezen, of in de Webmaster Support hoek van Google een aantal schema.org voorbeelden bekijken. De links vind je in de show notes van deze podcast.

Vorige week had ik het ook al over lokale landingpagina’s, maar nu heeft Google recent ook een stuk nuttige content gepubliceerd over het maken van locatiepagina’s voor lokale bedrijven en organisaties.

Checklist voor je on-page SEO

Google Maps logoAls ik het over SEO (ofwel: “Search Engine Optimisation”) heb, heb ik het vrijwel altijd over lokale SEO. Dat is wat je moet doen, om hoger te scoren in de lokale zoekresultaten op Google, je weet wel: die posities “A” tot en met “G” als je naar een product, dienst of specialist in de buurt zoekt.

Dan ga ik er al stilzwijgend van uit dat je je site al goed op orde hebt en dat je er alles aan hebt gedaan om jouw site goed naar voren te laten komen. Maar wat nu, als je geen idee hebt, wat bijdraagt om je site goed te laten scoren? Waar moet je dan beginnen en wat moet je wèl doen en wat juist níet?

Ik zal je aan de hand meenemen langs de belangrijkste zaken en je krijgt van mij een checklist die je op je gemak ook nog eens kunt nalezen op www.reputatiecoaching.nl/72:

  1. Title tags – Je pagina als titel “Home” geven, of “Welkom” of “Welkom bij bedrijf ABC” is een gemiste kans. Evenals je bedrijfsnaam altijd vooraan in de titel plaatsen. Tot voor kort had je slechts zo’n 70 tot 72 karakters om je pagina een titel te geven, maar sinds de update waar ik in podcast 68 over vertelde, waarbij Google de onderstrepingen bij links op de resultaatpagina’s heeft weggehaald, heb je nog maar zo’n 54 posities. Dat is weer een goede 18 karakters minder om je boodschap aan de wereld te tonen. De exacte hoeveelheid wordt bepaald door de letters, want de breedte die een titel tegenwoordig kan innemen is beperkt in het aantal pixels. Zo nemen bijvoorbeeld de hoofdletters “W” en “M” veel meer ruimte in dan een hoofdletter “I”. Gebruik in je titels dus relevante zoektermen, waarop je daadwerkelijk gevonden wilt kunnen worden.
  2. Meta omschrijvingen – Hoewel meta descriptions niet meer van invloed zijn op de ranking van je pagina’s in de zoekresultaten, bepalen ze wel voor een belangrijk deel of Internetters doorklikken of niet. Voor de omschrijving heb je zo’n 156 karakters de ruimte. Beschrijf daarin de inhoud van de pagina kort, maar krachtig. Want die omschrijving is tenslotte (na de titel) het eerste wat mensen over de pagina lezen. Maak het dus een kort verkoopverhaal, zonder te gaan spammen met zoektermen.
  3. Heading tags – Dit zijn de kopjes en tussenkopjes op je pagina, waarmee je lezers helpt om snel de gewenste inhoud te vinden. Je ziet het ook in de transcriptie van elke podcast: daarin gebruik ik ook kopjes om aan te geven welk onderwerp daaronder wordt besproken. Logischerwijs noem ik de kopjes niet, in de podcast zelf, want dat zou wel heel raar klinken. Als jij nog geen H1, H2 en andere heading tags gebruikt, moet je dit toch maar snel eens gaan doen. Zoals voor al het andere geldt ook hier: maak het niet te bont! Blijf je focussen op gebruikers en niet op zoekmachines! In een relatief kort blogbericht dien je slechts één H1 tag te gebruiken, en wellicht meerdere H2 of zelfs H3 tags.
  4. Content – Content is King! Daarmee trap ik een open deur in, ik weet het. Maar pagina’s die geen relevante of unieke content hebben, scoren zo goed als niet meer in de zoekresultaten. Schrijf goede content, waar de lezers iets aan hebben, die ze graag lezen en wees uniek. De tijd van klakkeloos kopiëren van goede content en die op je eigen site plaatsen om daarmee te ranken, is voorbij.
  5. Vermijd dubbele content – Content Management Systemen als WordPress of Joomla, evenals veel shopping cart pakketten kunnen dezelfde content soms op meerdere manieren aanbieden. Dit kan door Google worden gezien als dubbele content en dat is iets wat je wilt voorkomen. Op zich geeft het niet, als bijvoorbeeld hetzelfde product via twee of meer verschillende URLs wordt aangeboden, maar dan moet je wel zogenaamde canonieke URLs gebruiken. Vaak doen de CMS’en dat zelf al, maar het kan geen kwaad om dit eens te controleren. Voor informatie over het gebruiken van canonieke URL’s verwijs ik je graag door naar een artikel van Google. De link hier naartoe heb ik in de show notes opgenomen, want het voert wat ver om te proberen dit in audio uit te leggen.
  6. URL structuur – Standaard staat WordPress ingesteld om blogberichten via een URL in de trant van www.mijnbedrijf.nl/index.php?id= … en dan een nummer. Dat is lang niet zo krachtig als dat blogbericht een echte titel als URL heeft, waarin bij voorkeur ook weer relevante zoektermen in voorkomen. Dit kun je instellen. Dit heb ik lang geleden in podcast 18 en een goed jaar geleden in het artikel “WordPress SEO in 20 stappen” ook al eens uit de doeken gedaan. Daar kun je er ook meer over lezen, dus hoe je dat doet laat ik nu even achterwege.
  7. Crawl fouten – Ik neem aan dat je je site inmiddels toch echt wel hebt aangemeld bij Google Webmaster Tools. Zo niet, dan moet je dat echt doen. Reden hiervoor is, dat dit de enige manier is, waarmee Google eventueel met jou in contact kan treden voor issues met betrekking tot je website of websites. Naast dat Google je daar bijvoorbeeld meldt als je een penalty hebt gekregen voor je site, kun je daar ook zien als de Googlebot bepaalde pagina’s niet kan vinden: de zogenaamde “Crawl fouten”. Dit heeft een negatief effect op je rankings, omdat ontbrekende pagina’s vaak in een negatieve gebruikerservaring resulteren. Je moet dus af en toe eens controleren of Google fouten tegenkomt en die dan fixen. Hoe je bepaalde fouten moet fixen, kan ik je een andere keer vertellen, als je daar behoefte aan hebt.
  8. Controleer je “robots.txt” file – Als je begint met een nieuwe site te maken, is het vaak raadzaam om tijdens je ontwikkeling zoekmachines geen toegang te geven tot je site. Zo voorkom je dat bijvoorbeeld pagina’s andere URL’s krijgen, waardoor ze niet meer vindbaar zijn etc. Maar je moet natuurlijk niet vergeten om de zoekmachines wèl toegang te geven, als je eenmaal klaar bent met je site en je wilt dat deze zoveel mogelijk bezoekers trekt. Wel kun je bijvoorbeeld pagina’s die niet relevant zijn of die je om andere redenen niet in de zoekresultaten wilt, in de robots.txt file uitsluiten. Let op: het is een wens die je aangeeft, je blokkeert hiermee niet daadwerkelijk de toegang tot dat deel van je site!
  9. Smartphone/tablet/desktop vriendelijk – Met andere woorden: zorg ervoor dat je site op alle apparaten goed leesbaar is. Je kunt in deze tijd als bedrijf niet meer wegkomen met een site die alleen op desktops goed te lezen is… Echt niet! Want vergeet niet dat Google verwacht dat eind dit jaar meer zoekpogingen vanaf mobiele apparaten komen, dan vanaf vaste desktops! Je hebt grofweg twee mogelijkheden: een dedicated mobiele site, of een zogenaamde responsive design website. Over het algemeen verdient de tweede optie “een responsive website” de voorkeur. Daarbij past de weergave automatisch aan, afhankelijk van het apparaat waar je de site op bekijkt.
  10. Laadsnelheid – Het is essentieel dat pagina’s niet alleen snel laden op desktops, maar ook op mobiele apparaten. Vaak laden pagina’s langzaam door een overbelaste server, door onnodig grote afbeeldingen of als gevolg van de slechte performance van bepaalde plugins, in het geval van WordPress. Houd daarom de bestandsgrootte van afbeeldingen in de gaten: zorg ervoor dat ze niet onnodig groot zijn en controleer de performance van je WordPress plugins. Om de performance van je WordPress plugins te bekijken gaf ik je in de podcast van vorige week de tip om de plugin P3 Profiler te installeren. Die geeft potentiële bottlenecks goed aan.
  11. Interne linking – Link ook veel intern in je site naar andere artikelen. Zo breng je bepaalde (wellicht oude) pagina’s ook weer eens onder de aandacht van de lezers van je content. Het is inmiddels wel duidelijk: ik link me behoorlijk suf tussen alle podcasts en artikelen. Bovendien gebruik ik de plugin “YARPP” (dat staat voor: “Yet Another Related Posts Plugin”), waarmee ik aan het einde van elk blogbericht ook nog eens automatisch laat verwijzen naar gerelateerde content.

WordPress Plugin-tip: “WP Smush.it”

compress-imageZojuist had ik het over het optimaliseren van afbeeldingen. Daar wil ik nog even verder op in gaan, en dan voornamelijk op een heel nuttige plugin, genaamd “WP Smush.it”. In podcast 24 heb ik ooit in één zin deze plugin een keertje genoemd. Maar evenals P3 Profiler is dit ook zo’n plugin die ik je echt kan aanraden!

Waarom? Nou, natuurlijk kun je zelf in je favoriete foto-editor proberen de bestandsgroote van al je afbeeldingen zo ver mogelijk te verkleinen. Maar dat is erg tijdrovend. Een alternatief is om elke afbeelding te uploaden naar www.smushit.com. Dat is een website van Yahoo! die je afbeeldingen zonder kwaliteitsverlies zo ver mogelijk in grootte reduceert. Ook dat kost je veel tijd!

Als je de plugin “WP Smush.it” installeert en activeert in je WordPress blog, dan hoef je je nergens om te bekommeren, want dan wordt dit automatisch voor je gedaan! De plugin stuurt elke afbeelding die je uploadt naar www.smushit.com en bewaart de geoptimaliseerde versie voor je, zonder dat dit een negatief effect heeft op de kwaliteit van je image. Ook reeds geüploade afbeeldingen kun je alsnog door smush.it laten verkleinen.

Let op! www.smushit.com verwijdert ook eventuele metadata van je foto’s!! Dus als het jouw doel is om in de toekomst je foto’s wellicht beter vindbaar te maken door elke foto vóór het uploaden te voorzien van metadata, dan moet je deze plugin niet gebruiken! In elk geval niet automatisch in de achtergrond!

Een korte bonustip die voor elke website en voor elk CMS geldt. Ik zie maar al te vaak dat mensen veel te grote afbeeldingen uploaden en die dan verkleind laten weergeven in de browser. De browser moet dan dus eerst de onnodig grote afbeelding downloaden, waarna de afbeelding dan ook nog eens kleiner moet worden weergegeven. Zowel het downloaden van al die overtollige bytes, als het verkleind weergeven van de foto kost onnodig tijd… Tijd die een gebruiker dus niet zou hoeven te wachten, als je het goed zou hebben gedaan.

Upload foto’s in precies de juiste afmetingen voor je artikel of pagina, nadat je ze ook nog eens zo ver mogelijk verkleind hebt, qua bestandsgrootte. Ook dit resulteert in een betere gebruikerservaring en wellicht in betere rankings. In elk geval zal de laadsnelheid van je pagina toenemen, of beter gezegd: de laadtijd van de pagina zal afnemen.

Met deze on-page SEO checklist en de twee tips voor het optimaliseren van je afbeeldingen kom ik dan weer aan het einde van deze podcast.

Als je de podcast leuk vindt en je hebt inderdaad wat aan alle informatie die ik met je deel, help mij dan met het verder verbeteren en promoten van deze podcast. Surf dan naar iTunes of Stitcher, geef de podcast een sterrenbeoordeling en geef ook je reactie. Door de podcast te beoordelen op iTunes en/of Stitcher breng je de podcast onder de aandacht van een breder publiek.

Je kunt me verder helpen, door de podcast aan te bevelen bij vrienden of collega’s, waarvan je denkt dat ze er hun voordeel mee kunnen doen, of door ’m te delen op Twitter, like’n en delen op Facebook of een “+1” te geven op Google+.

En vergeet niet: ik ben hier om je te helpen! Als je een vraag of een probleem hebt met betrekking tot je online reputatie of de vindbaarheid van je website, kun je een mailtje sturen naar podcast@reputatiecoaching.nl.

Als je dat te lastig vindt, of als je de podcast beluistert terwijl je in de auto zit en je hebt acuut een vraag, spreek dan een boodschap in op de ReputatieCoaching Hotline, op nummer: 084 – 883 15 56. Mogelijk behandel ik je vraag of probleem dan in een artikel of in de podcast.

En je kunt ook rechtstreeks op de website een voicemail achterlaten, door op de tab aan de rechterkant van elke pagina te klikken, en je bericht in te spreken. Dit was ReputatieCoaching Podcast aflevering 72 en mijn naam is Eduard de Boer.

Ik wens je de komende week weer succes met het werken aan je reputatie, zodat je meteen je reputatie voor jou kunt laten werken!

Tot volgende week!

Doei!

Links naar content die in deze podcast aan bod komt:

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.

Mobiele website? Hoezo?

Een veelgehoord antwoord als je ondernemers vraagt of zij al een mobiele of mobielvriendelijke website hebben, is: “Mobiele site? Hoezo? Mijn klanten vinden mij niet mobiel!”. Ik krijg ook dikwijls de vraag of het zin heeft een mobiele site te maken, naast de standaard website of het standaard weblog.

Hoezo een mobiele website?In 2008 voorspelde Forrester Research nog dat in 2013 maar liefst 125 miljoen Europeanen regelmatig het web zouden afspeuren op hun mobiele apparaat.

Dat dit soort spannende en hooggespannen verwachtingen zelfs nog kan worden overtroffen blijkt gewoon uit de realiteit: er waren per 1 januari 2012 in West- en Oost-Europa gecombineerd meer dan 740 miljoen mobiele telefoons, waarvan meer dan 40% (= 296 miljoen) smartphones.

Veel bedrijven trekken het nut en het rendement van een mobiele website of een eigen mobiele app in twijfel en op zich is dat logisch. Het kost extra geld, moeite en men vraagt zich af of deze kosten en inspanningen wel opwegen tegen de mogelijke extra inkomsten.

Maar als je onderstaande statistieken ook nog eens leest en de bijgestelde groeicijfers voor de komende paar jaar bekijkt, dan zul je tot het inzicht komen dat je in deze tijd eigenlijk niet meer zonder een mobiele of mobielvriendelijke website kunt!

Als je website nog niet goed te bekijken is op mobiele apparaten, dan moet je je langzaamaan toch zorgen gaan maken en acties uitzetten om dit te realiseren. Het zal namelijk niet zo lang meer duren voor het mobiele datagebruik voor het raadplegen van sites (en blogs) de hoeveelheid gebruik van het vaste netwerk overstijgt!

Mobiele statistieken

Wat recente statistieken over mobiel Internet gebruik:

  • Aan het eind van 2011 waren er bijna 6 miljard mobiele abonnementen wereldwijd (87% van de wereldbevolking!)
  • Er zijn meer dan 1 miljard smartphones in gebruik
  • Het mobiele datagebruik verdubbelt bijna elk jaar
  • 54% van de mobiele gebruikers zoekt tenminste 1x per dag iets over een product, dienst of bedrijf op zijn/haar smartphone
  • 39% van de mobiele gebruikers leest eerst online reviews over een product, voordat hij/zij het aanschaft als een impulsaankoop

Als je je website of weblog op WordPress hebt gebaseerd (of een WordPress blog gaat opzetten) kun je relatief snel en eenvoudig zorgen dat je website ook goed te lezen is op mobiele apparaten. Kies daartoe een “fluid” of “responsive” thema voor je site. Dan is je site meteen goed op desktopbrowsers, op tablets èn op smartphones!

Mocht je te hebben gepland om volgend jaar je website een make-over te (laten) geven, dan is het algemene advies om nog even te wachten en niet meteen je site om te gooien en er een “responsive” site van te maken. Een nieuwe site laten ontwerpen en neerzetten is namelijk ongeveer net zo duur als het omzetten van een klassieke website naar een “responsive” site.

Hieronder zie je een voorbeeld van hoe de Starbucks website op ieder formaat beeldscherm werkt:

Starbucks responsive website voorbeeld

Een paar goede (Engelstalige) artikelen over de groei van mobiele telefoons en smartphones:

Op Pinterest vond ik een leuke infographic over smartphone statistieken van 24 januari 2012:

 

 

En heb jij al een mobiele website? Of ben je van plan een mobiele of mobielvriendelijke website te gaan inrichten? Laat hieronder je mening achter!

Eduard de Boer is reputatiecoach, schrijver, blogger, fotograaf en lokale SEO-specialist.